|
|
●
Ravage ●
Archief
● Overzicht
2005 ● Overzicht
#15/16
De
copy and paste werkwijze van de IND
Het
vluchtelingenbeleid in Nederland wordt steeds controversiëler. De
beleidsdoelstelling is overduidelijk; zo min mogelijk mensen in Nederland
toelaten. Dat gebeurt op een manier die niets te maken heeft met medemenselijkheid,
compassie of beschaving.
tekst
Bert van Wakeren
Met
enige regelmaat trekken Amnesty International, Human Rights Watch en de
VN vluchtelingenorganisatie UNHCR luid aan de bel. Er zou sprake zijn
van 'gebrekkige kwaliteit' van de onderzoeken naar de asielmotieven. Volgens
de Raad van Europa is het net een loterij. Een criterium als humaniteit
blijkt aan ernstige erosie onderhevig.
Er
is sprake van een uitzettingsbeleid die de kwaliteit van de beoordeling
van asielverzoeken ondergeschikt maakt aan de 'productie': een maximalisering
van uitzetting. Dat in combinatie met een rigide uitleg van wet- en regelgeving,
leidt al te vaak tot onjuiste beslissingen met zelfs dodelijke gevolgen.
Tijdsdruk
Ondeugdelijk
is ook de minste conclusie die je kunt trekken na het lezen van 'Het achtenveerstigste
uur' van Nicolaas Matsier, Het boek beschrijft de eerste 48 uren van de
asielprocedure van Moesa Mohamed Hassan, naar eigen zeggen uit Soedan
afkomstig. De 48-uurs asielprocedure was ooit bedoeld als een uitzonderingsprocedure
voor 'flinterdunne' asielverzoeken, maar heeft zich inmiddels ontwikkeld
tot de standaardprocedure.
Met
alle gevolgen van dien. In deze procedure vinden namelijk de gehoren in
de regel steeds onder grote tijdsdruk plaats. In 48 uur: verklaring van
onderzoek, proces-verbaal van bevindingen, eerste gehoor, nader gehoor,
voornemen, correcties en aanvullingen, beschikking, nabespreking, second
opinion, nadere gronden en de zitting. En in de meeste gevallen uitzetting.
Het hoge tempo eist onherroepelijk zijn tol, onzorgvuldigheden zijn schering
en inslag.
Met
Mohamed Hassan gaat het niet anders. Overgoten wordt hij met vragen, en
hij moet antwoorden, meteen een duidelijk en controleerbaar antwoord.
En niets vergeten, want vergeet je iets te vertellen bij het eerste gehoor
dan heeft het geen zin om dat bij het nader gehoor in te brengen. Het
keert zich zelfs tegen je: tegenstrijdigheden, onvolledige of incoherente
verklaringen van asielzoekers worden in de regel de asielzoeker voor de
voeten geworpen. Het zijn zelfs redenen tot uitzetting. Onjuiste vertalingen,
tijdsdruk of het niet signaleren van traumatische klachten worden ook
zelden als zodanig erkend.
Nummer
Zo
ook met Mohamed Hassan. Hij verandert langzaam maar heel zeker van een
mens in een nummer, een nummer dat van dossier naar dossier meegaat, en
van de ene computer naar de andere. Steeds een andere ondervrager, steeds
een andere tolk en zelfs verschillende advocaten krijgt hij tegenover
zich. Zij zijn het ook die Het achtenveertigste uur schrijven; het zijn
hun rapporten, hun verhoren, interviews en gedachten. En alles verpakt
in standaard- en kruisjesformulieren, meerkeuze mogelijkheden, voor nuances
geen plaats, zwart-wit.
Bij
het eerste gehoor, in drie etappes met drie verschillende contactambtenaren,
gaat het al fout. Het vaststellen van de feiten en de reisroute gaat gepaard
met vooringenomenheid en onverschilligheid. Het zich niet kunnen voorstellen
dat een vluchteling geen paspoort heeft, leidt onherroepelijk tot twijfels
over de nationaliteit. En dat komt meteen in het rapport. De volgende
ambtenaar zal dit meteen opvallen en juist dat is de bedoeling.
Een
beklemmend gevoel geeft Het achtenveertigste uur, zeker als je bedenkt
dat het verhaal gebaseerd is op de dagelijkse realiteit. Zowel de vorm
als de inhoud komen overeen met de inhoud die IND-dossiers plegen te hebben.
Je kruipt als lezer ook in andermans hoofd, je ziet wat daarin omgaat.
Maar dan wel in de hoofden van de ambtenaren, een piketadvocaat, de griffier
van de rechtbank, en niet in het hoofd van Moesa Mohamed Hassan. Hij doet
er in dit geval niet zoveel toe, is slechts een exemplarisch voorbeeld,
gevangene in de Nederlandse asielprocedure.
