Arbeidsomstandigheden
productie mobieltjes erbarmelijk
AMSTERDAM,
24 november 2006 - Mobiele telefoons worden veelal onder slechte arbeidsomstandigheden
geproduceerd. Zo veroorzaakt het onbeschermd werken met chemicaliën
in fabrieken in Azië die onderdelen voor Nokia en Motorola produceren
chronische fysieke klachten en een hoog loodgehalte in het bloed van
de arbeiders.
In
een Chinese fabriek leidde dit tot zware vergiftiging van negen arbeiders
en een abortus bij één van hen. Dit blijkt uit een voorpublicatie
(pdf) van een rapport van de Stichting Onderzoek Multinationale Ondernemingen
(SOMO), waarin misstanden worden belicht in de Chinese, Thaise, Filippijnse
en Indiaanse fabrieken van de vijf grootste mobiele telefoonmerken.
SOMO
onderzocht de productie van mobiele telefoons van de vijf bekendste
telefoonmerken, te weten Nokia, Motorola, Samsung, Sony-Ericson en LG.
Het onderzoek vergeleek het beleid voor Maatschappelijk Verantwoord
Ondernemen van de merken met de werkelijke omstandigheden in de fabrieken
van toeleveranciers in China, India, Thailand en Fillipijnen.
"Met
name in Chinese en Thaise fabrieken waar onderdelen voor mobiele telefoons
worden gemaakt worden de nationale en internationale afspraken omtrent
arbeidsvoorwaarden, gezondheid en veiligheid in grote mate geschonden.
Initiatieven van werknemers voor verbeteringen worden door de fabriekseigenaren
tegengewerkt", meldt SOMO-onderzoeker Joseph Wilde.
Het
onderzoek toont aan dat de lonen vaak onder het minimumloon liggen en
vakanties en ziekteverlof niet worden uitbetaald. Werknemers werken
standaard twee tot vijf overuren per dag met onvoldoende compensatie.
De gezondheids- en veiligheidsmaatregelen zijn in de meeste fabrieken
niet adequaat: er is te weinig ventilatie, geen goede bescherming en
instructie voor het werken met giftige stoffen ontbreken. De werknemers
leiden aan chronische fysieke klachten.
In
een fabriek in één van de vrijhandelszones in China, die onder andere
produceert voor Motorola, stuitten de onderzoekers op negen zwaar vergiftigde
arbeiders door het onbeschermd werken met chemicaliën. Eén van de vrouwen
was zwanger en moest een abortus ondergaan door de complicaties van
de vergiftiging. Het management van de fabriek weigerde in eerste instantie
medische behandeling en de vrouwen zijn niet adequaat gecompenseerd
voor hun ziekteperiode.
In
een fabriek in Thailand, waar onderdelen voor Nokia worden gemaakt,
werken de arbeiders met zeer giftige stoffen, waaronder lood bevattend
soldeersel, maar moeten zelf beschermkapjes en handschoenen kopen omdat
het bedrijf bespaart op de overhead. De arbeiders krijgen melk
verstrekt om de chemische stoffen uit het bloed te filteren. Arbeiders
die ziek naar het ziekenhuis gingen, kregen echter te horen dat zij
een gevaarlijke hoeveelheid gif in het bloed hadden.