UIT: Ravage #220 van 18 oktober 1996
De week van: Rens den Hollander
Rens den Hollander is medewerkster van het Autonoom Centrum in Amsterdam. Daar komt informatie en actie bij elkaar. Er wordt gedacht in de richting van veranderingen naar een wereld die van iedereen is. Trefwoorden van het werk zijn (detentie van) vluchtelingen en illegalen, spreekuren, registratie en controle en administratieve apartheid. Er werken negen mensen, waarvan die banenpoolers. Rens is daar een van. Ravage wist haar te strikken voor het weekboek.
Eigenlijk heb ik altijd al een hekel (gehad) aan het idee 'dagboeken bijhouden'. Ik schrijf regelmatig gedachten, ideeën, ervaringen op, dat wel, maar dat is iets anders. Een dagboek betekent 'vastleggen' en 'terugblikken', terwijl ik wil 'loslaten' en 'vooruitblikken' op basis van mijn geschiedenis en ervaringen. Een dagboek 'verplicht' je bovendien elke dag weer te pennen. Maar. Ravage heeft mij gestrikt het toch eens een weekje te proberen. Ziedaar!
Het Autonoom Centrum (AC), allen en alles daaromheen, is bijzonder belangrijk voor mij. Ik voel me onderdeel van de 'gedachte AC'. Mijn werk vloeit als het ware vlekkeloos over in mijn niet-werk. Er is geen scheidslijn of zoiets. In feite zie ik het AC ook niet als werk in de betekenis die men doorgaans aan werk, arbeid, geeft. Ik zie het AC meer als een gedachte, waarin ik een aandeel heb.
Iedere medewerk(st)er van het AC levert ideeën en gedachten aan. Hoewel we van 9 tot 17 uur in het kantoor werkzaam zijn, starten die ideeën niet om negen uur en eindigen ze evenmin om vijf uur. Het werk gaat ook na werktijd gewoon door. Ook in mijn dromen (letterlijke en figuurlijke dromen) gaat het AC en alles daaromheen gewoon door.
Maandag 8 oktober 1996
Deze ochtend lijkt het rustig. Een collega meldt zich af, een andere is naar de maker van films in Delft, de voorfase voor het drukken van onze Nieuwsbrief nummer 10. Het geeft een opgeruimd gevoel dat de Nieuwsbrief de deur uit is. Hoef je je niet meer druk te maken om bijvoorbeeld het laatste nieuws erbij te proppen. Ik kan nu met een andere collega heerlijk rustig vergaderen. We brainstormen over de hoorzitting over vreemdelingenbewaring.
In samenwerking met politiek cultureel centrum De Balie organiseren we deze zitting in het voorjaar om gevangenschap van onschuldige illegalen en al dan niet uitgeprocedeerde asielzoekers aan de kaak te stellen. Het wordt een hele klus, we gaan er dan ook een half jaar aan werken. Dit onderwerp boeit me bijzonder. Er is zoveel aan de hand op dat terrein, nu al zo lang, en steeds meer. Ik ben sinds 1991 bezig met detentie van vluchtelingen. We zijn nu vijf jaar verder en het aantal gevangenissen en redenen voor gevangenschap heeft zich enorm uitgebreid.
Dan worden we plots onderbroken door een ID-weigeraarster met een grote bos zonnebloemen. Als pluim op het gewonnen proces tegen de identificatieplicht, het meest recente succes in de anderhalf jaar durende campagne. Die uitspraak van de belastingkamer rolde vrijdag 4 oktober binnen, we maakten er een persbericht van en dat was goed nieuws! Ook voor alle aangesloten ID-weigeraars. Te hopen is dat nu iedereen zijn of haar door de werkgever uit het paspoort overgeschreven ID-gegevens terugvraagt. De kopie van het ID-bewijs kan al langer teruggevraagd worden bij de werkgever, een eerder gewonnen proces. Als iedereen dat massaal doet dan is die wet failliet. Feest!
Oké, het werk gaat verder. Er komt een vluchteling voor het spreekuur binnenlopen. Dat is officieel op woensdag, maar vaak komen mensen toch tussendoor. Doorverwijzen naar woensdag als adviseren in zijn zaak meer tijd kost. Een betrokken vriend van een gedetineerde die wij vaak bezoeken komt vertellen dat hij van Alphen naar Nieuwersluis is overgeplaatst. Hij vertelt dat ie ondersteboven is van wat zich allemaal met zijn vriend afspeelt in de bajes. Hij wist, als buitenstaander niet, dat vreemdelingenbewaring zo erg was.
