Naar archief

UIT: Ravage #233 van 18 april 1997

Wolven in schaapskleren 

Het gevaar van Turks extreem-rechts in Europa 

Ze hadden het niet beter kunnen timen. Tijdens de Beurs voor Kleurrijk Nederland werd het boekje Turks extreem-rechts gepresenteerd, samengesteld door een groep mensen die schuilt gaat achter de naam 'Stop de Grijze Wolven!'. De samenstellers willen met het boek de mensen niet alleen bewust maken van het gevaar van de Grijze Wolven, maar ook de relatieve rust verstoren waarin zij, onder de subsidie-paraplu van de Nederlandse overheid, kunnen opereren. 

Een partijtje voetbal brengt niet alleen het hoofd op hol van de fanatieke en ontspoorde voetbalaanhang van diverse Nederlandse clubs. Na afloop van het WK-kwalificatieduel Turkije-Nederland kwamen in Den Haag en Arnhem groepen nationalistische Turken en linkse Koerden op hardhandige wijze met elkaar in aanraking. De wapperende Turkse vlag fungeerde letterlijk en figuurlijk als rode lap. 

Volgens een woordvoerder van het Koerdistan Informatie Centrum (KIC) in Amsterdam reed in Den Haag een colonne auto's door de Schilderswijk van waaruit vlaggen van Turkije en van de Grijze Wolven werden vertoond. Naast het vlagvertoon werden er volgens het KIC vanuit de auto's ook allerlei politieke leuzen gescandeerd. De Grijze Wolven riepen 'Dood aan de PKK!' en scholden op Koerden.  

Een week eerder werd er in Den Haag brand gesticht in een woning, waarbij zes Turkse familieleden om het leven kwamen.  De vader, van Koerdische afkomst, en enkele kinderen ontsnapten aan de vuurzee. Toeval of niet, min of meer gelijktijdig werden in dezelfde Haagse wijk twee kantoren van rechtse Turkse organisaties, waaronder de Turkse Federatie, bestookt met brandbommen. Hierbij bleef de schade beperkt. 

Na de straatgevechten tussen de Turken en Koerden volgde het aantal incidenten zich in rap tempo op. De media leken in dit verband als katalysator te fungeren. Alles en iedereen, deskundig of niet, werd er met de haren bijgesleept om de incidenten van commentaar te voorzien. De mediabal moest rollen. 

Deze geforceerde werkwijze leidde al snel tot overspannen reacties. Zo pleitte de directeur van het Nederlands Centrum Buitenlanders, dhr. Akel, tot een verbod van extremistische Turkse en Koerdische organisaties in dit land, naar het voorbeeld van Duitsland en Frankrijk. 

Uit de bocht 

Ook de autoriteiten vlogen ver uit de bocht, door bijvoorbeeld een herdenkingsdienst in het Zuiderpark voor de slachtoffers van de brand in de Schilderswijk te verbieden. Het zou wel eens tot rellen kunnen leiden, was de argumentatie. Die dag werd Den Haag afgegrendeld voor alle verkeer; mensen van Turkse komaf werden uit de verkeersstroom gefilterd. Een dag eerder werd een politieke manifestatie van de communistische DHKC in Hengelo aangegrepen om aan de Duitse grens hetzelfde ritueel uit te voeren. Honderden in Duitsland woonachtige Turken en Koerden mochten het land niet in. 

Deze DHKC-bijeenkomst werd overigens niet afgelast, hetgeen wel gebeurde met een manifestatie van de Hollanda Türk Federasyon in Vlaardingen. Niet omdat Hollanda Türk Federasyon een mantelorganisatie is van de extreem-rechtse Grijze Wolven - AFA had al eerder protest aangetekend tegen deze bijeenkomst - maar omdat een dag eerder een Turks feest in Schiedam was verstoord door "een groep PKK'ers", "een groep provocateurs in dienst van de Turkse overheid" of toch door "een groep Grijze Wolven die de PKK in een kwaad daglicht wilde zetten" (uitspraken die verschenen in drie dagbladen). 

