Naar archief


Uit: Ravage #253 van 20 februari 1998

KRUISBESTUIVING IN DE ZAANSTREEK

Racisme onder gabbers, skinheads en politici

Hoewel de Zaanstreek tot op heden gevrijwaard is gebleven van extreem-rechts gespuis in de lokale gemeenteraden, heerst er met name onder jongeren een groeiend gevoel van xenofobie. Dat komt ondermeer tot uiting in de gabbercultuur, die in deze streek furore maakt. Zowel vertegenwoordigers van racistische partijen als intolerante en soms zeer bedreigende skinheads en gabbers oefenen druk uit op andersdenkenden. De tegengeluiden zijn spaarzaam.

Minder dan een handvol grote en middelgrote Nederlandse gemeenten heeft nog nooit een vertegenwoordiger van de CD, CP'86 of Nederlands Blok in de raad moeten tolereren. Bij dit selecte gezelschap behoort ook Zaanstad, een agglomeratie van zeven gemeenten in Noord-Holland. In de plaatsen Zaandam, Wormerveer, Zaandijk, Koog a/d Zaan, Assendelft, Krommenie en Assendelft wonen in totaal 150 duizend mensen.

Volgens de politieke vereniging ROSA is het mede te danken aan de inzet van groepen antifascistische actievoerders dat extreem-rechts nimmer de moed heeft gehad zich verkiesbaar te stellen in Zaanstad. Zo werd in 1987 de CD-familie Van Roode op stevige wijze te kennen gegeven dat ze moest stoppen met haar wervende activiteiten. In 1993 werd CD-er Martin van de Grind, met in z'n kielzog een aantal enthousiaste naziskinheads, afgehouden van het indienen van een CD-kandidatenlijst voor de gemeenteraadsverkiezingen.

Als we Ron Leen mogen geloven, al jaren actief in de Zaanstreek en medewerker van ROSA, ging dat er niet bepaald zachtzinnig aan toe. "Het intimideren van die gasten was de enige manier om ze af te schrikken. Natuurlijk verspreidden we ook tegenpropaganda in de buurten, maar dat was niet genoeg. Omdat zo'n Van de Grind nauwelijks een achterban had, was onze pressie effectief", aldus Ron.

Nadat Van de Grind, samen met een groep van elf naziskins een wraakactie had uitgevoerd in het alternatieve jongerencentrum de Groote Weiver in Krommenie, waarvoor hij drie maanden celstraf kreeg, heeft men nauwelijks meer wat van hem vernomen. Hij wordt af en toe gesignaleerd in buurthuizen, maar dat stelt weinig voor. Hij woont inmiddels in Amstelveen.

Tegen het eind van de twintigste eeuw blijkt de CD in Zaanstad, nog meer dan in de rest van het land, vleugellam te zijn. Dat betekent echter nog niet dat het extreem-rechtse gedachtengoed is uitgebannen.

Volgens Ron Leen zijn er, naast de effectieve strijd van antifascistische groepen, nog twee belangrijke oorzaken voor het debacle van de CD. "De kiesdrempel is dit jaar verhoogd. Je hebt nu dertig personen nodig die voor jou een aantal inschrijfhandelingen moeten verrichten. Het is niet zo vrijblijvend meer. Daarnaast kunnen gevestigde partijen als de VVD en PvdA niet langer ontkennen dat ze aangaande illegalen programmapunten hebben waar je je tien jaar geleden diep voor zou schamen. Janmaat heeft helaas gelijk als hij zegt dat veel van zijn opvattingen zijn ingeburgerd bij de grote partijen."

Gabbercultuur

Naast deze latente vorm van geïnstitutionaliseerd racisme doemt er in de Zaanstreek een ander potentieel gevaar op: de gabberscene. Zaanstad heeft zich de afgelopen jaren ontwikkeld tot de broeikas van de gabberhouse. ROSA heeft er, in het zicht van de komende gemeenteraadsverkiezingen, een speciale brochure over uitgegeven. (1)

Neerlands grootste housegelegenheid Fun Factory en productiemaatschappij ID&T bevinden zich aan de kaden van de Zaan. Enkele bekende gabber-dj's en platenmakers komen uit dezelfde contreien. Daar is op zich niets mis mee. Vervelend is alleen dat een relatief omvangrijk deel van de gabbers -net als eerder gebeurde bij de skinheads- een intolerantie verspreidt waar met name allochtonen het slachtoffer van zijn.

