Ravage #4, 18 maart 2005 m

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Ravage   ● Archief    ● Overzicht 2005    ● Overzicht #4


Justitie draait door

De nieuwe overheidsmaatregelen ter bestrijding van het terrorisme stralen stuk voor stuk een repressief karakter uit. Critici stellen dat de meeste wetsvoorstellen van het ministerie van Justitie overbodig en oncontroleerbaar zijn.

Tekst Wil van der Schans

Met de hete adem van Jozias van Aartsen (VVD), Maxime Verhagen (CDA) en Geert Wilders in hun nek wilde de regering na de moord op Theo van Gogh niet langer achterblijven. Bij de bestrijding van terrorisme moet immers daadkracht en eenheid worden getoond, zo is het motto. Streng straffen, hard aanpakken, diensten uitbreiden en het bestuur er meer bij betrekken.

De sfeer die de notitie van minister Donner (Justitie) van eind januari dan ook uitstraalt, is dat terrorisme bestreden moet worden met meer repressieve maatregelen. Nergens een woord over noodzaak, de effectiviteit of de negatieve gevolgen van een maatregel. (1)

Aanwijzingen

Een voorbeeld hiervan is het uitbreiden van de bevoegdheden van de politie en het openbaar ministerie (OM) bij terrorisme-onderzoeken. Dit voorstel geeft de politie de mogelijkheid om mensen te volgen, af te luisteren, te infiltreren, e.d. op basis van 'aanwijzingen' dat iemand betrokken is bij terroristische misdrijven.

Ook het begrip 'opsporing' wordt opgerekt. Nu nog wordt 'opsporing' gedefinieerd als "onderzoek naar vermoedelijk strafbare feiten", maar in het huidige wetsvoorstel wordt dit omschreven als "onderzoek in verband met strafbare feiten". Onderzoek door de politie en het OM wordt hiermee als het ware onbegrensd, het is niet eens beperkt tot terroristische misdrijven.

Volgens Ties Prakke, Emeritus Hoogleraar strafrecht en criminologie, krijgt de politie de facto bijna dezelfde bevoegdheden als de AIVD. ,,De genoemde voorstellen zullen van de desbetreffende afdeling van de KLPD een soort schaduw geheime dienst maken en dat lijkt nodig noch wenselijk'', aldus Prakke.

In dezelfde bewoordingen lieten het College Bescherming Persoonsgegevens, de Nederlandse van Orde van Advocaten en de Nederlandse Vereniging van Rechtsspraak zich onlangs uit. Nergens maakt de regering duidelijk waarom zo'n verregaande oprekking van het toepassen van bevoegdheden nodig is.

Bovendien worden de rechten van verdachten van terroristische misdrijven flink ingeperkt. Voor het in bewaringstellen is alleen een verdenking voldoende en gevangenhouding kan tot twee jaar verlengd worden zonder dat het volledige procesdossier in handen van de verdediging wordt gegeven. In feite betekent dit dat er een soort geheime procesvoering geïntroduceerd wordt. Zeker als

je deze geheimhouding combineert met het introduceren van AIVD-materiaal als bewijs in de rechtszaal, zoals de regering doet.

Oprekking

Praktisch bezien rekt dit voorstel een aantal zaken bijna onbeperkt op. De politie wordt een soort inlichtingendienst met uitvoerende bevoegdheden. Personen die argwaan wekken (term die de regering zelf gebruikt!) kunnen al object van onderzoek worden en verdachten kunnen lange tijd zonder volledige inzage in de stukken vast worden gehouden.

De noodzaak van deze maatregel wordt slechts verdedigd met het argument dat "de dreiging van terrorisme snel en preventief overheidsoptreden rechtvaardigt". Op zich is er niks mis met "snel en preventief optreden" tegen terrorisme. In principe gebeurt dit natuurlijk ook, hetgeen bij uitstek het terrein is van de AIVD. Op het moment dat de AIVD uit eigen onderzoek constateert dat er ingegrepen moet worden, geeft de dienst een tip aan de politie. Deze onderzoekt vervolgens de verdenking.

