Ravage   ● Archief    ● Overzicht 2002    ● Overzicht #4


Uit: Ravage #4, 15 mrt 2002

Het kabinet ziet ze vliegen

Aanschaf JSF nieuw financieel schandaal

Het Paarse kabinet is er in geslaagd om op de valreep van haar bestaan een nieuw schandaal te creŽren: de financiering van de Nederlandse deelname aan de ontwikkeling van de Joint Strike Fighter. Een door tegenstanders inderhaast opgezette campagne dient de Kamerleden, die op 2 april over het besluit debatteren, op tijd wakker te schudden.

De kans is reŽel dat de Amerikaanse bommen die in het jaar 2014 neer zullen dalen op 'vijandelijke doelen' vanuit de Joint Strike Fighter (JSF) worden gedropt via een luik van Nederlandse makelij. Het bedrijf Stork is, samen met Philips, het belangrijkste Nederlandse bedrijf dat meewerkt aan de totstandkoming van dit nieuwe type gevechtsvliegtuig.

Het kabinet heeft op 8 februari jl. ingestemd met deelname aan de ontwikkeling van de Amerikaanse JSF. Met deze deelname, waarmee de Tweede Kamer overigens nog op 2 april moet instemmen, is een entreebedrag gemoeid van 800 miljoen dollar (920 miljoen euro). De overheid wil dit bedrag in eerste instantie geheel voorschieten. Het kabinet gaat ervan uit dat het bedrijfsleven deze som gedeeltelijk zal aflossen.

Door de deelname verwachten het kabinet en het Nederlandse bedrijfsleven orders van JSF-producent Lockheed-Martin binnen te kunnen slepen ter waarde van zo'n acht miljard euro. Naar verwachting zal de participatie in het JSF-project op termijn ook uitmonden in de aanschaf van het nieuwe Amerikaanse gevechtsvliegtuig voor de luchtmacht ter vervanging van de huidige F-16. Met deze order is een bedrag van zeker zes miljard euro gemoeid, waarmee het de grootste defensie-order is uit de geschiedenis.

Geld

De discussie in de Ministerraad over de vervanging van de huidige F-16 ging, geheel in de lijn van het beleid van de laatste acht jaar, niet over inhoudelijke zaken (politiek/militair), maar over geld. Geld dat de Nederlandse industrie zou kunnen verdienen door mee te bouwen aan het gevechtsvliegtuig dat de regering zou kiezen. Premier Kok noemde het besluit dan ook niet alleen goed uit militair oogpunt maar ook voor de werkgelegenheid en de Nederlandse economie.

Het kabinetsbesluit is om meerdere redenen omstreden. Zo kunnen de F-16 gevechtsvliegtuigen van de luchtmacht veel langer mee dan het ministerie van Defensie tot nu toe heeft beweerd. Uit cijfers van het departement blijkt dat de eerste toestellen niet in 2010, maar pas op zijn vroegst vanaf 2020 het maximaal toegestane aantal vlieguren bereiken.

Defensie wil nu dat de F-16's vanaf 2010 geleidelijk door JSF's worden vervangen. In documenten die Defensie tot nu toe naar de Tweede Kamer heeft gestuurd, is steeds gesteld dat de eerste F-16's vanaf 2010 het "einde van de operationele, technische en economische levensduur" zullen bereiken. Zo zou de F-16 vanaf 2010 niet meer meekunnen met de concurrentie en zou het toestel zo zijn versleten, dat het onderhoud duurder zou worden dan de aanschaf van een nieuw gevechtsvliegtuig.

Nederland beschikt over 136 operationele F-16's. De oudste daarvan dateren uit 1981 en hadden in augustus 2000 in totaal gemiddeld ieder 2.952 uur gevlogen, zodat ze nog zo'n 3.000 vlieguren voor de boeg hebben. Om het aantal van 6.000 uur in 2010 te bereiken, zouden de toestellen dus jaarlijks ongeveer driehonderd uur moeten vliegen. Dat aantal is echter de afgelopen jaren bij lange niet gehaald.

Schandaal

Daarnaast rammelt de financiŽle onderbouwing van het kabinetsvoorstel aan alle kanten, zo concludeert economie-redacteur Roel Janssen in NRC Handelsblad. Als voorbeeld noemt hij de nota van Defensie. Volgens deze nota bedraagt 800 miljoen dollar tegen een dollarkoers van 1,15 euro 858 miljoen euro. Maar 800 keer 1,15 euro is 920 miljoen euro. Er is weliswaar geen rekenfout gemaakt, het gaat om een verschil tussen lopende en constante prijzen, maar deze toelichting staat nergens vermeld.