Later op de dag bekijk ik een brief aan mogelijke meedenkers voor de hoorzitting. Dat zijn mensen die we als 'delegatie' ter onderzoek van de massale honger- en werkstaking in de Willem 11 gevangenis hadden voorgesteld.
Vlak voor zes uur even rennen voor een verjaarscadeautje voor Makuna, een bekende illegaal en ex-gedetineerde (9 maanden!). Naar de post, ansichtkaarten sturen naar een aantal gevangenen vluchtelingen, in de grensgevangenis, de Willem 11 en Nieuwersluis. 's Avonds om 22 uur fax ik nog heen en weer met Parijs. Ik ga daar volgende week naar een internationale bijeenkomst over de 'sans-papiers', de mensen zonder verblijfspapieren en hun organisatie van kerkasiel en kerkbezetting.
Dinsdag 9 oktober
Van 10 tot 12.30 vaste AC-vergadering. We bespreken de prioriteiten in samenwerken en netwerkvorming, zowel op nationaal als op Europees niveau.
In de avonduren zing ik met vijftig andere vrouwen tweede alt in het requiem van Verdi. Als kind al was ik gek op dat stuk muziek. Een verademing om op te gaan in die structuur van 150 stemmen. Zo'n koor, het bestaat al 70 jaar, is een soort verenigingsleven. Het is grappig te zien dat zo totaal van jou verschillende mensen (of jij verschilt totaal van hen...) een gezamenlijke interesse hebben. Na Guiseppe Verdi nog snel even een blik werpen in Nieuwsbrief 10, die is zojuist opgehaald bij de drukker in Den Haag.
Mmmm, ziet er goed uit; maar als je kritischer kijkt staan er toch nog wel taal- en lay-outfoutjes in. Dit keer veel tekst, weinig beeldmateriaal. Het lijkt meer een tijdschrift dan een nieuwsbrief. We baalden er zelf ook van dat er nauwelijks ruimte was voor beeldmateriaal. Eens zal het volmaakte komen...!
Woensdag 9 oktober
Vandaag wordt het Nieuwsbrief rapen en vouwen, dat zijn gezellige lopende banduurtjes. Voor mij dit keer van korte duur want ik ga om 12 uur in Utrecht naar een vergadering van het Platform Migranten Zonder Verblijfsvergunning over verwijderingsbeleid. Woensdag is de spreekuurdag, dus die vergadering komt belabberd uit, maar dat kon niet anders. De eerste 'klanten' komen binnen en ik ren naar de tram, trein.
Onderweg naar Utrecht zie ik dat het herfst wordt. Een wazig landschap, helaas raast het aan me voorbij. In de trein terug zit ik te dubben over de dilemma's bij samenwerken. Het kan heel goed 'zijn vanuit diverse invalshoeken samen te werken, maar evenzeer kan het weinig effectief zijn.
In de trein zit ik naast een stel economiestudenten die een verhaal over ontgroening ophangen. Dat dit nog bestaat, denk je dan, dat mensen daar serieus mee bezig zijn, vreselijk. Dat soort ontgroende types - sorry dat ik nu zo categoriseer komt over het algemeen in hogere beleidsbepalende functies terecht, eng is dat.
Naast me in de trein is een telefooncel. Het valt me op dat mensen er verbaasd langslopen, even denken en prompt gaan bellen. Consumptiepatronen worden wel degelijk beïnvloed.
Terug in het AC, leuk, daar is Hanna aan het vouwen. Zij zou graag bij het AC komen werken, maar heeft nog weinig tijd. Met haar schrijf ik adressen voor de verspreiding van de nieuwsbrief. Elke keer weer namelijk is een deel van de adressen nog niet in het adressenbestand in de computer ingevoerd. Dat wordt dan met de hand pennen. Chaotische momenten. Ik zie een enorme stapel nieuwsbrieven voor de verzending klaarliggen en ben opeens heel nieuwsgierig naar wie 'm leest en hoe. We krijgen vaker goeie reacties, maar uiteraard niet van alle abonnees.
Donderdag 10 oktober
Eigenlijk is donderdag mijn dag-vrij. 'Eigenlijk', want het schiet er vaak bij in. Of er ligt teveel werk dat af moet. of er is een vergadering of afspraak. Uiteindelijk doe je het allemaal zelf natuurlijk, je kunt toch NEE zeggen?! Tja! Vandaag ga ik bij Amir op bezoek. Een Iraanse vluchteling in hongerstaking en in de isolatiecel in de Willem 11, gevangenis voor illegalen en (niet altijd) uitgeprocedeerde vluchtelingen. Het tijdstip van bezoek heb je niet voor het kiezen; het is gedicteerd. Ben je verhinderd? Dan heb je pech gehad en vooral de gedetineerde ook. Dan gaat dat ene schaarse bezoekuurtje in de week waar men recht op heeft 'gewoon' over!
