In
de 20e editie van het IDFA zit tevens een terugblik ingebakken. Het festival
opent met onder meer Dear America – Letters Home from Vietnam uit
1987. Dat tergende onderwerp van Amerikaanse soldaten in een ver land,
in een hopeloze oorlog, is pijnlijk actueel.
Operation
Homecoming; Writing the Wartime Experience sluit hier mooi bij aan.
Ervaren schrijvers worden naar Afghanistan en Irak gestuurd om workshops
te geven aan Amerikaanse soldaten. Regisseur Richard Robbins heeft een
aantal gedichten, fictie, dagboeknotities en memoires gebruikt om de ervaringen
van de soldaten aan de kijker mee te geven. Moeilijk te verwerken ervaringen
met geweld, wanhoop, eenzaamheid en het simpelweg overleven, worden met
veel gevoel weergegeven.
Operation Homecoming; Writing the Wartime Experience
Het
geheel wordt in een historisch kader geplaatst door getuigenissen van
veteranen, waaronder beroemde schrijvers, uit andere oorlogen. Toch zorgen
de stemmen van de onbekenden voor de meeste emotie. De documentaire is
opgebouwd uit een enorme woordenstroom, die soms moeilijk te volgen en
te bevatten is. Er zijn tijdens dit IDFA overigens wel meer van dergelijke
woorden- en feitenstromen in documentaires verwerkt, waarbij een uiterste
concentratie vereist is.
Zo
hebben de Hongaarse regisseurs Sándor Silló en Boglárka Edvy met hun Diary
Film – I Was 12 in '56 getracht om de Hongaarse opstand in 1956 te
reconstrueren. Het is een uiterst ingenieuze collage van in elkaar geweven
archiefbeelden, reconstructies, animaties en tekeningen. De documentaire
bevat unieke historische beelden, maar ook de getuigenis dat het leven
van een twaalfjarige gewoon zijn gangetje gaat.
Diary
Film – I Was 12 in '56
Het
is altijd de filosofie van dit festival geweest, om niet terug te schrikken
voor het vertonen van 'moeilijke' documentaires met een complexe sociale
en politieke lading. Gelukkig zitten er ook enigszins platvloerse producties
tussen, waarbij eventueel gelachen mag worden. Crazy Love van Dan
Klores is een onweerstaanbare dijenkletser. Het is de ultieme pulpfictie
van de documentairesector en handelt over de wonderbaarlijke en verbijsterende
liefdesrelatie tussen Burt Pugach en Linda Riss.
Crazy
Love
Deze
liefdesrelatie beheerste in de jaren '50 in Amerika de voorpagina's. Nadat
Burt door Linda werd gedumpt, maakte hij haar blind met bijtend zuur.
Dit is niet eens de climax van het verhaal, want de twee zijn ondertussen
gelukkig getrouwd. De waanzinnige geschiedenis is chronologisch, met veel
gevoel voor ranzige details, verwerkt tot een meeslepend en vreemd genoeg
hilarisch relaas.
The
Suicide Tourist van regisseur John Zaritsky handelt over het zeer
omstreden onderwerp euthanasie, al wordt hiervoor de term zelfmoord gebruikt
in de documentaire. In het Zwitserse Zürich is de organisatie Dignitas
gevestigd. Mensen die ongeneeslijk ziek zijn, worden hier geholpen om
hun leven op een nette en waardige wijze te beëindigen. Verrassend dat
dit zich afspeelt in Zwitserland, terwijl Nederland toch de naam heeft
van voorloper te zijn op het gebied van euthanasie.
The
Suicide Tourist
Twee
echtparen worden gevolgd tijdens de procedure voor het toekennen van euthanasie.
Het ene echtpaar waarvan de echtgenoot een niet te genezen spierziekte
heeft, krijgt het groene licht. Gedetailleerd wordt getoond hoe zo'n stervensproces
verloopt. Het andere echtpaar wordt afgewezen. De echtgenoot hiervan heeft
een dodelijke hartaandoening terwijl zijn echtgenote, een gezonde vrouw,
samen met hem wil sterven.
Dit
laatste geval heeft zeker een morbide lading. Waarom zou een gezond mens
willen sterven? Het tekent wel de morele dilemma's rond euthanasie waar
de stervensbegeleiders en artsen mee worstelen. Qua thematiek mag The
Suicide Tourist dan wel sensationele trekjes hebben, de uitwerking
bewijst het tegendeel. Het is een bedaarde evaluatie van de voors en tegens
van het op een dergelijke wijze afscheid nemen van een onleefbaar leven.
Doodgaan is dan een bevrijding.
Als
we het zouden weten
Als
we het zouden weten van Peter Lataster en Petra Lataster behandelt
vergelijkbare dilemma's. Hierin gaat het over gehandicapte pasgeborenen
op een afdeling van een Gronings ziekenhuis. Neonatologen staan, samen
met de ouders, voor de beslissing om de levensbeëindiging in gang te zetten
voor te vroeg geboren, doodzieke baby's.
Zaken
van leven en dood zullen vaker opduiken op het festival. Stranded
van regisseur Gonzalo Arijon is een terugblik op de gebeurtenissen rond
het neergestorte vliegtuig in het Andesgebergte op vrijdag 13 oktober
1972. Een rugbyploeg met kennissen en familieleden moesten ruim 70 dagen
zien te overleven op een besneeuwde gletsjer. De overlevenden konden niet
anders dan hun reisgenoten opeten. De gruwelijkheid hiervan staat nog
recht overeind na al die jaren. Jammer dat allerlei kwellende vragen onbeantwoord
blijven, zoals de vraag hoe de overlevenden naderhand met hun schuldgevoelens
zijn omgegaan.
The
Green Berets
Een
van de alleraardigste onderdelen van het IDFA is de jaarlijkse Top Tien
van favoriete documentaires van een gerenommeerde documentairemaker, waarbij
ook het oeuvre van de betreffende gast wordt vertoond. Dit jaar staat
de Iraanse filmer en journalist Maziar Bahari centraal. Opvallendste keuze
voor zijn Top Tien is ongetwijfeld de beruchte speelfilm The Green
Berets van John Wayne uit 1968, omdat volgens Bahari hierin de John
Wayne-mentaliteit getoond wordt die de Amerikaanse buitenlandse politiek
kenmerkt. Het werk van Bahari is zeker de moeite waard. Bijvoorbeeld Football,
Iranian Style en And Along Came a Spider zijn nog steeds onthullende
films over de samenleving in Iran.
Ulrik
van Tongeren
IDFA, vanaf 22 november t/m 2 december in Amsterdam, belangrijkste locaties:
Pathé Tuschinski, Pathé de Munt en Compagnietheater. Voor het uitgebreide
programma, raadpleeg de website.