Om de financiering van de deelname aan de JSF rond te krijgen, gaat de overheid 300 miljoen euro extra lenen. Het financieringstekort en de staatsschuld worden vergroot ten behoeve van de JSF. Dit na eerdere bijdragen uit de begrotingen van Defensie (400 miljoen), Economische Zaken (60 miljoen), de industrie (55 miljoen) en de extra steun van Economische Zaken (42 miljoen). "Een ongebruikelijke gang van zaken, het financiŽle schandaal tekent zich af", aldus Janssen.

Maar er liggen ook lijvige rapporten op tafel waarin bij de productie en aanschaf van de JSF grote vraagtekens worden geplaatst. Zo concludeert het Centraal Plan Bureau dat 'de voordelen en kansen van participatie voor de Nederlandse industrie onvoldoende groot zijn om de kosten en risico's voor de overheid goed te maken'.

Minister Jorritsma van Economische Zaken, opdrachtgever voor het rapport, negeerde het volledig. "Zonder risico's is in het leven niets mogelijk", reageerde zij luchtigjes op vragen over de vele onzekerheden aan de deal. Alsof ze sprak over een miljarden investering uit eigen zak.

Voorgekookt

Het kabinetsbesluit over de deelname aan de ontwikkeling van de JSF blijkt ook sterk te zijn gemanipuleerd. In NRC Handelsblad van 19 januari jl. wordt haarfijn uit de doeken gedaan hoe de mega-deal achter de schermen op topniveau werd voorgekookt. De krant baseert zich op interne documenten van verschillende departementen over de jaren 1998-2002.

Uit de stukken blijkt dat op het ministerie al in 1999 grote irritaties ontstonden over de manier waarop de Kamer over het nieuwe toestel werd geÔnformeerd. Zo had topambtenaar E. Wellenstein het in een intern beraad over politieke sturing, 'political guidance ten faveure van de JSF, ook richting Kamer'. Een nota van de directie algemene beleidszaken spreekt van 'een ongewenste sluipende vastlegging (...) die afbreuk kan doen aan de ruimte voor de bewindslieden om politieke afwegingen te maken in breed perspectief'.

Al in 1997, na het faillissement van Fokker, is de JSF in de Kamer aan de orde geweest. Om luchtvaartkennis te behouden werd er 200 miljoen gulden beschikbaar gesteld voor 'het positioneren van de Nederlandse industrie en kennisinstituten' in 'een vervangingsprogramma voor de F-16', waarbij de JSF met name genoemd werd.

Het stond vier jaar geleden voor de luchtmacht vast dat de F-16 vervangen moest worden door de JSF. Hiermee kan de luchtmacht de volgende halve eeuw modern ťn vertrouwd 'Amerikaans' blijven vliegen. Dat vergroot weer de kans op inzet in oorlogssituaties, en dŠŠr draait het tenslotte om. Een keuze voor de JSF is in feite een garantie voor het voortbestaan van de luchtmacht in haar huidige vorm.

Wapenexportbeleid

Naast het negeren van de levensduur van de huidige F-16's, een rammelende financiŽle onderbouwing en een voorgekauwd kabinetsbesluit is er een vierde reden voor de Kamer om binnenkort de mega-deal terug te draaien. Met de deelname aan het JSF-project geeft Nederland ook haar wapenexportbeleid uit handen.

Nederlandse bedrijven produceren de komende tien jaar met medewerking van de overheid onderdelen voor de JSF. Amerika echter bepaalt uiteindelijk aan welke landen het gevechtsvliegtuig wordt verkocht. De kans is reŽel dat de JSF zal worden ingezet door landen die, wat het Nederlandse wapenexportbeleid betreft, op de zwarte lijst staan. Op deze manier overtreedt de overheid via een omweg haar eigen regels.

In feite gebeurt dit al jaren met de F-16, het huidige gevechtsvliegtuig waaraan het Nederlandse bedrijfsleven met de levering van onderdelen veel geld heeft verdiend. ,,Wapenleveranties aan landen als Pakistan, IndonesiŽ, Turkije, Egypte en Taiwan liggen hier gevoelig. Toch vliegen al deze landen met F-16's'', zegt Frank Slijper van Campagne tegen Wapenhandel.

Deelname aan het JSF-project is voor Nederland dť ideale manier om geld te verdienen ťn het eigen wapenexportbeleid te omzeilen. Het kabinet geeft dit zelf nog eens aan door in de adviesbrief aan de Kamer te vermelden dat er 'van Nederlandse invloed op het Amerikaanse wapenexportbeleid geen sprake zal zijn'.

