Uit: Ravage #1, 14 januari 2000
Sociale bewegingen als lifestyleleveranciers
In het digitale tijdperk kunnen sociale bewegingen die een nieuwe lifestyle bieden op grote sympathie rekenen. Dit betekent echter niet dat mensen ook actief worden in deze bewegingen.
De informatietechnologie heeft de wereld letterlijk en figuurlijk kleiner gemaakt. Volgens de Amerikaans‑Spaanse socioloog Manuel Castells heeft deze digitale revolutie op sociaal gebied even grote gevolgen als de industriële revolutie eind vorige eeuw. In het driedelig epos The information age: economy, society and culture zet Castells de theorie uiteen dat individuen in digitale netwerken, net zoals bedrijven, organisaties en geldstromen die traditioneel gezien voornamelijk regionaal geconcentreerd waren, wereldwijd bij elkaar gebracht worden zonder vaste tijd of plaats. Decentralisatie en desintegratie van bestaande structuren zijn het gevolg van deze ingrijpende veranderingen. Nieuwe zeer flexibele sociale structuren ontstaan en verschijnen in sneller tempo dan de meeste van ons ooit voor mogelijk gehouden hadden. Mensen zijn hierdoor steeds minder afhankelijk van de vroeger zo belangrijke sociale contacten en organisaties. En dus, zegt Castells, ontstaat de behoefte zichzelf te profileren om emotioneel te overleven in een steeds veranderende omgeving.
Castells is momenteel hoogleraar sociologie aan de universiteit van Berkeley in Californië, maar zijn wortels liggen in de Spaanse actiewereld. In 1962 werd hij op twintigjarige leeftijd door Franco uit Spanje verbannen wegens zijn 'subversieve activiteiten' als studentenleider. Inmiddels is hij in zijn thuisland gerehabiliteerd als hoogleraar aan de Spaanse nationale raad voor wetenschappelijk onderzoek.
Castells' analyse van de gevolgen van de digitale revolutie is interessant, allesomvattend en indrukwekkend. Hoewel hij geen oplossingen biedt, legt hij verbanden tussen alle grote problemen die het gevolg zijn van die digitale revolutie. Of zoals hij het zelf pleegt samen te vatten: "De opkomst van de digitale samenleving leidt niet tot een global village, maar tot een wereldwijde productie van op maat gemaakte dorpswoningen."
Digitaal kapitalisme
De wereldwijde netwerken die de laatste twintig jaren opgekomen zijn, zoals internet, hebben er volgens Castells onder meer toe geleid dat min of meer losstaande en zelfstandig opererende economieën verworden zijn tot één grote wereldeconomie, die een volstrekt eigen dynamiek heeft. Waar vroeger nog landsgrenzen, reputaties en tradities vraag en aanbod van producten voor de consument beïnvloedden, biedt de enorme hoeveelheid beschikbare informatie nieuwe mogelijkheden voor productie en consumptie. Castells spreekt in dit verband over digitaal kapitalisme; een mondiale en rond een netwerk van digitale en dus onzichtbaar geld gestructureerde drijvende kracht achter de nieuwe wereldeconomie.
Tijdens een congres over nieuwe media in het Amsterdamse Vormgevingsinstituut in 1997 legde hij het ietwat vage begrip digitaal kapitalisme uit: "Netwerken, en zeker digitale, zijn erg dynamische en flexibele organisatievormen. Ze maken in bedrijven en organisaties steeds meer de dienst uit wat betreft productie, management en distributie. Contacten tussen bedrijven, die altijd op zoek zijn naar optimale productie en winst, verdwijnen even snel als ze ontstaan. Alles kan waar dan ook ter wereld gemaakt worden. De concurrentie is moordend. Elk moment kan een schakel in de keten worden veranderd of worden vervangen. Onzichtbaar geld reist als compensatie de hele wereld over. Het is een extreme vorm van marktwerking." Voor mensen en groepen mensen is dit proces hetzelfde. Contacten zijn niet alleen sneller gelegd, ze zijn ook vluchtiger van aard dan in de tijd voor de digitale revolutie.
Castells: "Als je als consument of producent iets kunt betekenen, ben je snel een onderdeel van het netwerk, ongeacht plaats of tijd. De grenzen tussen Eerste, Tweede en Derde Wereld verdwijnen langzaam." Je kunt in de Derde Wereld immers meedoen aan het hele circus als je als consument of producent wat betekent. Daarentegen kun je ook in de Eerste Wereld simpelweg buitenspel staan. Het leggen van het beste contact is steeds belangrijker maar vooral steeds makkelijker geworden. De waarde die de contacten hebben, daalt echter met de dag. Dit is een supranationaal proces; het overstijgt alle geologische en geografische grenzen zonder moeite.
Het dagelijks leven van mensen speelt zich echter gelukkig nog steeds regionaal af in hun eigen cultuur. Dat is de belangrijkste reden waarom mensen in de eigen regio blijven werken. Mensen reizen begrijpelijkerwijs nog steeds niet gemakkelijk even een baan achterna als ze daarvoor de halve wereld over moeten. Ze zijn daardoor gedwongen steeds vaker van baan en daarmee van sociale structuur te verwisselen. Hun afhankelijkheid van hun werkgevers neemt toe, terwijl hun sociale leven zich na elke wisseling iets verslechterd. In toenemende mate geeft globalisering van de economie een gevoel van machteloosheid in het persoonlijke leven. Castells: "Alles wat voor mensen belangrijk lijkt, is mondiaal. Werkroosters en deeltijdwerk bedreigen het gezinsleven. Als mens wordt de werknemer een sociaal arm dier. Daarmee ontstaat voor mensen de noodzaak zich uit te drukken, te profileren."