Het is van de zotte dat daarin niet enige souplesse bestaat. Al dat bezoek moet maar net kunnen op het gedicteerde tijdstip. Je bent net een marionet in dit machtsspel. Veel bezoek moet ook nog van ver komen, ik ook. In de trein kun je wel lekker werken maar driekwart van je dag wordt voor n uurtje bezoek in beslag genomen. Wat een ontmoedigingsbeleid.
Ik kom om 9 uur het kantoor binnen waar twee collega's aan de nieuwsbriefverzending werken. Het is of ze er al uren werk op hebben zitten. Krant met koffie, snel voor ik naar. de trein moet nog enkele nieuwsbrieven voor verzending klaar maken. Advocaat van Amir en de Vuurdoop bellen, onze collega-organisatie in het bezoekwerk aan gevangen vluchtelingen.
De laatste ontwikkelingen moet ik weer aan Amir door kunnen geven. Dit keer ga ik alleen op bezoek bij hem, vorige keer hielden we met ons vieren: Amir, Vuurdoop, Prime en ik een 'vergadering' in de gevangenis om de steun aan Amir vorm te kunnen geven.
Snel m'n werk voor in de trein inpakken en wegwezen naar het station. Onderweg probeer ik me voor te stellen hoe Amir ervoor staat, hoe ik hem aantref. Ik besef dat het een gevoelig bezoek is; hij zal mij vragen of er nog hoop is, hoe ik zijn asielzaak inschat. Voor hem is het een kwestie van leven of dood. Ik merk dat ik dit een heel moeilijk bezoek vind.
De trein passeert het gebied waar de grensgevangenis ligt. Ik word altijd kwaad als ik er langs reis. Daar zit het ook vol met mensen die hopen, of niet hopen, die tussen leven en dood zwerven. Allen met uitzetting bedreigd. En niemand die weet dat zich daar in een gevangenis zoveel leed afspeelt, en waarom? Een Zaïrees die naar Kinshasa is gevlogen, waar hij geweigerd wordt, teruggevlogen wordt naar Schiphol, vervolgens op het vliegtuig naar Johannesburg wordt gezet. Een andere Zaïrees. die in de laatste Eurocharter werd gedeporteerd (vanaf Parijs van de maatschappij Euralair). Via Parijs naar Kinshasa. En daar, wie maakt zich druk om hem, om zijn veiligheid...?
In Den Bosch blijkt de trein waarin we zitten geen machinist te hebben. We moeten eruit en een trein later nemen. Ik baal als een gek,want ik moet in dat ene uurtje bezoek alles proppen. Op zich grappig hoe iedereen reageert op zo'n probleempje. Gegons op het perron, verontwaardiging alom, want wie heeft er nou zomaar tijd over? Ik hoop ook dat ik nog op tijd bij Amir kom. Precies op tijd, zo blijkt, 14.35 uur. 'Welkom in Justitieel Complex Koning Willem 11' lees ik op een roterend tekstbord. Er hangt een lugubere stilte. Hier zitten zo'n 400 mensen in de puree, en dan over 'welkom' spreken.
Ik wacht op Amir, die pas om 14.55 uur wordt binnengebracht. Ondertussen hoor ik kletspraatjes aan van drie bewakers over het tv-programma waarin een man duizend gulden krijgt als ie met z'n onderbroek nog net aan bij een vrouw op schoot gaat zitten en zij hem op z'n billen mag kletsen. Tjongejonge. Ik ben blij als Amir eindelijk binnenkomt. Vraag meteen of we die verloren 20 minuten erbij krijgen.
Allemaal argumenten waarom ie laat is, het duurt nou eenmaal langer als iemand vanaf de isolatieafdeling (afdeling-X) moet worden opgehaald. Alsof Amir en ik daar iets aan kunnen doen. Er wordt geen inhaaltijd toegezegd; men zal zijn best doen. Met Amir bespreek ik zijn persoonlijke situatie en zijn asielzaak. Er zitten drie, en in de loop van het bezoek nog meer, bewakers in de deuropening. Het is beklemmend. Amir vraagt me inderdaad of er hoop is. Wat antwoord je dan?
Er is zeker hoop in zijn zaak, het kan niet waar zijn dat Nederland Iran veilig verklaart. Niet voor Amir, niet voor andere Iraniërs. Na beraad nemen we afscheid, een stevige veelzeggende handdruk. Hoop! Amir zegt nog dat bezoek in het Scheveningse gevangenisziekenhuis wat makkelijker te regelen is dan in de Willem 11.