Extra lastig is dat de hardcore-scene, met zijn honderdduizenden aanhangers, nauwelijks nog een subcultuur genoemd kan worden. Nooit eerder was een Nederlandse jeugdcultuur zo immens. Volgens een in september vorig jaar gepubliceerd onderzoek, uitgevoerd door bureau Inter/View, rekent maar liefst een kwart van alle jongeren in Nederland zich tot de gabbercultuur. Het merendeel van deze jongeren mag dit jaar voor het eerst naar de stembus.
Gabberhouse is, strikt genomen, een stroming binnen de hardcorehouse. Het is een extreme variant van house. De beat is er nog veel harder en sneller; van muzikale franje is nauwelijks nog sprake. Gabberhouse ontstond enkele jaren geleden in Rotterdam, waar de muziekclub Parkzicht lange tijd de belangrijkste thuisbasis vormde. Het was een Nederlandse variant van de house, die inmiddels ook naar andere landen geëxporteerd is.

Gabberhouse is te karakteriseren als 'house voor het volk'. Gabbers zetten zich af tegen de extravagantie die deel uitmaakt van de housecultuur en die in Rotterdam met de hoofdstad wordt geassocieerd. Gabberhouse is daarop het Rotterdamse antwoord. De feesten trekken veel jongeren in de leeftijd van veertien tot twintig jaar. Het grootste deel van de bezoekers bestaat uit jongens. De jongens heten gabbers, vrouwelijke bezoekers krijgen benamingen als gabberbabe, gabberinnetje en rave-teef toebedeeld.

Op gabberfeesten valt onmiddellijk op hoe groot de eenvormigheid van het publiek is. Het lijkt alsof men uniformen draagt: een groot deel van de jongens heeft een kaalgeschoren hoofd, dragen bomberjacks of trainingsjacks en trainings- of spijkerbroeken. Meisjes dragen vaak een bh of een topje met daarover eventueel een halfopen trainingsjack en eveneens een trainings- of spijkerbroek. Het haar dragen ze in een staart of vlecht, aan de zijkanten is het opgeschoren. Oorringen en tattoo's zijn populair, eveneens de Nike-sportschoenen.

Racistisch gedrag

Hoe ligt nu de relatie tussen de gabbercultuur, etnisering en agressie tegen allochtonen? Uit gesprekken met gabbers, die onderzoeker Hajo Schoppen voerde in opdracht van de BVD, blijkt dat veel van hen hun positie bedreigd zien door een toename van het aantal allochtonen. (2) Hun aanwezigheid wordt ervaren als de bron voor talloze grote en kleine machtsconflicten.

Nederlandse jongeren zijn niet zozeer bang voor werkloosheid of woningnood, maar hun zorgen liggen dichterbij hun eigen ervaringen. Jongeren uit verschillende etnische groepen komen elkaar tegen op straat, op school, in het jongerencentrum, discotheek of coffeeshop. De ruzies om meisjes gaan niet alleen om vriendinnetjes. De betreffende meisjes zijn steeds blank; blanke jongens ervaren het als een belediging als een van hun blanke vriendinnen omgaat met een allochtone jongen. Dat meisje is 'van hen', ze ervaren haar 'verraad' als een aanval op hun positie.

Verhoudingsgewijs veel liefhebbers van hardcore-house wonen in de Rijnmond en Den Haag -het gebied waar de stroming begin jaren negentig ontstond- en in de Zaanstreek. Dat er zoveel Zaanse houseliefhebbers zijn, wordt voor een belangrijk deel veroorzaakt door het Wormerveerse ID&T, Nederlands grootste gabberorganisatie met een jaaromzet van 22 miljoen gulden. Tot het voorjaar van 1997 baatte ID&T gedurende anderhalf jaar de househal Fun Factory aan de Zaandamse Hemkade uit, waar wekelijks van heinde en verre duizenden gabbers op afkomen.

Deze gabberfeesten in de Fun Factory verlopen lang niet allemaal even vrolijk. Drugsmisbruik en racistisch gedrag komen veelvuldig voor. Allochtone jongeren worden vaak provocerend begroet met de Hitlergroet en lopen geregeld klappen op. Ook bij andere Zaanse uitgaansgelegenheden waar house gedraaid wordt komen spanningen voor. Voor de deur van de Zaandamse discotheek Te Warskip ontstond januari 1996 een massale vechtpartij tussen gabbers en overwegend Turkse jongeren. Volgens een ooggetuige was aan enkele Turken de toegang tot de discotheek ontzegd.

Graffiti

Naast talrijke vechtpartijen bij uitgaansgelegenheden, veroorzaken gabbers en/of skinheads (ze zijn uiterlijk moeilijk uit elkaar te houden) racistisch geweld op straat. Zo wordt een Zaandammer van Turkse afkomst op 4 augustus 1994 mishandeld als hij de kermis in Oostzaan bezoekt. De daders zijn allen autochtoon en tussen de 16 en 21 jaar. Zowel voorafgaand als na de mishandeling brengen enkele daders de Hitlergroet en maken racistische opmerkingen.

