Naar archief

UIT: Ravage #212 van 14 juni 1996   

Chargeren, niet nuanceren

BENZINE, GEEN BAK ZAND 

Heeft politiek geweld zin en onder wat voor voorwaarden? Marc betoogde in de vorige Ravage dat geweld niet bij voorbaat moet worden uitgesloten, maar dan hooguit als een noodzakelijk kwaad. Martin stelt zich wat minder voorzichtig op. "Mits ik de doelstellingen ondersteun, keur ik geweld goed." 

De discussie over geweldgebruik is absoluut niet nieuw. Iedere activist denkt bijna dagelijks over geweldgebruik na. De discussie is in Ravage en voorheen NN meerdere malen gevoerd. Maar is het wel een discussie? Mijns inziens is het een uitwisseling van meningen die aan verandering onderhevig zijn. In sommige gevallen is geweldloosheid te prefereren, in andere is direct geweld een uitstekende keuze.  

Voor hier verder op in te gaan wil ik een aantal begrippen verduidelijken aan de hand van een min of meer wetenschappelijke benadering. Het gaat hier expliciet om politiek geweld, in andere media ook wel politiek terrorisme genoemd. Wat dat betreft gaat Gijs Schreuders in zijn stuk 'Links Terrorisme' in de Volkskrant van 13 mei jl. al direct de fout in.  

Nu hebben we het niet eens over het politiek geladen woordgebruik want "One man's terrorist is the other man's freedomfighter". Terrorisme suggereert namelijk dat brede lagen van de bevolking door geweld en bedreiging stelselmatig schrik aangejaagd wordt. De Van Dale definieert terrorisme als "het ontwrichten van een samenleving door daden van terreur met een politiek oogmerk". Dit acht ik echter een overschatting van het politieke geweld dat in Nederland vanuit 'links' komt. Dit geweld is eerder uitzondering dan regel en heeft ook niet een dusdanige vorm dat er van terreur sprake kan zijn. Het is eerder een incidenteel politiek statement. 

Onderscheid 

Politiek geweld of, grootschaliger, terrorisme, is al een diffuus begrip (1). Zo kan je al een onderscheid maken tussen politiek geweld tussen burgers onderling (bij voorbeeld fascisten tegen antifascisten), van de staat tegen de burgers (bijvoorbeeld de Turkse staat tegen de PKK) en natuurlijk van de burgers tegen de staat. Deze laatste categorie valt echter ook weer uiteen in drie delen, te weten de single-issue activisten (bijvoorbeeld ELF, ALF, RARA), het separatistisch geweld (bijvoorbeeld ETA, PKK, PLO, Molukkers) en de sociaal-revolutionaire bewegingen (bijvoorbeeld de RAF in Duitsland, de Primea Linea in Italië, de CCC in België en het Franse Action Direct).  

Een ander onderscheid het verschil tussen personeel en materieel geweld. Dit onderscheid is ook in deze langlopende discussie al herhaalde malen gemaakt. De link tussen sociaal-revolutionair geweld en psychopathologisch geweld zoals die door Schreuders gelegd wordt, is overigens al veel eerder in dezelfde krant, van de hand gewezen: "Het Zou kunnen zijn dat deze aanslag (Tokyo, 20 maart 1995) ons juist wegvoert van de relatief rationele wereld van terroristen, opstandelingen, separatisten en coupplegers, naar de irrationele wereld van gewapende sekten en gestoorde individuen die een apocalyptisch protest willen laten horen." (2)  

Natuurlijk wordt, zoals Marc al zegt in de vorige Ravage, in de Nederlandse samenleving het onderwerp h van staatsgeweld zwaar onderbelicht en natuurlijk is de staat niet neutraal. Behalve dat de staat het geweldsmonopolie heeft, gaat veel van het staatsgeweld vaak op een subtiele manier of ten opzichte van kleine groeperingen waarvan 'het volk' denkt dat ze het dan wel verdiend zullen hebben (bijvoorbeeld krakers, Bluf! uuhh Ravage, asielzoekers). Ook 'links' hanteert echter verschillende maatstaven. Geweld tegen CP'ers wordt namelijk wel toegejuicht. 

