Ravage   ● Archief    ● Overzicht 2005    ● Overzicht #1


 

Filmfestival Rotterdam

Tekst Ulrik van Tongeren

Het Internationale Film Festival Rotterdam (IFFR) van 26 januari tot en met 6 februari belooft in meerdere opzichten een gedenkwaardig festival te worden. Zo is er het plan om 'Submission' te vertonen, de aanklacht van Van Gogh en Hirsi Ali tegen vrouwenondrukking binnen de Islam.

De filmliefhebbers zullen het dit jaar zonder Simon Field moeten doen, die jarenlang directeur van het IFFR is geweest. Zijn raadselachtige vertrek knaagt op een of andere manier, al was het alleen maar omdat we nu briljante persconferenties moeten missen. Het festival is ondertussen een goed geoliede machine geworden en dendert als vanouds voort.

Dit jaar zijn er programmasecties met hoogdravende titels, zoals 'Cinema of the future: Sturm und Drang'. Hierin staan jonge filmmakers centraal die nieuwe cinematografische wegen verkennen. In de sectie 'Maestros: Kings & Aces' komen juist weer ervaren filmmakers aan bod. Met het gegoochel met die categorieën houdt de doorsnee bezoeker van het festival zich nauwelijks bezig, want die creëert toch vooral zijn eigen festival.

Landmijntje zoeken

Maatschappelijke en politieke onderwerpen zijn er volop, zoals de aangrijpende films over kinderen. 'Turtles can Fly' van regisseur Bahman Ghobadi is gesitueerd in het Iraakse deel van Koerdistan, op de grens van Iran en Turkije. 'Nobody Knows' van de Japanse regisseur Kore-eda Hirokazu speelt zich af in Tokio. Beide films gaan over in de steek gelaten kinderen die in een harde realiteit proberen te overleven.

In Turtles can Fly wachten zowel kinderen als volwassenen op de nakende invasie van de Amerikanen. Ze proberen wanhopig het nieuws te volgen via geïmproviseerde antennes. Om nog wat bij te verdienen verzamelen de straatkinderen landmijnen, hetgeen verklaart waarom menig kind er verminkt rond strompelt.

De intentie van regisseur Ghobadi - de film is de eerste Iraakse film gemaakt sinds de omverwerping van het regime van Hussein - was om te laten zien hoe kinderen in een oorlogssituatie proberen te overleven. Het dagelijkse leven van de Irakezen in de getroffen gebieden komt toch al zo weinig in beeld in de westerse media. De film heeft een nogal zware metaforische lading die enigszins verlicht wordt door het spontane spel van de kinderen.

Aziatische cinema

Nobody Knows heeft niet de politieke lading van de Iraakse film, maar is gemaakt met een vergelijkbare documentaire aanpak. Het verhaal gaat over vier kinderen die door hun moeder in de steek gelaten worden en proberen te overleven. Gebaseerd op een werkelijke gebeurtenis neemt de film alle tijd. De aangekondigde inkorting van de productie heeft blijkbaar niet plaats gevonden.

Desondanks is het een subliem geobserveerd drama over de psychische verminking van kinderen door een slechte ouder en schept het bovendien een fraai portret van Tokio. Het lijkt erop dat de Aziatische cinema het IFFR-festival gaat beheersen. Er zijn dit jaar ook producties te zien afkomstig uit de zuidoostelijke kant van Azië, onder andere uit Indonesië, Thailand, en Maleisië.

Uiteraard is de Koreaanse film weer ruim vertegenwoordigd. Korea lijkt namelijk de meeste vitale, taboe doorbrekende cinema op dit moment in de wereld te zijn. Eindelijk is er ook de nieuwe film van Wong Kar-Wai, getiteld '2046', vijf jaar na zijn In the Mood for Love. Verwarrend is dat er meerdere versies van de film in omloop schijnen te zijn.

International Film Festival Rotterdam: 26 januari - 6 februari.
Info: www.filmfestivalrotterdam.com

 

Naar boven

 

 

 

 

.


Ravage #1
14 januari 2005