|
15 januari
2012
Pijnlijke
en ongemakkelijke film over een moeder die misbruik maakt van
haar pre-puberale dochter.
Semi-autobiografische films zijn vaak pijnlijke en problematische
films om naar te kijken. Afrekeningen van kinderen met hun ouders
zijn klassiek in het genre. Het zijn dikwijls therapeutische oefeningen
die soms minder geschikt zijn voor openbare vertoning. En I'm
Not a F**king Princess is tamelijk onbehaaglijk.
Dat
komt door het onderwerp: moeder maakt suggestieve foto's van haar
pre-puberale dochter. Regisseur Eva Ionesco gebruikt haar debuutfilm
bovendien als afrekening met haar eigen gehate moeder die van
haar dochter semi-erotische foto's maakte in de jaren '70.
In
die tijd was veel meer mogelijk wat betreft kinderen en bloot.
Pedofilie had nog niet de negatieve lading van nu. Moeder Irina
Ionesco had succes met haar foto's van Eva; kunstliefhebbers en
pedofielen waren haar doelgroep. Volgens de film moet de jeugd
van Eva een hel zijn geweest. Ze begon voor haar moeder te poseren
toen ze vier jaar was. Evengoed had ze als kind diva-neigingen,
en toont de film de harde confrontaties tussen moeder en dochter.

Overigens
had het kind wel degelijk in de gaten wanneer er scheidslijnen
overschreden werden. De scheidslijn tussen suggestief poseren
en erotische exploitatie is erg dun. Eva, getooid in kanten princessenjurken
met een blote schouder en opgemaakt en gekapt als een volwassen
vrouw, heeft toch een confronterend karakter.
Opgenomen
worden in de wereld van de volwassenen moet voor het meisje verleidelijk
zijn geweest. Evenzeer het feit dat de jeugd haar werd afgepakt,
zal een traumatisch effect hebben gehad. Pijnlijk is het zeker
om Eva zwaar opgemaakt en in hotpants naar school te zien gaan.
De film confronteert de kijker keer op keer met dingen die men
eigenlijk niet wil zien.
Feit
is wel dat het allemaal met enige distantie gefilmd is. Dat maakt
het exhibitionisme van Ionesco nog enigszins te pruimen. Dat ze
als filmmaker debuteert is duidelijk te zien, haar beheersing
van film-grammatica laat duidelijk te wensen over. Zomaar lukraak
scènes achter elkaar plakken, zonder dramatische spanningsboog,
wreekt zich vooral in het tweede deel van de film.

Geslaagde
elementen van de film zijn de aankleding en kostumering, en het
acteerwerk van beide actrices. Isabelle Huppert speelt moeder
Hannah op haar eigen onnavolgbare wijze, zowel kil als laconiek.
Ze is een lijzige ijskoningin. Dochter Eva wordt formidabel gespeeld
door nieuwkomer Violetta Vartolomei die tien jaar was tijdens
de opnamen van de film. Zij geeft veterane Huppert overtuigend
tegenspel.
De
film roept herinneringen op aan Pretty Baby (1978) van
de Franse regisseur Louis Malle. Toentertijd riep deze film weerstand
op omdat ook hier een Lolita te zien is. In Pretty Baby
leven moeder en dochter van twaalf in een bordeel in New Orleans.
Het gaat hier eveneens over het volwassen worden van een prepuberaal
meisje. Het meisje, prachtig gespeeld door de toen 12-jarige Brooke
Shields, is het ene moment een kind met haar pop, het andere moment
is zij in groteske make-up opgemaakt als een volwassen vrouw.
Een
ongemakkelijk moment is wanneer het meisje wordt geveild, de hoogste
bieder mag haar ontmaagden. Door de terughoudende wijze waarop
regisseur Malle dit, en de rest van verhaal in beeld heeft gebracht,
vervalt Pretty Baby nergens in goedkoop exhibitionisme.
En zeker niet in exploitatie van een kind. Malle was een regisseur
die taboe doorbrekende onderwerpen toch op een integere wijze
wist te filmen. Die kwaliteit is zeldzaam in de huidige cinema.
Ulrik
van Tongeren
I'm Not a F**king Princess/My little Princess (Cinemien, 2011),
nu in de bioscopen.
●
Meer
filmrecensies uit 2012
-
- - - - - - - - - - -
-
- - - - - - - - - - -
Geef
je mening:
Home
.
.
|