Ravage #15/16, 16 december 2005 m

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Ravage   ● Archief    ● Overzicht 2005    ● Overzicht #15/16


Kogel door de linkse kerk

Nu Ravage als instituut heeft afgedaan, is het de vraag hoe radicaal-links zich verder ontwikkelt. De ideeën die we uitdragen zijn de slechtste niet. Veranderingen dienen tot stand te worden gebracht door openheid en toegankelijkheid, we hebben niets te verbergen. Of blijven we navelstaren?

tekst Alex van Veen

'In je handen trilt het eerste produkt van het NN-kollektief (...) We willen een blad worden waarin buurtinitiatieven, milieubewegingen, anti-fascismekomitees, bedrijfsledengroepen, vrouwenoverleggen, huurdersverenigingen, buitenlandersorganisaties, kunststichtingen, revolutionaire cellen, computerclubjes, antimilitaristische kringen, journalistenkollektieven, linkse stromingen, artikel 140 samenhangen, bewoners ieder afzonderlijk en individueel verantwoordelijken die menen elkaar en geïnteresseerden iets te zeggen hebben, hun ei kwijt kunnen.'
Met deze boodschap opende een van de samenstellers het colofon van het nulnummer van actieblad NN welke op 28 april 1988 verscheen. Nu, ruim 17,5 jaar en 395 edities later, zetten we er een punt achter. Met de nuchtere constatering dat de pretenties van weleer slechts ten dele zijn waar gemaakt. Maar dit artikel behelst geen uitvoerige terugblik op wat is geweest, eerder een poging om toe te lichten waarom dit blad, onderdeel uitmakend van een radicaal-links activistische stroming, ophoudt te bestaan.

Anti-parlementair

Het blad moet tot actie aanzetten! Met dit motto begon een groepje bevlogen individuen in het voorjaar van 1988 actieblad NN (Nomen Nescio, letterlijk: ik heb geen naam). De kraakbeweging was weliswaar niet meer zo goed georganiseerd en daadkrachtig als in de beginjaren van dat illustere decennium, maar een aantal interessante radicaal-linkse netwerken rondom thema's als vluchtelingen, extreem-rechts en militarisme waren overeind gebleven.
In een beetje stad werd samengewerkt op deze terreinen, met gekraakte centra als bindmiddel. Radicaal-links is, zeker in die dagen, anti-parlementair: de bron van alle ellende zit hem bij de machthebbers in Den Haag, op de stadhuizen, in het Europees parlement en bij de grote bedrijven, zo luidt de kort-door-de-bocht analyse. De politiek, van links tot rechts, maakt het neoliberale beleid mogelijk waarmee de kloof tussen arm en rijk verder wordt vergroot. Alles van waarde wijkt voor de economie.



Er was jarenlang genoeg protest op straat om een tweewekelijks actieblad mee te vullen. Radicaal verzet tegen de bio-industrie, oorlogen, woningnood, asielbeleid, etc. Hieraan ontleende NN, dat vanaf 1996 als Ravage door het leven gaat, lange tijd haar bestaansrecht. De afkalving van de radicaal-linkse structuren - begin jaren '80 door toedoen van de geweldsspiraal, individualisering, studie-/arbeidsdwang, depolitisering en ontideologisering reeds in gang gezet - heeft echter diepe sporen nagelaten.
Ieder voor zich en de euro voor allen. Eind jaren '90 nam de versplintering van sociale bewegingen extreme vormen aan. In het decembernummer van 1998, ter gelegenheid van het tienjarig bestaan, staat Ravage uitvoerig stil bij deze ontwikkeling. 'Zelfs op lokaal niveau werken autonome organisaties volkomen langs elkaar heen en geven ruiterlijk toe daar geen problemen mee te hebben', wordt gemeld in het artikel 'Los Zand'.
Clubs en actiegroepen houden op te bestaan bij gebrek aan medewerkers en -standers voor het ontplooien van activiteiten. Als redactie hebben we ons er altijd al over verbaasd dat uiteenlopende organisaties en actiegroepen in wezen tegen een en dezelfde misstand te hoop lopen, maar ieder op zijn of haar specifieke wijze en op eigen terrein. Terwijl Ravage van oudsher de illusie had de afzonderlijke initiatieven met elkaar te kunnen linken.