Enkele verdachten waren eerder betrokken geweest bij het 'Oostzaans Blok', een weinig coherente groep jongeren die met enige regelmaat racistische leuzen kladt op muren in Oostzaan en Zaandam. Met name langs de aanlooproutes naar de Fun Factory in Zaandam worden veelvuldig racistische leuzen gespoten. Niet alleen de plaatsen waar de teksten worden gespoten, maar ook de inhoud verwijzen naar de afzenders. Tussen de Keltische en hakenkruizen staan vaak opmerkingen over de 'Keltic Gabbers' en 'Terror' (een stroming binnen de housescene).

Hetzelfde taalgebruik hanteren de anonieme verzenders van enkele dreigbrieven die de Stichting Discriminatie Zaanstreek (SMDZ) in mei 1996 in de brievenbus aantreft. Ook hier Keltische en hakenkruizen, afgewisseld met kreten over de gewenste racistische samenleving, de Tweede Wereldoorlog en dreigementen tegen SMDZ-medewerkers en allochtonen. De brieven zijn afwisselend ondertekend met 'Gabber Nation' en 'das Gabber Nazion'. Een van de brieven eindigt met de opmerking 'alle gabbers stemmen op Jongerenpartij CP'86'.

In november 1995 ontstaat in de media grote opwinding over de veelal op bomberjacks bevestigde Nederlandse driekleur. Aanleiding is een incident op een Haagse middelbare school, waarbij een blanke leerling ruzie krijgt met een aantal allochtone scholieren. Een paar dagen later wordt bij dezelfde school een donkergekleurde scholier in elkaar geslagen door een groep gabbers. Het merendeel van hen draagt bomberjacks met vlaggetjes. Veel scholen gaan vervolgens over tot een verbod tot het dragen van de Nederlandse driekleur, die worden beschouwd als een uiting van racisme.

Ook in Zaanstad loopt in het jaar 1995 en 1996 een toenemend aantal jongeren met een vlag op het immens populaire bomberjack. Middelbare scholen gaan hier eveneens over op een verbod van het vlaggetje. De scholieren sprongen vervolgens op creatieve wijze om met het verbod. Er verschenen plotsklaps rood-wit-blauwe pennensets, kettinkjes en haarbandjes.

Tegenwicht

Begin 1997 nemen enkele gabbers het initiatief om tegenwicht te bieden aan de vreemdelingenhaat onder een deel van hun collega's. Ze richten de organisatie 'Gabbertjes tegen racisme en fascisme' op, een club die met behulp van video's, t-shirts en posters extreem-rechtse symptomen wil bestrijden.

Volgens ROSA is het interne verzet tegen racisme binnen de gabberscene vooralsnog bescheiden te noemen. De meeste bezoekers en organisatoren van houseparty's hebben weliswaar weinig op met racistische uitingen tijdens 'hun' feestjes, maar ze doen desondanks bar weinig om dergelijk extreem intolerant gedrag te voorkomen of te bekritiseren. Soms wordt het bestaan ervan domweg ontkend. De gabberfeesten moeten immers wel leuk blijven. Zodra mensen de Hitlergroet brengen, kijk je toch gewoon de andere kant op?

Dat een aantal van de gabbers op extreem-rechts zal stemmen indien ze de mogelijkheid krijgt, leidt volgens ROSA geen twijfel. De verhouding tussen de CP'86 en het rechts georinteerde deel van de housebeweging is echter tweeslachtig. Veel gabbers slikken XTC en speed, iets wat de neofascistische groepering een doorn in het oog is. De partij heeft veel potentiële house-aanhangers verspeeld als gevolg van haar anti-drugsstandpunt (op een van de CP'86 stickers wordt zelfs de doodstraf geëist voor drugsdealers).

De CP'86 is overigens de enige partij die geregeld houseparty's bezoekt om er onder bezoekers te folderen. Freling zegt een verband te zien tussen de relatief grote aanhang voor zijn partij in Rotterdam en de uit die stad afkomstige gabbercultuur. De aantrekkingskracht van de CP'86 is ook volgens onderzoeker Hajo Schoppen het sterkst te bespeuren in Den Haag, Rotterdam en omgeving. Het gebruik van het Keltische kruis als partijsymbool wordt door veel jongeren gezien als bewijs van geestverwantschap met henzelf. Veel graffiti-spuiters zetten in één moeite door een Keltisch kruis, White Power en CP'86 op de muur.