Deze ontwikkeling is bijzonder verontrustend, zo vindt ook Slijper. ,,Landen als Turkije en IsraŽl hebben al aangegeven op den duur ook de JSF te zullen aanschaffen. Momenteel bombardeert IsraŽl vrijwel wekelijks Palestijns grondgebied met F-16's. Het valt te voorzien dat ze over een aantal jaar hiervoor de JSF zullen inzetten.'' Als er daar tegen die tijd nog wat te bombarderen valt...

Verdeeldheid

Het is opvallend dat het kabinetsbesluit over de deelname aan het JSF-project tot nu toe zo weinig stof heeft doen opwaaien. Het gaat hier immers om een investering die z'n weerga niet kent. De media hebben hun pijlen echter volledig gericht op de verkiezingsthema's, die ook dit keer in het teken staan van populistische 'dicht bij het burgergevoel' liggende onderwerpen als veiligheid en zondebokken.

Een recent NIPO-onderzoek wijst uit dat er onder de bevolking vrijwel evenveel voor- als tegenstanders van het JSF-project zijn. De voorstanders zijn vooral te vinden in de achterban van de VVD, CDA en de kleine christelijke partijen. De tegenstanders tref je vooral aan in de achterban van de SP en GroenLinks. Van de PvdA-achterban steunt 55 procent het kabinetsbesluit tot deelname, terwijl bij D66 de voor- en tegenstanders elkaar in evenwicht houden.

Er is in het verleden al eens geprotesteerd tegen de JSF, al was het op kleine schaal. Zo blokkeerde de actiegroep Wapentuig! begin januari vorig jaar de toegangspoort van een vestiging van Stork in de Amsterdamse Czaar Petersbuurt. Datzelfde jaar bracht een groep van 150 fietsdemonstranten op de 'dag van de arbeid' een bezoekje aan het Nationaal Lucht- en Ruimtevaart Laboratorium (NLR) in Amsterdam. Beide bedrijven nemen deel aan het JSF-project.

Spoedberaad

Direct na het controversiŽle kabinetsbesluit van 8 februari jl. startte de Socialistische Partij (SP) de actie 'Het kabinet ziet ze vliegen'. Deze partij stelt zich de laatste jaren, mede door de komst van vredesactiviste Krista van Velzen, opvallend actief op inzake militaire conflicten en het defensiebeleid.

Het verzet van de SP tegen het JSF-project bestond aanvankelijk uit het inzamelen van protesthandtekeningen. Maar al snel besloot de partij het protest te verbreden. In allerijl werden een flink aantal vredesorganisaties en antimilitaristische actiegroepen aangeschreven voor een spoedberaad met als inzet het voeren van een korte termijn campagne tegen de JSF.

Gezeten aan een enorme tafel van de Willem Dreeszaal in het gebouw van de Tweede Kamer, bespraken eind februari dik twintig personen de mogelijkheden om te komen tot nieuwe acties. De gemiddelde leeftijd van de aanwezigen lag ergens tussen de 40 en 50 jaar. De meesten kenden elkaar van recente demonstraties tegen de Nieuwe Oorlog.

Aan het uiteinde van de tafel Krista van Velzen en Harry van Bommel, initiatiefnemers van het overleg. Ze bleken hun huiswerk goed te hebben gedaan en kwamen met praktische en haalbare voorstellen. Van Bommel toonde aan naast politicus een bekwaam en modern campagneleider te zijn. Het ene na het andere 'obstakel' nam hij probleemloos, zonder dat dit leidde tot irritatie of gemor in de groep.

,,De tijd dringt beste mensen. Over vijf weken neemt de Tweede Kamer een beslissing over de JSF'', herhaalde hij diverse malen zodra een agendapunt in een oeverloze discussie leek te verzanden. In de maand maart zijn er verschillende momenten om in actie te komen. Bijvoorbeeld op 11 maart, als de Tweede kamer een hoorzitting houdt over het JSF-project. Of op 15 maart, als het bedrijf Stork een aandeelhoudersvergadering belegt in het Amsterdamse Okura Hotel.

Eťn leus

Hoogtepunt van de campagne vormt de publieksmanifestatie van 30 maart op het Plein in Den Haag. Deze bijeenkomst, onderdeel van een actieweek tegen de wapenhandel, zal worden opgeluisterd door bekende artiesten. Verder worden er in de aanloop naar 2 april op grote schaal handtekeningen ingezameld, zowel op papier als digitaal (www.vredessite.nl).

De handtekeningen zullen op 2 april, als de Tweede Kamer debatteert over het JSF-project, worden aangeboden aan de vaste kamercommissie van Defensie. Slechts de leus "Gťťn 7 miljard euro voor JSF-bommenwerpers!" zal dan, tezamen met een lijst van ondersteunende groepen, aan de handtekeningenlijsten worden toegevoegd.