Totaalblad

Ravage wilde een totaalblad zijn, een medium dat activisten niet alleen zou informeren maar daar waar mogelijk nader tot elkaar zou weten te brengen. Alles heeft met alles van doen, zo luidde het credo. De strijd van de een tegen de aanleg van een verkeersweg door een natuurgebied is in wezen niet anders dan het verzet van de ander tegen het militaire apparaat. Het zijn binnen het huidige economische systeem ontwikkelingen die ons van bovenaf worden opgelegd. We zullen het van onderaf moeten ondermijnen. Maar totaalstrijd lijkt een achterhaald begrip in een verdeelde en geïndividualiseerde samenleving.
Als actieblad maakten we op onze manier onderdeel uit van een nationale, en in mindere mate mondiale strijd tegen het onrecht. Dat is hoe wij er tegenaan hebben gekeken, al zullen niet alle lezers en oud-lezers het hier mee eens zijn. Het brengen van actienieuws en aankondigingen, waar het blad in 1988 voor in het leven werd geroepen, zagen we jarenlang als onze voornaamste taak. Het maken van NN/Ravage op zich was al een vorm van actie.
Uit onvrede met de gebrekkige samenwerking binnen radicaal-links en de stagnatie van de oplage, resulterend in een forse betalingsachterstand bij de huisdrukker, besloten we eind 1999 het roer enigszins om te gooien. Er werd voortaan ook aandacht besteed aan ontwikkelingen in de samenleving, die door radicaal-links vrijwel volkomen genegeerd werden. Maar het activisme bleef altijd het voornaamste aandachtspunt voor de redactie. Sinds 2000 verschijnt het blad driewekelijks en op magazine-formaat.

Internet

Met de opkomst van het internet heeft het brengen van actienieuws sterk aan importantie ingeboet. De door actiegroepen geschreven aankondigingen en berichten kunnen inmiddels via mailinglijsten en websites op elk willekeurig moment van de dag worden verspreid en gelezen. Dus waarom zou je ze dan nog plaatsen in Ravage, maar bovenal, waarom zouden activisten zo'n blad nog lezen?
Als gevolg van de nieuwe mediakanalen wisten actiegroepen de Van Ostadestraat nog maar zelden te vinden, met uitzondering van de radicalen die een 'veilig' platform zochten voor hun claimbrieven. Ravage publiceerde de laatste jaren een selectie van het actienieuws, voornamelijk bij elkaar gegrist via bronnen op internet. We deden voortaan aan duiding in plaats van registratie van het nieuws.
Door de jaren heen is het blad dan ook langzaam maar zeker van karakter veranderd: van doorgeefluik van actienieuws tot het verspreiden van publicaties waarin zowel het voortbestaan van bestaande (ondemocratische) instituten als parlement, koningshuis en politieke partijen an sich ter discussie werden gesteld, alsmede het functioneren van totalitaire communistische en fundamentalistische regimes. Wat bleef waren de artikelen waarin de lezer een handreiking werd gegeven om zelf aan de slag te gaan.