Dat de PKK heeft besloten de strijdbijl op te graven met het aangaan van een binnenlandse oorlog tegen de Grijze Wolven en andere Turkse nationalistische organisaties, lijkt uitgesloten. De marxistische PKK is de laatste twee jaar juist een andere weg ingeslagen en wil in brede kringen gezien worden als een respectabele vrijheidspartij die streeft naar onafhankelijkheid van Koerdistan. De PKK wil in Europa met diplomatieke middelen steun verwerven voor een vredesproces in Turkije. Ordinaire straatgevechten en laffe brandstichtingen passen niet in dit beeld. De Grijze Wolven helaas wel. 

De recent uitgegeven publicatie Turks extreem-rechts van de groep 'Stop de Grijze Wolven!' bleef dan ook in geen krant, tijdschrift of actualiteitenprogramma van radio en tv onbelicht. De meeste aandacht ging uit naar de Turkse politici die, verbonden aan Nederlandse partijen, beticht worden van het hebben van banden met de Grijze Wolven. Dit zijn het Beverwijkse raadslid Faiz Yerlibuçak (PvdA), Saban Cugun (PvdA, Geuzenveld A'dam), Mustafal Kemal Ustalar (PvdA, Zeeburg A'dam) en Ibrahim Citil (CDA). De Amsterdamse PvdA-fractie, met uitzondering van Van der Laan, ontkent in alle toonaarden de betrokkenheid van twee Turken bij extreem-rechts. 

Turanisme 

Turks extreem-rechts gaat uitvoerig in op de ontstaansgeschiedenis van de MHP, de moederpartij van de Grijze Wolven. De MHP ontwikkelde zich vanaf het eind van de jaren zestig tot een bundeling van fascistische bewegingen in Turkije. Hoewel de MHP in haar partijprogramma zowel het communisme als het kapitalisme afwees als een groot gevaar voor de nationalistische staat, en in plaats daarvan een tussenweg voorstelde, streed zij in de praktijk tegen links en werkte daarbij samen met kapitalisten. 

De naam van hun ideologie luidt Turanisme. De aanhangers van deze ideologie zien 'hun' eigen 'Turkse volk' als het superieure ras. 'De gehele wereld', behoort 'hen toe'. Ze dromen van een 'wereldheerschappij'. De MHP-aanhangers willen een 'Groot Turkije'. Concreet houdt dit in dat ze alle volkeren en landen, van de Kaukasus tot aan de Balkan en van de Balkan tot aan Midden-Azië aan de slavernij willen onderwerpen en onder Turkse heerschappij willen brengen. Hun actieve ondersteuning en propagandistische bijdragen aan de Turkse staat zijn hiervoor het beste bewijs. 

De ideologie van de MHP kent de in Turkije levende Koerden, Armeniërs, Laz, Arabieren, Assyriës, enz. geen enkele nationale rechten toe. De MHP erkent deze volkeren niet eens en dreigen de maatschappij te zullen 'zuiveren van niet-Turkse elementen' en pogen dit dreigement ook in de praktijk te brengen. Een door de MHP gebruikte leus luidt: 'Of jullie worden Turken en worden trots een Turk te zijn òf jullie moeten rekening houden met jullie uitroeiing'. 

Groepen MHP'ers fungeerden vooral in de periode 1969-1971 als officieuze staatsmilitie tegen de linkse oppositie. De tot op de dag van vandaag durende nauwe vervlechting met het 'anti-terreur' apparaat van de staat vindt hier haar oorsprong. De beweging schiep een militante jeugdbeweging wiens strijders zich Grijze Wolven noemden. 

Mantelorganisaties 

Halverwege de jaren zeventig begint de MHP zich in Europa te organiseren. Grofweg zijn daar twee redenen voor: de invloed van progressieve Europese stromingen op de Turkse migranten en de drang van de Turkse extreem-nationalistische organisaties om controle over deze gemeenschap te krijgen. De economische uitbuiting, de discriminatie en het racisme maakten de Turkse migranten extra ontvankelijk voor het Turks nationalisme. 

