AMSTERDAM,
17 DEC 2008 – Komend jaar stijgt het defensiebudget van Marokko tot 16
procent van de overheidsbegroting. Voor de modernisering van de krijgsmacht
worden onder meer peperdure Nederlandse Sigma-fregatten aangeschaft, meldt
Campagne tegen Wapenhandel.
Het
Marokkaanse parlement is akkoord gegaan met een bedrag van 3.11 miljard
euro voor Defensie. Daar bovenop is een bedrag vrijgemaakt van 5.8 miljard
euro voor modernisering van de krijgsmacht. In de VS heeft Marokko 24
F-16 gevechtsvliegtuigen besteld, terwijl Frankrijk een FREMM commandofregat
ter waarde van 470 miljoen euro levert.
Ook
bij de Nederlandse scheepswerf De Schelde is een order geplaatst, en wel
voor drie Sigma-fregatten met een geschatte waarde van ruim 800 miljoen
euro. Nederland stelt voor de aankoop van de drie Nederlandse fregatten
een exportkredietgarantie van 848 miljoen euro ter beschikking. Mocht
Marokko de schepen uiteindelijk niet kunnen betalen, dan neemt de overheid
de schuldvordering over.
Waarom
Marokko overgaat tot deze wapenaankopen is onduidelijk, meldt Campagne
tegen Wapenhandel (CtW). "De enig denkbare 'vijand' van Marokko is
aartsrivaal Algerije, door Marokko gezien als grootste struikelblok bij
de internationale erkenning van haar aanspraak op de westelijke Sahara",
aldus CtW. Algerije heeft de laatste jaren flink verdiend aan de gestegen
olieprijs en heeft daarvan veel aan bewapening uitgegeven.
Een
andere reden voor de megawapenorders zou kunnen zijn dat Marokko en de
NAVO nauwer willen samenwerken. Daarvoor moet Marokko 'NATO-compatible'
worden. Sinds 2 juni 2008 neemt Marokko officieel deel aan de NAVO-operatie
Active Endeavour, ingesteld na 11 september 2001, waarbij marineschepen
patrouilleren in de Middellandse Zee en de Straat van Gibraltar.
Ongeveer
gelijktijdig werd bekend dat Marokko de komende vijf jaar meer dan een
miljard euro zal ontvangen uit het EU steunfonds voor European Neighbourhood
Policy, waaraan ook Nederland bijdraagt. Volgens de Campagne tegen Wapenhandel
is de levering van de Nederlandse fregatten in strijd met criterium 8
van de Gedragscode Wapenexport en een voorbeeld van "incoherent ontwikkelingsbeleid."