In de nieuwe wet begeeft de Criminele Inlichtingen Eenheid (CIE) zich dus op hetzelfde terrein als de AIVD. Een tendens die overigens al ingezet is na de moord op Theo van Gogh. De Amsterdamse CIE zocht in de weken na de aanslag contact met iemand om informatie in te winnen over 'de sfeer' binnen de Marokkaanse gemeenschap.

Duidelijk was dat men op zoek was naar informanten op een terrein waarop de AIVD/RID zich normaliter begeeft. Niet bepaald effectief, maar ook gevaarlijk. Op een Nederlandse guerre des flics zit niemand te wachten, terwijl de macht van de politie met dit voorstel flink wordt opgerekt.

Meldplicht

Een andere maatregel die veel aandacht in de media kreeg, is het voorstel om te komen tot straat- en beroepsverboden. Vooral D66 toont zich hier een fel tegenstander van en terecht. Degene die dit heeft bedacht, zal waarschijnlijk niet de moeite hebben genomen even in de geschiedenisboeken van onze oosterburen te duiken.

Het voorstel richt zich "op personen, die op grond van contacten, activiteiten of andere aanwijzingen die op zichzelf onvoldoende zijn of blijken voor strafrechterlijk optreden, maar die wel van dusdanig aard zijn dat maatregelen gerechtvaardigd zijn".

Zo'n aanwijzing kan zijn het bezoek aan een trainingskamp voor terroristen in het buitenland of het zich op verdachte wijze ophouden op bepaalde locaties. Tegen deze personen worden twee maatregelen mogelijk gemaakt: periodieke meldplicht op een politiebureau en/of een verbod zich in de buurt van bepaalde personen of objecten te bevinden.

Wie probeert neer te dalen in de geest van de bedenker moet veel moeite doen, want op welke mensen is zo'n maatregel nu gericht? Op de Mohammed B's? De jongens in Ede die na 11 september 2001 stonden te juichen, de asielzoeker die in het verleden in Afghanistan is geweest? Nee, wie wat langer stilstaat bij de effectiviteit van zo'n verregaande maatregel zal zich nog eens de oren krabben.

Neem nu inderdaad Mohammed B. Voor de moord op Theo van Gogh voldeed hij als geen ander aan het profiel van een radicale fundamentalist die in aanmerking komt voor zowel een beroeps- als straatverbod. Hij had in ieder geval verkeerde vrienden, waarvan de garresteerde Samir A., in het bezit was van tekeningen van het AIVD-hoofdkantoor, het Binnenhof en Schiphol.

Tegen Mohammed B. waren geen strafrechterlijke stappen mogelijk, maar een verbod dus wel. Beroepsverbod was in zijn geval zinloos, hij had al geen beroep, dus een straatverbod dan maar. Met de plannen van Samir A. in het achterhoofd zou een bestuursrechter hem kunnen verbieden zich op te houden in de omgeving van Schiphol, het Binnenhof en het AIVD hoofdkantoor. Bedreigingen in de richting van Theo van Gogh waren er niet, dus die 2e november had Mohammed B. nog steeds gewoon de fiets gepakt om die tragische moord te kunnen plegen.

Risico's

Ook binnen politiekringen wordt afwijzend gereageerd op deze maatregel. Niemand ziet het nut van de periodieke melding op een politiebureau. Logisch, wat moeten ze in godsnaam met zo iemand aan? Risico is bovendien dat de kring van mensen die op deze manier aan terrorisme wordt verbonden alleen maar groter wordt.

Met deze maatregel is voor informatie afkomstig van de AIVD een belangrijke rol weggelegd. Op basis daarvan wordt zo'n straatverbod waarschijnlijk ingesteld. Het kabinet wil ook dat informatie van de veiligheidsdienst voor strafzaken de status krijgt van wettig bewijs. In het vreemdelingenrecht kan AIVD-informatie leiden tot het niet toelaten of verwijderen van een vreemdeling.

In alle plannen van het kabinet krijgen verdachten geen inzage in de informatie. Dat geldt voor strafrecht, vreemdelingenrecht en bestuursrecht. We moeten er simpelweg op vertrouwen dat de informatie van de AIVD correct is. De kans dat onschuldigen worden veroordeeld of uitgezet neemt hiermee flink toe, terwijl op de betrouwbaarheid van de AIVD-informatie wel wat valt af te dingen.