Afbraak
Een belangrijke rol daarin spelen de massamedia. Of liever gezegd: de afbraak daarvan. De afgelopen tien jaar zijn de media als reactie op de digitale revolutie verworden van een klein aantal informatiebronnen voor miljoenen tot miljoenen informatiebronnen voor kleine doelgroepen. Door kabels, satellieten en netwerken heeft een ieder beschikking over het nieuws naar zijn keuze. Mensen kunnen hun eigen nieuws en informatie samenstellen uit het enorme aanbod en non‑nieuws maakt steeds vaker deel uit van de overal aanwezige media. Dit enorme aanbod maakt het echter ook mogelijk meer contact te hebben met vrienden die duizenden kilometers ver weg wonen, terwijl de buurman een volslagen vreemde wordt.
Castells: "In deze nieuwe cultuur kunnen mensen weliswaar hun eigen leven construeren, maar die vrijheid is vals. De openheid, het individualisme en de dynamiek die met deze netwerksamenleving samengaan, zijn namelijk opgelegd door de als gevolg van de digitale revolutie op mondiaal niveau ontstane samenwerkingsverbanden. Het gevolg is dus extreme sociale differentiatie en eenzaamheid op grote schaal."
Manuel Castells houdt het erop dat mensen op twee verschillende manieren kunnen reageren op deze ingrijpende sociale ontwikkeling. Een kleine groep zal zich volgens hem vol overgave storten op vroegere structuren en die nieuw leven inblazen. Hij ziet rond oude identiteiten als geboortegrond, etniciteit, sekse, God, gezin en vaderland nieuwe verbanden ontstaan.
De gevolgen zijn religieus fundamentalisme, extreem feminisme en nationalisme. Overigens ziet hij die niet uitsluitend als negatieve verschijnselen. De meeste mensen echter zullen proberen zichzelf overeind te houden in steeds wisselende netwerken. Om die doorlopende verandering te kunnen doorstaan, moeten ze zich volgens Castells steeds duidelijker profileren. Om zichzelf staande te houden, moeten ze zich steeds duidelijker manifesteren als een individu. Lifestyle wordt dus een belangrijk onderdeel van het jezelf kunnen en moeten zijn. De macht van het vormen van die lifestyle ziet Castells vooral in de codes van informatie en in representatieve beelden waar mensen zich mee kunnen associëren: "Mensen hebben symbolisme nodig. Het mediasysteem en de televisie zijn onze realiteit. Beelden worden steeds belangrijker. De mens is nu eenmaal visueel ingesteld" Kortom: om zichzelf een eigen identiteit te geven, associëren mensen zich met de beelden die henzelf individualiteit verschaffen, die hen zeggen wat zij zelf zouden willen zeggen. Die doen wat ze eigenlijk zelf zouden willen doen.
Identiteit
De Spaans‑Amerikaanse socioloog meent dat zelfs alle realiteitszin die mensen hebben, gebaseerd is op beelden: "Door beelden zijn charismatische figuren en sociale bewegingen die nieuwe codes bieden, zoals de milieubeweging, de vrouwenbeweging en religieuze bewegingen, steeds belangrijker. Mensen kunnen zich niet langer vinden in de in hun ogen achterhaalde ideologieën of in officiële religies. Door de toegenomen vormende werking van beelden echter associëren zij zich wel met charismatische personen en organisaties die hun wortels niet hebben in de traditionele sociale structuren, zoals milieuorganisaties en onafhankelijke mensenrechtenorganisaties."
Bij gebrek aan eigen identiteit, zoeken mensen dus kennelijk hun eigen identiteit in die van anderen. Identificatie met een doel of een beweging, leidt tot een bepaald gedrag. Voor zover het de milieubeweging betreft, zal iemand beginnen met de meest passieve vorm van actievoeren waardoor hij zich kan identificeren met die beweging: milieubewuster gaan consumeren. De kans dat hij of zij actief zal worden in een beweging zelf, is echter klein. Associatie met de beelden die de beweging oproept zijn immers al voldoende voor zelfprofilatie. Bovendien kost de weg van passieve associatie, in tegenstelling van die van actieve deelname aan een dergelijke organisatie, slechts weinig inspanning.
Ethisch bewust consumeren is daarmee voor een groot gedeelte van de bevolking niet een bewuste keuze, maar slechts een bijkomend symptoom van de verregaande sociale veranderingen die ten gevolge van de digitale revolutie wereldwijd plaatsvinden. De draagkracht die onder andere milieugroeperingen in die bewuste consumenten zien, is inderdaad aanwezig. Of zij echter van blijvende aard is, zal de toekomst leren.
Eric Munk
Manuel Castells, The information age: economy, society and culture. Volume I: The rise of the network society (1996). Volume II: The power of identity (1997). Volume III: End of millennium (1998). Blackwell Publishers, Oxford