Dat
je de personages in het boek kunt verwarren met echt levende personen
is het knappe aan het boek. Je herkent ze, de ambtenaren die gewoon hun
werk doen. Elke dag maar weer, en zich niet verantwoordelijk voelen. Het
zijn de regels die de dienst uitmaken, en waar de gemiddelde ambtenaar
zich met graagte achter verschuilt. Het politieke klimaat is geschapen
waarin de ambtenaar gewoon zijn werk doet, vooringenomen en onverschillig,
en allang de mens tegenover hem niet meer ziet.
Seksslavin
Hoe
desastreus het huidige asielbeleid uitpakt is nog meer voelbaar in 'Gevangen
tussen grenzen' geschreven door Annemarie Busser. Busser is juriste en
sinds 1987 coördinatrice intake en opleiding op de afdeling Vluchtelingen
van Amnesty International. Voor het boek heeft ze uitgebreide gesprekken
gevoerd met vluchtelingen en uitgewerkt in elf verhalen.
Wat
te denken van het verhaal van Elsa, een asielzoekster uit Sierra Leone:
'Er werd op de deur gebonkt, toen drongen mannen met geweren het huis
binnen. Ze sloegen en schreeuwden: 'Ha een oude man en een jonge vrouw,
neuk haar maar ouwe viezerik'. Mijn vader smeekte, weigerde en verstarde,
ik schreeuwde en huilde. De mannen wilde dat vader reageerde, ze schoten,
hij viel zwaar gewond op de grond. Ze gooiden kerosine over hem heen,
hij brandde...'
Elsa
werd ontvoerd door rebellen en als seksslavin gebruikt. Ze ontsnapte.
Ze kon toen alleen als prostituee overleven. Ze vluchtte en kwam in oktober
2002 aan in Nederland. Op 1 november 2002 dient zij een asielverzoek in.
Op 4 november staat ze alweer buiten het Aanmeldcentrum. Afgewezen in
de 48-uurs procedure. Dit was wat de Nederlandse overheid in 2004 over
Elsa oordeelde: 'Betrokkene is geen vluchteling en hoeft niet tot Nederland
te worden toegelaten'.
Meerdere
malen verkracht, mishandeld en zwaar getraumatiseerd moet ze dat wat ze
in Sierra Leone heeft ondergaan vertellen aan twee haar onbekende mannen,
de contactambtenaar en een tolk. Ze vraagt om een vrouw die echter niet
voorhanden is. Het lukt haar daarom niet om alles te vertellen en juist
dát zal zich tegen haar keren. Dat ze getraumatiseerd is en daarom
niet in één keer alles kan vertellen, leidt bij de IND tot
de conclusie dat haar verklaringen 'tegenstrijdig zijn'. Haar achtergrond
is daarbij geen 'genoegzame verklaring'. Zelfs medisch onderzoek wordt
niet erkend als steunbewijs in de asielprocedure, speelt geen ondersteunende
rol bij de waarheidsbevinding.
Nesrin
Dat
blijkt ook uit het vluchtverhaal van Nesrin, asielzoekster uit Turkije.
Zij vertelt over fysieke marteling die ze tijdens verhoren in Turkije
onderging. Haar fout: als advocate namens de familie opheldering vragen
over het lot van een Koerdische jongeman. De man woont in Europa en reist
naar familie in Turkije, maar komt daar nooit aan. Zijn lijk wordt in
Turkije gevonden: vermoord. Tevens is ze actief voor Insan Haklari Dernegi,
een Turkse mensenrechtenorganisatie.
Negen
jaar zit Nesrin gevangen en na haar vrijlating is de enige mogelijkheid
te vluchten naar Frankrijk. Een Fransman heeft haar zaak gevolgd en helpt
haar, nadat eerder vrienden een Turks paspoort hadden 'geregeld', aan
een Frans visum. Eenmaal in Frankrijk laat de man echter een geheel andere
kant van zichzelf zien: ze moet zich dankbaar tonen, hij heeft haar immers
gered en eist haar helemaal voor zichzelf op, ook seksueel.
Na
een maand vlucht ze uit Frankrijk. Bij aankomst in Nederland gaat het
heel slecht met haar, ze voelt zich ziek, kan nauwelijks eten en slapen,
broodmager en vooral doodmoe. Het RIAGG, een arts van AI, en een andere
arts die Nesrin behandelt, achten het niet mogelijk dat gezien de ervaringen
van haar in Frankrijk dat ze in dat land de goede hulp kan vinden.