Dit gevoel van verwantschap en steun leeft bij veel jongeren die de onderzoeker heeft gesproken en die fysiek of verbaal geweld hadden gepleegd jegens allochtonen. Vaak hebben zij een tamelijk vaag gevoel, dat CP'86 een partij is waarmee ze een gemeenschappelijke strijd uitvechten, zonder dat ze van die partij het fijne weten of willen weten. Gevolg is wel dat velen propagandamateriaal van de partij bestellen en daaruit kreten overnemen.

Volgens Hajo Schoppen kunnen de ontstane problemen te lijf worden gegaan als de etnische lading die de gabbercultuur heeft gekregen wordt teruggedrongen. Als het beeld van een blanke autochtone jeugdcultuur kan worden veranderd, zal de kans op geweld tegen andere etnische groepen worden verkleind. Zo kan een gedwongen keuze worden gemaakt: men is òf gabber òf pleger van racistisch geweld.

Aanbevelingen

De Zaanse politieke vereniging ROSA, dat zich voor het eerst verkiesbaar heeft gesteld voor de gemeenteraad van Zaanstad, heeft een reeks aanbevelingen ingediend bij burgemeester en wethouders. Het is een lijst van maar liefst vijftig suggesties ter voorkoming en bestrijding van racistische symptomen op lokaal en regionaal niveau. Behoudens de aanbeveling om een onafhankelijke politieklachtencommissie in het leven te roepen, was burgemeester Ruud Vreeman zeer te spreken over de aanzet om te komen tot een gerichter Zaans anti-discriminatiebeleid.

Ron Leen van ROSA begrijpt nog steeds niet waarom Vreeman zo furieus reageerde op de politieklachtencommissie. "Hij eiste zelfs een rectificatie in onze brochure, terwijl het slechts een aanbeveling is. Maar het is wel een belangrijke aanbeveling. Mensen die van mening zijn dat ze door de politie racistisch worden behandeld, moeten ergens terecht waar ze hun verhaal kwijt kunnen. Nu komt men met een dergelijke klacht bij een politieambtenaar terecht. Dat vinden wij niet onafhankelijk. Klaar."

ROSA, dat zich de afgelopen jaren in de Zaanstreek nadrukkelijk heeft gemanifesteerd als buitenparlementaire pressiegroep, verwacht dankzij die herkenbaarheid één tot twee zetels te behalen bij de komende gemeenteraadsverkiezingen. Hoewel ROSA zich wel degelijk lokaal manifesteert, onderscheidt de partij zich van andere lokale partijen door haar zeer uitgebreide verkiezingsprogramma. Volgens Ron Leen zelfs uitgebreider dan die van de gevestigde partijen, èn met een eigen visie.

Ron: "De meeste lokale partijen zijn one-issue groepen, met partijstandpunten die overeen komen met hetgeen de burgers willen. ROSA hanteert programmapunten met een duidelijke eigen mening, gebaseerd op het pacifistische socialistische gedachtengoed."

Dat pacifisme, ROSA komt voort uit de PSP'92, komt met name tot uiting in het programmapunt over defensie. Zo dient de gemeente Zaanstad elke medewerking aan militairen en aan defensie gelieerde organisaties te weigeren. Bedrijven als Eurometaal die zich bezig houden met de productie en levering van militaire produkten moeten worden geweerd uit de gemeente. Eurometaal, de beruchte wapenfabriek in Zaandam, is al jaren een steen des aanstoots voor ROSA en andere pacifistische groepen. ROSA eist in haar verkiezingsprogramma dan ook de onvoorwaardelijke sluiting van de fabriek.

Is Ron niet bang dat ROSA haar geloofwaardigheid als pressiegroep kwijt raakt bij de burgers zodra men een medewerker in de gemeenteraad heeft zitten? "Zodra we een zetel behalen gaan we eerst eens met de hele club op de hei zitten om te bespreken hoe we het evenwicht tussen parlementarisme en buitenparlementarisme kunnen behouden. Dat zal nog een hele discussie worden. Onze herkenbaarheid ligt nu eenmaal in onze acties. Het is de bedoeling om het raadslid als doorgeefluik te laten functioneren van het platform dat ROSA heet. Zoiets."

Alex van Veen

(1) Tien jaar Zaans racisme; politici, skinheads, gabbers en aanbevelingen. Brochurereeks die een beeld schetst van de onverdraagzaamheid zoals die tussen 1987 en 1997 heerste bij een deel van de Zaanse bevolking.

Naar boven
Naar overzicht dit nummer

Naar Jaargang 1998