Populisme

Intussen veranderde het maatschappelijke klimaat in vergelijking met de jaren '90 aanzienlijk. Linkse activisten zitten, zeker na de moord op Fortuyn, steeds vaker in de hoek waar de klappen vallen. Door de voelbare spanningen in de samenleving, de angst voor terreur en de daaruit voortvloeiende onzekerheid onder de burgers is de roep om orde en veiligheid groot. Nieuwe opsporingstechnieken en wetgeving leiden in toenemende mate tot arrestatie van activisten, straffen worden verzwaard.
Deze tendens, gekoppeld aan de desinteresse onder jongeren voor radicale actiemethodes, heeft geleid tot een afname van activiteiten. En áls jongeren al de drang voelen om de wereld om zich heen te veranderen, dan heeft men daar nauwelijks de tijd voor door toedoen van de studie en/of betaalde baan. Ook de beperkte organisatiegraad, de geslotenheid en het ideologische vacuüm van radicaal-links werken niet bepaald bevordelijk voor het doorbreken van deze impasse.
Eind jaren '90 leefde bij Ravage het idee dat er binnen afzienbare tijd sprake zou zijn van een nieuwe sociale protestbeweging. Dit uit onvrede met het consumentisme en de technocratisering van de samenleving. Deze maatschappelijke eruptie is er weliswaar gekomen, óók onder jongeren, maar vertaalde zich naar een (gepeilde) politieke winst voor Pim Fortuyn.
Nieuwe politiek, ook wel populisme genoemd. Politiek bedrijven op basis van gevoelens van onvrede die breed worden gedeeld. De doorsnee burger toont hiermee overigens wel aan dat men uitgekeken is op regenteske politici met oudbakken linkse of rechtse stellingnames. Er is een sterke hang naar naturelle persoonlijkheden die onomwonden in mensentaal de problemen durven te benoemen in de samenleving (zorgverlening, bureaucratisering, integratieproblematiek, veiligheid). Zeggen wat je denkt is nu het motto, ook al is de mening niet altijd overeenkomstig met de werkelijkheid. Het verklaart de populariteit van politici als wijlen Fortuyn, Pastors, Bos en Verdonk.

Vergoeilijking

In díe radicaal-linkse kringen waar het zicht op veranderingen in de samenleving ernstig wordt vertroebeld door het isolement en een zwart-witte kijk op politiek en samenleving, ook wel dogmatiek genoemd, leidde deze ontwikkeling soms tot dwaling en hysterie. De moord op Fortuyn was weliswaar de daad van een eenling, maar wel een eenling met een radicaal-links activitisch verleden. Niemand is verantwoordelijk voor het handelen van de ander, maar dat Volkerts daad verstrekkende gevolgen zou hebben was vanaf dag één overduidelijk.



Dat er binnen radicaal-links geen enorme woede en debat losbarstte over deze daad, is veelzeggend. Op een enkele vrijblijvende distantiringsverklaring na kroop men verder in de schulp en riep 'ach' en 'wee' als we er weer eens een dreigmailtje binnen kwam. Straatacties van diverse allooi werden tot nader order uitgesteld, uit angst voor een wat al te opdringerige pers.
In discussies en reacties na de moord op Fortuyn, en in mindere mate op die van Theo van Gogh, viel het daarentegen wel op dat het aantal lieden dat erop hamerde dat beide slachtoffers zich stelselmatig schuldig zouden hebben gemaakt aan racisme, waarmee in wezen de moorden werden vergoeilijkt, ruim in de meerderheid waren ten opzichte van degenen die in het openbaar het veronderstelde racisme hebben betwist. Kijk de merendeels anonieme reacties na 6 mei 2002 op een site als die van Indymedia.nl er maar op na.

Intolerantie

Dat er binnen radicaal-linkse kringen zo weinig ophef kwam over de moord op Fortuyn, heeft enerzijds te maken met de verdeeldheid en het gebrek aan samenwerking. Wat hebben we samen nou nog gemeen? Het zijn erg kleine kringetjes die nog iets met elkaar te maken hebben en ach, wie kende Volkert nou eigenlijk?
De andere verklaring is verontrustender. Degenen die via de media en interne discussie luid en duidelijk stelling namen tegen de moord op Fortuyn en de man niet volgzaam in het extreem-rechtse kamp wensten te scharen, werden door orthodox-links publiekelijk tegen de schandpaal genageld en als Fortuynist te kijk gezet. Het is binnen radicaal-links een vrij effectieve manier om het debat in de kiem te smoren.
Intolerantie ten opzichte van andersdenkenden, met name op het gebied van de multiculturele samenleving, kan gerust als de achilleshiel van radicaal-links worden beschouwd. De wijze waarop orthodox-links omspringt met opvattingen die niet in hun straatje past, is fnuikend voor een stroming die pretendeert progressief en vrijzinnig te zijn. Dat was al zo in de jaren '80, en het houdt maar niet op.
Het gevolg hiervan laat zich raden: jonge mensen die de wereld willen veranderen lopen het risico in kringen terecht te komen waar dames en heren met rechtlijnige opvattingen de toon zetten. Wanneer je je niet conformeert aan de gedragscodes van de groep kan je je snor beter drukken en je heil elders zoeken.