Daarnaast waren er door de militaire coup van 1971 in Turkije linkse Turken naar Europa gevlucht, waar zij zich begonnen te organiseren. Turks extreem-rechts zag deze linkse groepen als 'communistisch', en ze dienden daarom bestreden te worden. 

Hiervoor zette de MHP overal in Europa federaties op. De MHP werkt met mantelorganisaties omdat de Turkse Wet op de Politieke Partijen het verbiedt dat Turkse politieke partijen in het buitenland organisaties oprichten. Openlijk toegeven dat een organisatie van een Turkse politieke partij is, kan dus in principe leiden tot ontbinding van de betreffende organisatie. 

Sinds 1975 zijn de Grijze Wolven ook in Nederland actief. In dat jaar richtten zij in Amsterdam de Nationalistische Turkse Arbeidersvereniging op. Deze organisatie keerde zich tegen het communistische gevaar. In 1976 vergaderden MHP-aanhangers voor het eerst massaal in Nederland op een congres van de 'Vereniging van Idealistische Turkse Arbeiders in Nederland' (HUTID). 

In 1982 werd de 'Federatie van Turkse Verenigingen in Nederland' (HTDF) opgericht. Hiermee anticipeerden de Grijze Wolven op het toenemende protest tegen extreem-nationalistische organisaties. Antifascistische groepen verhinderden congressen en andere bijeenkomsten, lieten gebouwen van Grijze Wolven sluiten en organiseerden bijeenkomsten om ruchtbaarheid te geven aan de kwalijke praktijken van Turkse extreem-rechts. In 1979 ontstond er ook een discussie over een verbod van de Grijze Wolven in Nederland. 

Bestrijding 

Die discussie, of in ieder geval een aanzet daartoe, is vandaag de dag weer actueel. De publicatie Turkse extreem-rechts levert hiervoor een belangrijke bijdrage. Het is merkwaardig dat er zo weinig onderzoek is verricht naar de rol van de Grijze Wolven in dit land. De samenstellers van het boek verbazen zich dan ook over het feit dat de vorige publicatie over deze extreem-nationalistische groepering alweer dateert uit 1980. (De Grijze Wolf en de Halve Maan, uitgegeven door het NCB). 

Volgens 'Stop de Grijze Wolven!' is het bestrijden van het Turks (extreem-)nationalisme van het grootste belang om de emancipatie van de Turkse gemeenschap en de integratie van deze gemeenschap in de Nederlandse samenleving te bevorderen. Deze bestrijding is onder andere mogelijk door de activiteiten van Turks extreem-rechts naar buiten te brengen, de ondersteuning van progressieve organisaties uit de Turkse gemeenschap en een doortastende aanpak van de integratie door de Nederlandse overheid.

Het laatste betekent onder meer dat migranten zoveel mogelijk dezelfde rechten moeten krijgen als de autochtone bevolking en problemen op het gebied van onderwijs en arbeid stevig door de overheid en andere maatschappelijke instellingen moeten worden aangepakt. Daarnaast moet de Nederlandse overheid haar samenwerkingsverbanden met Turkse organisaties, die de integratie en emancipatie van Turkse migranten dwarsbomen, opzeggen. 

Concreet zou een dergelijke aanpak bijvoorbeeld kunnen betekenen dat bij buurthuizen in wijken met veel migranten er door deze instellingen standaard mensen worden aangetrokken die de minderheden in deze wijken vertegenwoordigen. Deze buurtwerkers zijn daarnaast goed in staat om te beoordelen wanneer extreem-nationalistische organisaties proberen activiteiten te ontplooien. Een juiste aanpak van de integratie van minderheden zal er toe kunnen bijdragen dat Turkse jongeren niet in de richting van de Turkse extreem-nationalistische organisaties en de Turkse maffia worden gedreven.

Alex van Veen

Turks extreem-rechts, een uitgave van de groep Stop de Grijze Wolven!. Dit zeer nuttige naslagwerk (zit er bij jou in de buurt ook een Grijze Wolven club?), bevat 146 pagina's.

Naar boven
Naar overzicht dit nummer
Naar Jaargang 1997