Desondanks
beslist de IND anders, met de wet in de hand. Sinds de jaren '90 is het
land dat de vreemdeling een visum heeft verstrekt of waar zij het eerst
voet op de Europese bodem heeft gezet, verantwoordelijk voor de behandeling
van het asielverzoek. Frankrijk dus. En al die rapporten van psychiaters
en medici doen niet ter zake. Dat heet een humaan vluchtelingenbeleid.
Het boek beschrijft nog acht andere asielaanvragen die allemaal uitmondden
in een lang gevecht met de IND.
Schrijnend
Copy
and paste zijn gevleugelde woorden van IND-ambtenaren, standaard-'blokteksten'
die in beschikkingen van de IND in 'knip-en-plakhandeling' uit de computers
rollen. En daarbij gaat natuurlijk van alles fout. Zo zal een beschikkingsambtenaar
vergeten om in het verhaal van Elsa 'Turkije' te veranderen in 'Sierra
Leone'. Hoe onverschillig en onzorgvuldig zijn ze bezig.
Uit
'Congo Blues' van Henk Weltevreden: 'Erik maakt nog een laatste 'copy
and paste' voor deze week: 'Rechtsgevolgen van deze beschikking: de afwijzing
van de aanvraag heeft tot gevolg dat de betrokkene niet langer rechtmatig
in Nederland verblijft. Betrokkene dient Nederland uit eigen beweging
te verlaten voor het einde van de termijn waarbinnen bezwaar kan worden
gemaakt. Bij gebreke hiervan kan zij worden uitgezet. Vertrektermijn 28
dagen'.'
Degene
om wie het gaat is Ngudi, negen jaar. Geboren in een asielzoekerscentrum
in Nederland. Haar Congolese moeder blijkt niet in staat haar op te voeden
en wordt uiteindelijk uit de ouderlijke macht ontheven. Liefdevol wordt
ze al die jaren verzorgd door pleegouders, en toch zal ze teruggestuurd
moeten worden naar Congo. Ze is nog nooit in dat land geweest, waar de
onlusten ongeveer aan 4 miljoen mensen het leven hebben gekost. Het land
waar dagelijks honderden kinderen van Ngudi's leeftijd bruut worden verkracht.
En
toch is het beter volgens minister Verdonks uitvoerders dat ze naar dat
land verwijderd wordt. En dat mag geen deportatie heten van Verdonk. Meer
nog, IND en Verdonk stellen: 'Congo is veilig'. En wat zegt onze christen-democratische
minister van Justitie Donner: 'De vreemdelingenwet gaat boven de jeugdzorg.'
Congo
In
Congo Blues beschrijft de pleegvader, Weltevreden, op zeer indringende
maar verteerbare wijze het levensverhaal van Ngudi. Het is zijn verslag
van de rondgang langs personen en instanties die zich met zijn pleegkind
bemoeien. En dat zijn er zeer veel. 'Onze lijst van begeleiders wordt
steeds onoverzichtelijker. Een asieladvocaat, een advocaat voor de Onder
Toezicht Stelling (OTS), vier gezinsvoogden van de stichting NIDOS en
vier begeleiders van Pleegzorg binnen vier jaar, ook een teamleider van
de Therapeutische Gezinsverpleging (TGV), een psychologe en een kinder-
en jeugdpsychiater. En niet te vergeten, de 'hechtingsspecialisten'. Ze
staan allemaal in de documenten die de rechter voor zich heeft.'
Inmiddels
is de procedure voor een verblijfsvergunning voor '0006424' tot drie keer
toe afgewezen. Ngudi is wel officieel tot schrijnend geval nummer 2335
verklaard. Daardoor heeft ze een voorlopige verblijfsvergunning gekregen,
die elk jaar moet worden verlengd. Een royaal gebaar van Verdonk ligt
niet in het verschiet. Ze valt namelijk haar uitvoerders niet graag af
en buiten dat werken ze altijd adequaat.
De
beleidsdoelstelling is overduidelijk; zo min mogelijk mensen in Nederland
toelaten. Dat gebeurt op een manier die niets te maken heeft met medemenselijkheid,
compassie of beschaving. Het gevolg is dan ook dat in alle zaken waarin
sprake is van afwijzing van het asielverzoek of een verblijfsvergunning
n en dat is dus in het overgrote deel van de gevallen n er een
gigantisch intensieve en volhardende strijd gevoerd moet worden met de
poortwachters van Fort Nederland, de IND. Om recht te doen aan het vluchtverhaal.
Dit
is een verkorte versie van een artikel dat in de komende editie van Buiten
de Orde zal worden geplaatst.
Henk
Weltevreden, Congo Blues: 141p, e.12.50, RVU, Hilversum, ISBN 90 77164
03 0
Nicolaas
Matsier, Het achtenveertigste uur: 269p, e.18.50, De bezige bij, Amsterdam,
ISBN 90 234 1639 2
Naar boven
|
|