Taboe

Begrijp me goed, hiermee wil ik niet suggereren dat radicaal-links als geheel afwijzend zou staan ten opzichte van andersdenkenden, niet openstaat voor debat over onderwerpen die taboe zijn voor links. Maar het is een voldongen feit dat bepaalde clubs en individuen, met name wanneer men zich richt op bestrijding van racisme en extreem-rechts, zich hieraan schuldig maken. De mening van een ander niet respecteren, jezelf niet kunnen inleven in de ander, een beetje zielig is het wel.
Zelfs op de redactie van Ravage zijn er bij tijd en wijlen felle discussies gevoerd over het vermeend racistische karakter van bepaalde publicaties of ingezonden brieven. Niets menselijks is ons vreemd. Het ging hierbij niet eens zozeer om de vraag óf er sprake was van racisme, maar of we al dan niet over moesten gaan tot publicatie. Laat het oordeel maar aan de lezer over, vonden de voorstanders. Niet meewerken aan dit soort publicaties, was de mening van de andere kant.
Om maar aan te geven dat ook binnen de redactie de meningen verdeeld lagen, maar er werd tenminste over gebakkeleid. Uiteindelijk is, voor zover ik mij kan herinneren, slechts één ingezonden brief gesneuveld, notabene volgend op een lezersoproep over de multiculturele samenleving. Maar niet voordat we de schrijver vooraf netjes hadden geïnformeerd, zo zijn we nu ook wel weer.

Vrije mening

Recentelijk ontstond er in diverse steden ophef over de inbeslagname van posters en spandoeken waarmee het uitzettingsbeleid van minister Verdonk wordt bekritiseerd. Een grove inbreuk op de vrijheid van meningsuiting, zo luidde de terechte kritiek op het eigenhandige optreden van de lokale autoriteiten.
Tegelijkertijd is een deel van radicaal-links de mening toegedaan dat deze vrije meningsuiting niet voor alles en iedereen geldt. De afgelopen jaren werden verschillende bijeenkomsten afgelast en verstoord door toedoen van activisten die van mening zijn dat je niet in discussie moet en mag gaan met mensen met een extreem-rechtse opvatting.
Afgezien van het feit dat je in de nodige voorkomende gevallen met elkaar op zich al de discussie kunt aangaan over de vraag of de belaagde politici per definitie en op basis van bepaalde uitspraken in de media, en dus niet gebaseerd op partijprogramma's, wel in het extreem-rechtse kamp thuishoren (denk bijvoorbeeld aan Wilders en Fortuyn), is het not done om voor anderen te kunnen bepalen of ze met dergelijke personen in debat mogen gaan of niet.

Voor het dwingend opleggen van onze mening, of deze nu terecht is of niet, is binnen de huidige samenleving geen enkel draagvlak. Helaas zit er dan ook een kern van waarheid in de termen 'links fascisme' en 'linkse kerk' welke sinds de moord op Fortuyn in rechts-populistische kringen veelvuldig gebezigd worden. Dat een deel van radicaal-links voor de rest van de samenleving denkt uit te kunnen maken wat we goed mogen vinden en wat fout, hoe er gedacht en gehandeld dient te worden, is bespottelijk.
Dat een dergelijke denkwijze soms omslaat in fysiek geweld hebben we de afgelopen jaren gezien. Zo werd er bij een betoging tegen Nieuw Rechts in Amsterdam een loslopende skinhead door een groepje antifascisten in elkaar gebeukt. Een vergelijkbaar incident vond onlangs plaats in Utrecht. Koren op de molen van extreem-rechts, die van dit soort incidenten gebruik maakt door de martelaar uit te hangen, hetgeen hun verderfelijke politiek en praktijk ten goede komt. De geweldsdiscussie kan dan ook niet vaak genoeg gevoerd worden.

