Komende
zomer vormt Peking het middelpunt van de Olympische Spelen. De organisatie
Verslaggevers zonder Grenzen acht het noodzakelijk dat in de aanloop hiervan
het IOC, atleten en sportliefhebbers zich kritisch uit zullen laten over
de talloze schendingen van fundamentele vrijheden in China.
door
Verslaggevers zonder Grenzen
Sinds
het Internationaal Olympisch Comité (IOC) op 13 juli 2001 de Olympische
Spelen aan Peking toewees, heeft de Chinese politie het hardhandige optreden
tegen 'subversieve elementen', met inbegrip van de gebruikers van internet
en journalisten, geïntensiveerd.
Zes
jaar later is er niets veranderd. Ondanks het ontbreken van enige vorm
van significante vooruitgang op het gebied van de vrijheid van meningsuiting
en de rechten van de mens, blijven de leden van het IOC doof voor herhaalde
boodschappen aan hun adres van internationale organisaties die de grootschalige
onderdrukking in China veroordelen.
Censuur
Vanaf
het begin heeft de organisatie Verslaggevers
zonder Grenzen (Reporters Without Borders) zich verzet tegen het houden
van de Olympische Spelen in Peking. Nu, een klein jaar voor de openingsceremonie,
is het duidelijk dat de Chinese overheid de media en internet nog immer
als strategische sectoren beschouwt. De ministeries van Propaganda en
Openbare Veiligheid en de cyberpolitie passen op zorgvuldige wijze censuur
toe.
Tenminste
dertig journalisten en vijftig internetgebruikers worden momenteel vastgehouden
in China, sommigen al sinds de jaren '80. De overheid blokkeert de toegang
tot duizenden nieuws-websites. Het blokkeert de Chinees-, Tibetaans- en
de Oeigoertalige programma's van tien internationale radiostations.
Aanhanger
van de Falungong wordt aangehouden
Na
zich aanvankelijk te hebben gefocust op websites en internetfora, concentreren
de autoriteiten zich nu op weblogs en video-uitwisselings websites. De
diensten in China die weblogs aanbieden, filteren sleutelwoorden die als
'subversief' worden beschouwd, waarna ze door de censoren worden geblokkeerd.
Hoewel
de spelregels voor buitenlandse journalisten enigszins lijken te zijn
versoepeld, is het voor de internationale pers nog steeds niet mogelijk
om Chinese journalisten in dienst te nemen, of zich vrijuit in Tibet en
Xinjiang te begeven.
Loze
beloften
De
Chinese overheid beloofde destijds aan het IOC en de internationale gemeenschappen
concrete verbeteringen van de mensenrechten in hun pogingen om de Olympische
Spelen in 2008 naar Peking te halen. Maar zodra de Spelen binnen waren
gehaald, veranderden de Chinese autoriteiten hun toon.
Vier
dagen na de IOC-stemming in 2001, verkondigde vice-premier Li Langing
dat de 'Chinese Olympische overwinning' het land zou moeten aanmoedigen
om zijn 'gezonde' levensstandaard te handhaven. Dit door problemen te
bestrijden zoals de geestelijke 'misdadige' beweging Falungong. Duizenden
aanhangers van Falungong zijn sindsdien gevangen gezet, nadat de beweging
werd verboden. Minstens honderd aanhangers zijn in gevangenschap onder
duistere omstandigheden om het leven gekomen.
Korte
tijd later was het de beurt aan de voormalige vice-premier Hu Jintao (thans
president), die zei dat het voor de 'triomf van Peking' cruciaal was om
op ondubbelzinnig wijze te strijden tegen de separatistische krachten
die door de Dalai Lama en de anti-Chinese bewegingen in de wereld worden
losgemaakt.