Er is geen officiŽle initiatiefgroep en er komt geen gezamenlijk pamflet. De deelnemende groepen stellen hun eigen pamflet en tekst samen om er protesthandtekeningen mee op te halen. Eind maart worden de ingevulde lijsten naar een centraal punt in Den Haag gestuurd. Er is bewust voor deze werkwijze gekozen, aangezien de groepen die de campagne ondersteunen dit veelal om uiteenlopende redenen doen.

Op het actie-overleg werd al iets van deze tegenstrijdigheid zichtbaar. Valt er voor de ene vredesorganisatie best te praten voor vervanging van de F-16 zodra dit gevechtsvliegtuig van ellende uit elkaar valt, voor een andere organisatie dienen de F-16's onmiddellijk onklaar te worden gemaakt. Terwijl de 'bekende Nederlander' die de campagne ondersteunt, liever de Eurofighter (de Europese variant van de JSF -red.) door het luchtruim ziet vliegen dan de JSF.

,,We kķnnen natuurlijk wel een gezamenlijke verklaring opstellen, maar dan zijn we over een jaar nog niet klaar'', aldus Van Bommel. Gekuch in de Willem Dreeszaal. De deelnemers aan de actiecampagne 'van een maand' gingen die middag dan ook in enigszins verwarde staat uiteen. Geen gezamenlijke verklaring, dat hadden ze nog nooit meegemaakt.

Alex van Veen

* Haal in je eigen omgeving (cafť, school, werk) handtekeningen op tegen de aanschaf van de JSF door gebruikmaking van de lijst die je in deze Ravage aantreft. Wil je meer lijsten, kopieer het origineel dan eerst. Stuur de ingevulde lijsten uiterlijk 29 maart naar: JSF-campagne, Spijkermakerstraat 28, 2512 ES Den Haag.

* Geef je op als deelnemende organisatie aan de campagne 'Geen 7 miljard euro voor JSF-bommenwerpers': tel 070 3183810 en vraag naar Krista van Velzen.

* Plaats je handtekening via de Vredessite: www.vredessite.nl

 

Stork en Philips

Als Nederland meedoet aan het ontwikkelingsprogramma van de Joint Strike Fighter, profiteren vooral Stork en Philips daarvan. Deze twee ondernemingen zullen samen zo'n 75 procent van de te verwachten omzet (ongeveer 8 miljard euro) voor hun rekening nemen. Dat blijkt uit een vertrouwelijke omzetprognose van het NIFARP, de overkoepelende organisatie van bedrijven die willen participeren in het JSF-programma.

In de interne NIFARP-cijfers wordt met twee scenario's gewerkt. Bij een productie van 3.000 JSF-vliegtuigen hoopt Stork ongeveer 2,6 miljard euro van de in totaal te verwachten omzet van 5,2 miljard binnen te halen. Philips zal ongeveer voor 1,4 miljard omzetten. Als er 5.000 JSF's worden verkocht, zal de totale omzet voor Nederlandse bedrijven uitkomen op ruim 8 miljard euro. Stork neemt daar meer dan de helft van voor haar rekening, Philips ongeveer 1,8 miljard.

Het bedrijf dat als derde de meeste omzet hoopt te behalen (tussen de 0,8 en 1 miljard) is de Zwitserse industriŽle Sulzer-groep, die ook een Nederlandse vestiging heeft. Het Nederlandse PHM Consortium verwacht tussen de 364 miljoen en 590 miljoen aan omzet te krijgen. Fokker Space, het Nationaal Lucht- en Ruimtevaart Laboratorium (NLR) en onderzoeksinstituut TNO kunnen gezamenlijk voor 45 tot 136 miljoen omzet verwachten. De rest van de te verwachten omzet gaat naar Thales (het vroegere Signaal, minimaal 114 miljoen gulden), Urenco (45 tot 90 miljoen) en Special Products (tussen 136 en 227 miljoen). Ook dit laatste bedrijf is in handen van Stork.

De bijdrage van Stork Aerospace aan het nieuwe gevechtsvliegtuig zal onder andere bestaan uit het ontwerp en de productie van hoogwaardige bewegende vleugel- en staartdelen en de vleugel- en staartvoorrand op basis van innovatieve technologie. Verder ontwerpt en produceert het bedrijf lichtgewicht composiet deuren en luiken (waaronder de toegangsdeuren naar motoren, bewapening en onderhoudspunten), de complete vliegtuigbekabeling en de bekabeling voor de Pratt & Whitney motoren van de JSF.

.Terug naar boven