Op de man

Minder gewelddadig, maar wel degelijk intimiderend, zijn de acties gericht tegen politici, waarbij expliciet op de man of vrouw wordt gespeeld. Een beproefde methode die in het verleden, toen we nog nauwelijks opkeken van een ingekeild raam bij de tegenstander, weliswaar nog op enig maatschappelijk begrip kon rekenen. Tegenwoordig worden dergelijke acties vanuit links-activistische kringen door publiek, politiek en media vereenzelvigd met de achtergrond van de moordenaar van Fortuyn en de vele anonieme doodsbedreigingen aan het adres van politici, en om die reden afgekeurd.
Daar hoef je je natuurlijk helemaal niets van aan te trekken, maar wat te doen als er weer een of andere gek opstaat die het in z'n hoofd haalt de trekker over te halen? Je kijkt toch nergens meer van op tegenwoordig. Het rechtvaardigt de vraag of het niet beter is om met acties duidelijk te maken dat het hele kabinetsbeleid en verantwoordelijke overheidsinstanties niet deugen, bijvoorbeeld op het gebied van het integratie- en vluchtelingenbeleid, dan je uitsluitend op die ene politicus of politica blind te staren.
Dat een groot deel van de 26.000 mensen na een jarenlange ingewikkelde toelatingsprocedure uiteindelijk het land wordt uitgezet, dient mede op het conto geschreven te worden van voorafgaande kabinetten. Ook dat kan niet vaak genoeg benadrukt worden, al was het enkel maar omdat diezelfde verantwoordelijke politici van destijds nu veilig vanuit de oppositie garen spinnen bij alle ophef over het asielbeleid. Het is altijd de taak van radicaal-links geweest de problemen bij de wortel aan te pakken. Communiceer en voer actie met radicaal-linkse argumenten, waarbij het bestaansrecht van de politiek wordt betwist.

Keer het Tij

Het actiewezen in de jaren '70 werd gedomineerd door marxistisch-leninistische partijen. Het was een verademing dat de kraakbeweging in de jaren '80 en '90 daar weinig van moest hebben, een meer autonome antiparlementaire koers vaarde. Orthodox-links heeft, tot eigen verrassing, zich de afgelopen jaren weer een plaatsje in de samenleving weten te bewerkstelligen dankzij het platform Keer het Tij.
Dit platform werd vlak na de moord op Fortuyn in het leven geroepen door díe organisaties die, onderdeel uitmakend van een breed gedragen linkse sloopcampagne tegen Fortuyn, om het hardst schreeuwden dat de populaire politicus gestopt moest worden. Keer het Tij stelt zich ten doel een einde te maken aan de 'ruk naar rechts'. Daarmee werd aanvankelijk het kabinet van LPF, CDA en VVD bedoeld, vervolgens een coalitie van D66, CDA en VVD.
Keer het Tij profileert zich al snel als een platform, waarbij het accent voornamelijk komt te liggen op het aantal mensen dat men voor demonstraties op de been probeert te brengen, de massa zogezegd. Over de inhoud gaat het niet, de slogans getuigen van holle retoriek en zijn afkomstig uit een ver verleden.
Van meet af aan is er binnen het platform plaats voor politieke partijen als GroenLinks, PvdA (bestuur) en SP. Ook bepaalde vakbonden sluiten zich aan, alsmede tientallen stokoude communistische clubjes, blij dat ze zijn om hun vergeelde pamfletten eindelijk weer eens uit te kunnen delen. De organisatie beschouwt de deelnemers aan de betogingen als actievee, en laat geen moment onbenut om de pers te misleiden met opgeklopte cijfers over het opkomstpercentage bij de acties.
Door deze populistische werkwijze, die in weinig verschilt van de aanpak van vakbonden en politieke partijen, raakt de actiewereld nog verder gedesorinteerd. Immers, wat moet je met een dergelijk initiatief dat volledig parlementair georiënteerd is, zichzelf in de publiciteit als een 'linkse voorhoede' profileert, en een 'links' kabinet van GroenLinks, SP en PvdA promoot?
De PvdA, met linkse en rechtse standpunten, kan samen met D66, VVD en CDA sinds het aantreden van de neoliberaal en nu zakkenvuller Wim Kok als een middenpartij worden beschouwd. De PvdA was in de jaren '90 verantwoordelijk voor een schandalig rechts beleid op tal van terreinen. De hypocrisie waarmee de partijleden nu, veilig in de oppositie, pleiten voor een generaal-pardon, terwijl men in 2001 toen men regeringsmacht had tegen was, druipt er vanaf.
Dat nogal wat radicaal-linkse clubs aan de activiteiten van Keer het Tij mee hebben gedaan, zegt veel dan wel alles over de richtlingloosheid en het isolement van activistisch links. Kennelijk zijn we dermate gedesillusioneerd geraakt, dat het zelfs goed voelt om ons als kippen zonder kop in een groep te begeven die onderdeel uitmaakt van een verkiezingskaravaan.