In
de noord-westelijke regio van China, waar een aanzienlijke moslimminderheid
leeft, lieten de autoriteiten in de provincie Xinjiang (*)
Oeigoeren executeren wegens separatisme. Tot slot kregen politie en de
gerechtelijke instanties opdracht om de 'Hit Hard' campagne tegen de misdaad
uit te voeren. Elk jaar worden duizenden Chinezen publiekelijk geëxecuteerd,
veelal in stadions, door middel van een kogel in de achterzijde van de
hals of met een dodelijke injectie.
Repressie
houdt aan
De
regeringen van democratische landen die nog steeds hopen dat de Olympische
Spelen een bijdrage zullen leveren aan een verbetering van de mensenrechten
in China, hebben zich vergist, 'Constructieve dialogen', zoals door sommigen
worden bepleit, leiden nergens toe.
De
onderdrukking van journalisten en cyberdissidenten is gedurende de afgelopen
zeven jaar niet verminderd. Alles wijst erop dat deze repressie verder
gaat. Het IOC heeft de Chinese overheid een opdracht gegeven die met de
nodige ijver zal worden uitgevoerd: het organiseren van een veilige Olympische
Spelen. De overheid vertaalt dit door meer arrestaties van dissidenten
uit te voeren, meer censuur toe te passen en een verbod op sociale protestbewegingen
uit te vaardigen.
Publieksactie
van Verslaggevers zonder Grenzen in New York
Dit
is geen poging om het sportieve feest te bedreven, of de Spelen in gijzeling
te nemen. Hoe dan ook is het China dat de spelen en de Olympische gedachte
heeft gegijzeld, met instemming van het IOC. Het is nu aan de wereldsportorganisaties
om zich in het openbaar uit te spreken over de hardnekkige wens van de
Chinese burgers om eindelijk te kunnen genieten van vrijheden waar men
al jaren naar hunkert.
Het
Olympisch Handvest zegt dat sport zich "ten dienste van de harmonische
ontwikkeling van de mens moet stellen, een vreedzame maatschappij moet
zien te bevorderen met behoud van de menselijke waardigheid". De
atleten en de sportliefhebbers hebben het recht en de plicht om dit handvest
te verdedigen. Het IOC zou wat moed moeten tonen en alles wat mogelijk
is moeten ondernemen om ervoor te zorgen dat de Olympische waarden niet
zonder tegenspraak door de Chinese organisatoren worden afgewezen.
Oproep
tot protest
Het
IOC verkeert momenteel in de beste positie om concrete welwillende gebaren
van de Chinese overheid te eisen. Het zou een significante verbetering
van de rechten van de mens moeten eisen voordat de openingsceremonie op
8 augustus 2008 plaats mag vinden. Tegelijkertijd zou het IOC zou haar
oren niet moeten laten hangen naar de commerciële belangen van al die
landen en bedrijven die China als een vitale economische markt zien.
Verslaggevers
zonder Grenzen nodigt de nationale Olympische Commissies, het IOC, de
atleten, de sportliefhebbers en mensenrechtenactivisten uit om hun bezorgdheid
over de talloze schendingen van elke fundamentele vrijheid in China in
het openbaar uit te spreken.
Nadat
in 2001 de Spelen aan Peking werd toegekend, betreurde Harry Wu, een Chinese
dissident die 19 jaar in Chinese gevangenissen doorbracht, het ten zeerste
dat China "niet de eer had gastheer te mogen zijn van de Olympische
Spelen in een democratisch land."
De
historische uitspraak van de Russische dissidente Vladimir Bukovsky na
de toewijzing van de Spelen aan Moskou in 1980 – "Politiek gezien
een ernstige fout, menselijk beschouwd een verachtelijke handeling, op
juridisch terrein een misdaad" - blijft in 2008 nog steeds geldig.
* De officiële Chinese naam is Xinjiang Uyghur Autonome Regio (XUAR).
De oorspronkelijke bewoners van deze woestijnachtige regio zijn echter
niet van Chinese afkomst maar stammen af van de oorspronkelijke nomadische
stammen die zich hier al van in de bronstijd vestigden.