Ik vraag de bewaker of we die in te halen tijd extra krijgen maar meneer zegt dat hij 'al 10 minuten gegeven heeft', en dat is het. Alsof wij die tijd van hem moeten 'krijgen', een geschenk van de bewaker himself? Het is nog altijd een recht, dat ene uurtje bezoek per week. Ik begeef me richting buiten de hekken. Amir wordt door veel bewakers verder naar binnen die hekken gebracht, naar de isolatiecel.
Dit moment is een van die afschuwelijke gewaarwordingen. Desolaat loop ik de gevangenis uit. Wat is dit voor een gebouw!? Op de terugweg vraag ik me af hoe een directeur van zo'n gevangenis zelf dagelijks die hekken in en uitloopt. Wat gaat er door zo iemand heen als hij dagelijks de scheidslijn tussen vrijheid en gevangenschap passeert? Het blijft een raadsel. In ieder geval is contact voor vluchtelingen/illegalen met buiten van grote waarde voor de gevangene. En voor mijzelf ook.
's Avonds heb ik een les palmas, klappen in flamenco. We doen dit in een kleine groep, en het luistert nauw naar elkaar. Strakke ritmes en ritmes door elkaar heen. Direct daar achteraan flamencoles, de fandango. Deze avond is me altijd heilig. Het is zo heerlijk om volledig te dansen. Bovendien vergt de concentratie op flamenco dat je aan niets anders meer denkt dan aan flamenco. Werk is ver weg. Hier in de flamenco is ook een bonte vrouwengezelschap actief, allen met totaal verschillende achtergronden. Na de les doorzakken in café Duende.
Vrijdag 11 oktober
Krant en koffie. Ik begin met een aantal nazendingen van de Nieuwsbrief. Nieuwe adressen van mensen die je toch graag de nieuwsbrief wilt geven blijft een bottleneck. Ron komt langs voor de foto die bij dit dagboek hoort. "Het lijkt hier wel een computerbedrijf", constateert hij als we een plek zoeken als decor voor de foto. Inderdaad liggen diverse computers uit elkaar, er is een ventilator kaduuk waardoor de geheugenchip te heet werd. In een andere wordt een nieuwe harde schijf gemonteerd. Ergens zwerft nog een demontabele harde schijf rond en er staat een nieuwe compu klaar om de mijne, een ouwe, te vervangen opdat ook ik ben aangesloten op ons interne computernetwerk. Alle compu's zijn met elkaar 'gekoppeld' via één centrale compu. Als alle kinderziektes van dit interne netwerk voorbij zijn, zal ook elke computer aansluiting hebben op internet. Nu is die communicatie slechts via één compu mogelijk.
Ik werk aan Amir's brief aan 'de openbaarheid'. Gelukkig heeft een collega die met hulp van een Iraniër nu integraal vertaald uit het Farsi. Die brief wil Amir naar de koningin en alle in zijn zaak betrokken instanties sturen, en aan de openbaarheid.
Ik bel over Amir met advocaat, Amnesty, Vuurdoop en Prime.
Zaterdag 12 oktober
Ik zal vandaag de (woon)kamer voor een vluchteling opknappen. Het gaat om een wisselwoning, een kamer op een verdieping waar meer mensen wonen. Het komend half jaar komt er weer een nieuwe vluchteling. Voor die tijd moet alle interieur van jaren eruit, huisraad en verzamelingen spullen van verschillende vluchtelingen. In deze kamer hangt een passeerderssfeertje; ook omdat je weet dat al vele vluchtelingen uit diverse landen daar een tijd onderdak hadden. Hun verhalen hebben alle andere achtergronden.
Zondag 13 oktober
Puin ruimen van de verbouwde kamer. Die werd verbouwd om er nog een tweede vluchteling huisvesting in een wisselkamer te bieden. Na het puin ruimen lekker even lucht scheppen, een ronde in het Vondelpark, bij gebrek aan een echte wandeltocht op deze mooie en warme herfstdag.
Maandag 14 oktober
De brief in definitieve vorm aan betrokkenen voor de hoorzitting over vreemdelingenbewaring afmaken en de deur uit doen.
Ook de brief van Amir is af en stuur ik eerst aan wat eigen organisaties zodat ze kunnen meelezen. Daarna aan 'de openbaarheid' en instanties in zijn asielzaak. Wij hopen met Amir dat zijn stem gehoord wordt en zijn zaak serieus heroverwogen wordt. Dat de isolatie wordt opgeheven, en dat hij zijn vrijheid terugkrijgt. Daarna moet de bescherming tegen het onveilige Iran vorm krijgen.
Rens den Hollander