JERUZALEM,
1 december 2007 - Het Israëlische hooggerechtshof heeft de regering toestemming
gegeven om de levering van brandstof aan de Gazastrook verder te beperken.
Het gaat om sancties tegen de raketaanvallen vanuit de Gazastrook. De
stroomvoorziening moet wel op hetzelfde peil blijven.
Volgens
het arrest van het hooggerechtshof 'zou de beperking van de leveringen
de humanitaire verplichtingen van Israël in de Gazastrook niet aantasten'.
In september riep Israël de Gazastrook uit tot 'vijandige entiteit'. Vorige
maand beval defensieminister Ehud Barak de brandstofbevoorrading naar
Gaza af te sluiten. De brandstof bevoorraadde de enige generator in Gaza,
die instaat voor een derde van de elektriciteit.
Israël
was van plan zondag een soortgelijke beperking te beginnen van de stroomvoorziening,
maar een coalitie van mensenrechtengroepen stapte naar het hooggerechtshof.
Het hof argumenteert dat de Israëlische regering niet duidelijk genoeg
maakt welke sectoren en vitale installaties door een stroombeperking zouden
worden getroffen.
Het
hooggerechtshof heeft de regering twaalf dagen de tijd gegeven om uit
te leggen hoe ook een vermindering van de elektriciteitsbevoorrading niet
alle 1,5 miljoen Palestijnen in de Gazastrook zou treffen. 'Collectieve
bestraffing' is volgens het internationaal recht een ernstige misdaad.
Het
VN-agentschap voor hulp aan de Palestijnse vluchtelingen (UNRWA) heeft
eerder deze maand gewaarschuwd voor de 'ijzingwekkende gevolgen' van een
vermindering van de brandstofbevoorrading naar de Gazastrook.