Vrijblijvendheid

Vrijblijvendheid is troef in collectieven waar we allemaal evenveel te zeggen hebben. Praten is één ding, afspraken na komen, daar draait het om. Als we ons eigen basisdemocratische stelsel al niet serieus nemen, wat moet de burger dan? De gevolgen van deze gebreken vertalen zich naar het geringe aantal vernieuwende activiteiten welke de afgelopen jaren van de grond zijn gekomen.
Actiegroepen die langer dan een eenmalige actie bestaan, hebben zelden een eigen basis (kantoor, ontmoetingsplek) van waaruit men opereert en waar geïnteresseerden welkom zijn. De meeste activisten houden ook niet van openheid, vastigheid en structuur. Ze rennen van de ene actie naar de ander, met als gevolg dat ze alles half-half aanpakken en in wezen weinig bereiken. Ze groeien niet en de gewenste doelstellingen, zo die er al zijn, worden zelden gehaald.
GroenFront! daarentegen, een milieuclub die sinds de start in 1997 toch ook de nodige interne strubbelingen heeft ondervonden, is een goed voorbeeld van een actiegroep die er met wisselend succes in slaagt de burger bij de actie te betrekken, al is het dan veelal in het eigen belang van diezelfde burger, maar toch. Zo zijn er meer actiegroepen op te noemen die op doordachte en langdurige wijze veel energie steken in de goede zaak en effectieve campagnes voeren.
De praktijk wijst echter uit dat we om uiteenlopende redenen kennelijk onvoldoende in staat zijn om iets structureels in gang te zetten dat zoden aan de dijk zet. Aansprekende initiatieven van de afgelopen jaren, zoals Eurodusnie (Leiden) en Vrije Zone (Amsterdam) stelden hun activiteiten bij of vielen uiteen als gevolg van interne strubbelingen, maar vooral ook door een gebrek aan motivatie.
Overigens is het gebrek aan ontmoetingsruimten niet altijd aan onszelf te wijten. Dit bewijzen de ontruimingen van kraakpanden die zich in korte tijd wisten te ontpoppen tot enerverende vrijplaatsen in de samenleving. Kraakpanden leiden sowieso nog steeds tot nieuwe initiatieven, denk aan de weggeefwinkels. Maar het zijn niet altijd de meest aangewezen plekken voor de buitenstaander om politieke ideeën uit te wisselen.

