| Homepage |
|
MAI, Grondwet van een wereldeconomie
In mei 1998 moet het multilaterale investeringsverdrag in werking
treden. Vergeleken bij dit verdrag is de Europese economische samenwerking
niets meer dan een vingeroefening. Waarschijnlijk daarom is er alles
aan gedaan het zo geruisloos in te voeren. Het anti-MAI netwerk probeert
dit te verhinderen.
Het Multilateral Agreement on Investments (MAI) komt uit de hoed van de Organisation for Economic Cooperation and Devolopment (OECD) dat er sinds mei 1995 in het geheim over vergadert. Komend voorjaar moet het in werking treden. De doelstellingen van het verdrag liegen er niet om want het gaat om een haast definitieve overdracht van macht, van lokale, regionale en nationale overheden, aan transnationale bedrijven.
De Wereld Handels Organisatie (WTO) heeft het liefkozend "de grondwet van een wereldeconomie" genoemd. Het is moeilijk voor te stellen dat een verdrag met zulke ingrijpende gevolgen zo ongemerkt ingevoerd kan worden. Het lijkt er op dat zelfs de volksvertegenwoordiging niet door heeft wat er op ons allen afkomt.
Zo'n twee jaar geleden begon de OECD met de voorbereiding van het investeringsverdrag. Deze club van 29 rijke industrielanden waaronder Nederland, moest een verdrag gaan maken waar in de wereldhandelsorganisatie (158 landen) teveel weerstand tegen bestond. Het verdrag gaat niet zozeer over de "vrije" handel tussen landen maar meer over de belemmeringen die internationaal opererende bedrijven ondervinden in het drijven van handel. MAI zal de waarde van dit soort voor het internationale bedrijfsleven vervelende wetgeving reduceren tot de oud papier-prijs waarop ze geschreven is.
In het verdrag krijgen multinationale ondernemingen uitgebreide nieuwe bevoegdheden. Ze krijgen onbeperkte toegang tot alle sectoren van de samenleving, moeten altijd minstens zo goed behandeld worden als plaatselijke bedrijven en mogen overal investeren zonder dat daar voorwaarden aan gesteld worden. MAI geeft buitenlandse bedrijven het recht om nationale, provinciale en plaatselijke overheden voor een speciaal MAI tribunaal te slepen om wetgeving terug te draaien, financiële vergoeding te eisen en toegang af te dwingen tot elke sector van de economie.
Protest
De OECD hoopt dat de rest van de wereld, met name de ontwikkelingslanden, het verdrag ook zullen ondertekenen als het af is. Ze hebben echter geen enkele stem in de onderhandelingen. Landen als India en Maleisië protesteren tegen deze gang van zaken. Ze hebben het verdrag afgewezen omdat het niet de belangen van de bevolking in de ontwikkelingslanden verdedigt, maar die van westerse multinationale ondernemingen. De rijke landen trekken zich hier echter niets van aan en willen het verdrag uiterlijk in mei 1998 ondertekenen. Nederland speelt een belangrijke rol omdat de onderhandelingen gecoördineerd worden door Dhr. F.A. Engering van het Ministerie van Economische Zaken.
Het is dus moeilijk voor te stellen dat zo'n verdrag zo geruisloos doorgevoerd dreigt te gaan worden. In Noord Amerika, waar men met het Noordamerikaanse Vrijhandelsverdrag (NAFTA) het kleine zusje van MAI geconfronteerd is, zijn inmiddels burgerinitiatieven van de grond gekomen. Deze proberen mensen er van bewust te maken dat het MAI de situatie van arbeiders en armen nog verder zal verslechteren.
Zowel in Canada en de VS heeft men kleine overwinningen geboekt. In Canada is er een hoorzitting over de MAI afgedwongen. In de VS heeft president Clinton twee weken geleden een gevoelige nederlaag geleden toen zijn poging de MAI in een ultra versnelde congresprocedure te laten goedkeuren, strandde in een stemming.
Dat in Noord-Amerika mensen wakker zijn geschud heeft veel te maken met de ervaringen die men daar heeft gehad met het NAFTA verdrag. Op 1 januari 1994 verlieten de Mexicaanse Zapatistas nog de bergen en bezetten een deel van de provincie Chiapas. De datum was geen toevallige keuze want het was de datum dat het NAFTA verdrag in werking trad.
Men koos deze datum om daarmee hun afkeer van het neo kolonialistische NAFTA verdrag te uiten. Vier jaar later is het aantal mensen dat in heel Mexico onder de armoede grens leeft gestegen van 30 naar 50 procent. Veel bedrijvigheid heeft zich echter wel van Canada en de VS naar Mexico verplaatst. De voornaamste reden hiervoor is dat de loonkosten in Mexico uitzonderlijk laag zijn.