Een paar voorbeelden. Op 16 oktober 2001 viel midden in de nacht een arrestatieteam binnen bij Masoud Aghahassannejad. Hij werd verdacht van het verspreiden van brieven met antraxpoeder. Aghahassannejad en zijn vriendin werden zes dagen vastgehouden. Aanleiding voor de arrestatie was een ambtsbericht van de BVD (de voorganger van de AIVD), die getipt was dat het duo in een weiland enveloppen met poeder had gevuld. De rechter-commissaris liet ze echter gaan: er was geen enkel bewijs.

Op 26 januari 2000 werden zes taxichauffeurs gearresteerd wegens plannen het treinverkeer rond Amsterdam plat te leggen, bussen van Connexxion in brand te steken en taxi's omver te gooien. Dit alles uit protest tegen de nieuwe taxiwet. Arrestant Jerry van Dijk moest met hartklachten naar het ziekenhuis en zat negen dagen in een cel. In april 2001 bleek opeens dat de arrestanten buiten vervolging waren gesteld. De actie was gebaseerd op een anonieme tip die de BVD had gekregen van een 'doorgaans betrouwbare bron'. De informatie was niet gecontroleerd op juistheid.

Dreigingsanalyse

Hoe representatief deze voorbeelden zijn is onduidelijk, controle is immers onmogelijk. Wel constateerde de Commissie Bestuurlijke Evaluatie AIVD (de commissie Havermans) dat 'de kwaliteit van de veiligheidsonderzoeken en van de dreigings- en risicoanalyses op zich moeilijk toetsbaar is, maar deze zijn dikwijls minder genuanceerd en verfijnd dan door de afnemers wordt verwacht'.

De rol van de AIVD, het beschermen van de nationale veiligheid, ligt hieraan ten grondslag. Vage aanwijzingen kunnen een indicatie zijn voor dreigingen. De inlichtingendienst moet inschattingen maken, maar het blijft de vraag wanneer die voldoende zijn voor het nemen van verstrekkende maatregelen.

Toch wil het kabinet in de toekomst deze informatie vaker gebruiken zonder dat de betrokkenen er inzicht in krijgen. In strafzaken krijgt alleen de rechter-commissaris toegang tot de achterliggende AIVD-informatie. Bij vreemdelingen- en bestuursrechtszaken is de situatie nog slechter. Als de betrokkene de rechter geen toestemming geeft de informatie in te zien, gaat deze ervan uit dat de AIVD-informatie betrouwbaar is.

Ook ervaringen in het buitenland zijn niet hoopgevend. In Groot-Brittannië wordt al sinds 2001 een tiental vreemdelingen onbeperkt vastgehouden op basis van MI5-informatie. Nadat de Engelse krant The Independent onderzocht waarom, bleek dat MI5 strafvermindering bood voor verklaringen, dat desinformatie over in beslag genomen wapens als feit werd doorgegeven en dat krantenberichten dienden als bewijs.

Tegenover al deze repressieve maatregelen is weinig inhoudelijks te vinden van de regering over het proces van radicalisering dat gaande is. Er wordt een nota radicalisering aangekondigd, maar ook deze lijkt vooral repressieve intenties te hebben. "Doel van deze nota is een bredere visie op radicalisering te bieden, op basis waarvan uiteenlopende vormen van radicalisering op hun risico's beoordeeld kunnen worden en overeenkomstig die beoordeling kunnen worden aangepakt", schrijft Donner in zijn brief.

Voor een bredere aanpak van terrorisme dan alleen repressie geeft het actieplan 'Wij Amsterdammers' meer hoop. In het beleidsplan dat naar aanleiding van de moord op Theo van Gogh is opgesteld richt de gemeente Amsterdam zich nadrukkelijk op het hele maatschappelijke vlak. Gekeken wordt naar de werking van rekruteringsprocessen, discriminatie van allochtone jongeren, werkloosheid en schooluitval onder deze groep. Wellicht kan Den Haag er eens naar kijken.

De volledige opsomming van nieuwe maatregelen is te zien op de website van Buro Jansen & Janssen: www.burojansen.nl/terrorisme/nl.htm

Naar boven