Openheid

Radicaal-links is stil blijven staan in de tijd. Uit conservatisme, gebrek aan creativiteit en het ontbreken van een ideologisch verhaal hanteren we actievormen en bezigen opvattingen die twintig jaar geleden bon ton waren. Waar de samenleving behoefte aan heeft is open en heldere communicatie. De ideeën die we uitdragen zijn de slechtste niet. Veranderingen dienen tot stand te worden gebracht door openheid en toegankelijkheid, we hebben niets te verbergen. Het kan ook geen kwaad om de actiemethoden die worden toegepast af en toe te herijken, aan te passen aan de tijdgeest.
Ravage deelt in de malaise. Voor veel van de hier geschetste problemen hebben ook wij geen pasklare antwoorden weten te vinden. Wat we wel weten is dat een blad dat zich richt op het radicaal-linkse gedachtegoed nauwelijks bestaansrecht heeft. Het blad hoeft ook niet koste wat het kost in stand gehouden te worden, instituten zijn er al genoeg. Het is mooi geweest.
Om de 'pijn' van 'het verlies' enigszins te verlichten, gaat Ravage verder met de website, al is het low-profile, met aanzienlijk minder artikelen en op wisselende tijdstippen geplaatst. De onderwerpen zullen in weinig afwijken van die men van ons gewend is - nieuws, achtergrond en columns - met dit verschil dat er nu sneller op de actualiteit kan worden ingespeeld.
Of er na het tijdperk een nieuw landelijk actieblad ontstaat, zal de toekomst uitwijzen. Voorlopig kan je terecht bij enigszins vergelijkbare bladen als Buiten de Orde en Kleintje Muurkrant. Acties tegen onrecht en kapitaal zullen er altijd blijven. De hamvraag is of radicaal-links erin slaagt de krachten te bundelen en de burger weet te inspireren deel te nemen aan de strijd. Fight the power! (te beginnen bij jezelf).

p.s. Indien je wenst te reageren op dit artikel, ons contactadres wordt vermeld op pagina 2. Reacties worden geplaatst op de website van Ravage.

 

Soort van chronologie
28 april 1988
- Uit de puinhopen van Bluf!, een actieblad dat eind maart 1988 zichzelf ophief, verschijnt het nulnummer van Nomen Nescio (NN). Tweewekelijks op A4-formaat en voornamelijk gevuld met actienieuws.
30 nov 1989 - NN verschijnt vanwege kostenbesparing op A3-formaat.
3 juli 1991 - In samenwerking met de redactie van Lekker Fris, een actieblad uit Nijmegen en Arnhem, wordt een eenmalig samenwerkingsverband aangegaan hetgeen resulteert in eN Fris eN Lekker.
22 aug 1991 - Nadat de makers van NN een weekje in de radiostudio van krakersradio de Vrije Keyser zijn ondergedoken en zich uitleven achter de microfoon, verschijnt er een speciale editie van NN die wordt samengesteld door de radiofreaks van de Vrije Keyser.
12 jan 1996 - De titel NN verandert in Ravage, de redactie start met een bijdrage van het Bedrijfsfonds voor de Pers een abonneewervingscampagne.
3 mei 1996 - Een rechercheteam uit Arnhem, dat onderzoek doet naar bomaanslagen, verricht huiszoeking bij Ravage en neemt hierbij diverse redactionele bescheiden in beslag waaronder het abonneebestand. Op hun aftocht worden de rechercheurs gehinderd door vijftig sympathisanten van Ravage, waarna de politie met een charge de groep verdrijft.
8 mei 1996 - Ravage brengt een noodeditie uit naar aanleiding van de huiszoeking en het voorval op straat.
15-17 juni 1997 - Ter gelegenheid van de driedaagse protesten rond de Eurotop in Amsterdam verspreidt Ravage een dagkrant waarin verslag wordt gedaan van acties en demonstraties.
14 jan 2000 - Om kosten te besparen verschijnt Ravage voortaan driewekelijks en op magazine formaat.
30 april 2003 - Het 15-jarig bestaan wordt in Amsterdam gevierd met het festival Ravage Royaal.
16 dec 2005 - Verschijning van het allerlaatste nummer.

 

 

 

Naar boven