Daarnaast worden er geen radicale vakbonden in bedrijven getolereerd zodat er een schijnbare arbeidsrust heerst.
Deze ontwikkeling heeft natuurlijk ook de lonen in Canada en de VS enorm gedrukt. Immers, door het NAFTA verdrag werd het voor bedrijven enorm makkelijk om van vestigingsland te veranderen. Loon en andere arbeidsconflicten worden dan ook heel gemakkelijk beslecht in het voordeel van de werkgever, slechts door te dreigen de productie te verplaatsen naar Mexico. De lonen in de VS staan hierdoor enorm onder druk. Voor de helft van de Amerikaanse arbeiders is het netto loon anno 1997 lager dan het, ook al niet bijster hoge, niveau van 1989.
Het MAI-verdrag ondermijnt ook alle verdagen die totnutoe zijn gesloten met het doel de kwetsbare positie van inheemse volkeren te beschermen. Deze verdragen zijn vaak na lange strijd afgedwongen door inheemse organisaties maar helaas worden ze door de MAI als discriminerend gezien voor internationaal opererende bedrijven.
Afwijzen
Het uitgangspunt van MAI is dat buitenlandse investeringen en een volledig 'vrije' markt altijd goed is en dat iedereen erdoor op vooruit gaat. De realiteit is anders: afhankelijkheid van buitenlandse investeringen leidt meestal tot groeiende ongelijkheid tussen arm en rijk, uitputting van grondstoffen, milieu-vervuiling en verlies van werkgelegenheid. Regulering van buitenlandse investeringen is een democratisch recht en van cruciaal belang om de schade te beperken en ervoor te zorgen dat de bevolking ervan profiteert en niet alleen de investeerder.
In deze tijden, waar de internationale financiële markten rampen veroorzaken en de bevolking zich steeds meer zorgen begint te maken over de dolgedraaide globalisering, is MAI wel het laatste waar we op zitten wachten. Er is dringend behoefte aan een verdrag dat het gedrag van multinationale ondernemingen aan banden legt, niet een MAI dat hun onbeperkte rechten en vrijheden geeft!
Toch weet bijna niemand wat MAI is, maar de gevolgen zullen ook voor Nederland rampzalig zijn. Zo zal het onmogelijk worden om buitenlandse investeringen te reguleren en bijvoorbeeld eisen te stellen aan het creëren van lokale werkgelegenheid. Verder maakt MAI een eind aan beperkingen voor buitenlandse investeerders op gebieden als gezondheidszorg, landbouw, cultuur, onderwijs en natuurlijke hulpbronnen.
MAI geeft in principe buitenlandse investeerders recht op toegang tot alle bestaande subsidieregelingen. Ook zal het milieubeleid in Nederland in gevaar komen. Buitenlandse bedrijven kunnen financiële compensatie eisen voor regelgeving die ze als discriminerend opvatten. Hierdoor zou nieuwe milieuwetgeving vrijwel onmogelijk worden gemaakt. Ook zal het verdrag het onmogelijk maken economische sancties in te voeren zoals de sancties die het apartheid regime in Zuid Afrika op de knieën dwong.
Netwerk tegen MAI
Het verdrag is nog te stoppen mits we ons er tegen organiseren. Corporate Europe Observatory en EuroDusnie zijn de initiatiefnemers voor de oprichting van een landelijk anti-MAI netwerk. Dit netwerk sluit tevens aan op bestaande buitenlandse en internationale netwerken tegen de MAI en WTO. Het Nederlandse anti-MAI netwerk staat nog in de kinderschoenen maar de tijd dringt.
We vragen geïnteresseerde groepen zich bij het netwerk aan te sluiten. Groepen dienen het MAI als gevaarlijk neo liberaal speeltje af te wijzen. Het vragen om 'sociale' clausules heeft volgens ons geen zin. De bedoeling van het verdrag is immers juist om 'sociaal' beleid onmogelijk te maken of af te schaffen. Bovendien moeten dit soort uitzonderings clausules uiteindelijk volgens de MAI verdwijnen.
In een eerste bijeenkomst is in ieder geval besloten om een Nederlandse anti MAI website te maken welke als informatiepunt zal dienen en mogelijk als discussieplatform. We hopen deze medio december te openen (i.i.g. bereikbaar via EuroDusnie en CEO site). Daarnaast wordt er in de eerste maanden van 1998 door CEO en EuroDusnie een informatietour georganiseerd over het multilaterale investeringsverdrag. We zoeken individuen en organisaties die zo'n avond in hun eigen stad of dorp zouden willen organiseren. Naast het organiseren van open informatie-avonden lijkt het ons ook een goed idee om bij geïnteresseerde groepen uitleg te komen geven.
Marco, Olivier en Erik
Naar Jaargang 1998 |