Afwachtend 

Toch vind ik dat Marc ten opzichte van geweld nog steeds een afwachtende en veroordelende visie tentoon spreidt. Hij distantieert zich niet, een vage mediaterm waarmee men wil aangeven dat men de doelen goedkeurt maar het middel nooit r zelf zal gebruiken. Zelf denk ik dat men niet zou moeten aarzelen heimelijk positief over gewelddadige acties te oordelen en te zeggen: mits ik de doelstellingen ondersteun, keur ik geweld goed. 

Marc acht geweld op dit moment en in dit land en in de huidige situatie en in het huidige machtsevenwicht slechts gelegitimeerd tegen materiële doelen van mensen die slechts reageren op materiële impulsen. Geweld is absoluut geen heilig makende filosofie, het is slechts een van de vele manieren om actie te voeren. Elk mens zal op een verschillende manier actie voeren. Verschillende actiemethoden, van handtekeningenacties, boycots, tot zowel materieel als personeel geweld zijn mijns inziens slechts een aanvulling op elkaar. 

Voor de analyse van politiek geweld is het op dit punt belangrijk een onderscheid te maken tussen doelen en doelstellingen. Een gewelddadige actie wordt uitgevoerd met als doelstelling een boodschap over te brengen. Hiertoe voert de activist direct geweld uit op zijn doel (van Shellpomp tot gevangenisdirecteur) en brengt hiermee indirect boodschap over naar zowel sympathisanten als de (identificerende) doelgroep. Er wordt dan tevens indirect geweld uitgeoefend op deze doelgroep in de zin van dat zij zich bedreigd zullen gaan voelen op het moment dat deze zich gaan identificeren met het slachtoffer (psychisch geweld).  

Met (identificerende) doelgroep wordt zowel de doelgroep bedoeld die zich uit zichzelf identificeert met het slachtoffer als waarvan door de actor wordt verwacht dat zij zich met dit subject identificeert. Natuurlijk is het niet erg aardig dat mensen zich bedreigd gaan voelen. Het is echter een uiterst effectief middel (3) om mensen aan het denken te zetten over je boodschap en hen te bewegen hun bekritiseerde handelingen, plannen of beleid aan te passen. 

Met name in de keuze van het subject ligt het onderscheid tussen politiek geweld en politiek terrorisme. Bij terrorisme heeft het geweld een hoge mate van willekeur (bijvoorbeeld Hamas in Israël), terwijl bij politiek geweld juist ook met de keuze van het slachtoffer een politieke boodschap wordt overgebracht (bijvoorbeeld Rabin, politieke en industriële kopstukken, etcetera). 

Ethiek 

Marc's grens ligt met eerder genoemde huidige randvoorwaarden bij materieel geweld. Hoewel het natuurlijk erg netjes is slechts materiële schade toe te brengen (bijvoorbeeld de Weiterstadt-aanslag van de RAF) is mijns inziens ook personeel geweld gelegitimeerd mits het natuurlijk de doelen dient. Het psychisch of fysiek schade toebrengen aan mensen maakt deel uit van een actiemethode, zoals geschetst. Het gaat hier nadrukkelijk niet om de ethische discussie of geweid gelegitimeerd is, het is een actiemiddel en -discussie.  

Denk niet dat ik te licht denk over de ethische discussie, maar ik vind haar hierin niet mee tellen. Dit geeft in principe al mijn houding ten opzichte van geweldloosheid weer. Een flauwe, edoch simpele keuze: als ik een NSB-er/Stalinist dood maak zullen tien onderduikers niet opgepakt en gedeporteerd worden. Maar in het kader van deze discussie kan de ethische kosten/batenanalyse hier achterwege worden gelaten, slechts de politieke kosten/baten-analyse is hier noodzakelijk, tenzij natuurlijk geweldloosheid deel uit maakt van de politieke overtuiging. 

Een tijdens een rel gegooide steen is ook politiek personeel geweld, hoewel ongericht, maar je houdt er geen ontruiming of charge (lang) mee tegen. Dit is meer een aangeven tot welke extreme middelen Je bereid bent om je doelen te bereiken. Politiek geweld gaat verder dan een steen, het gaat om gerichte aanslagen, sabotage, liquidaties, ontvoeringen, gijzelingen, kapingen en gewapende bezettingen. 

Ik verklaar mij dan ook een voorstander van directe actie, idem dito van materieel geweld en zelfs van personeel geweld. Ook ik ben echter partijdig en maak dan ook een voorbehoud dat ik het wel eens moet zijn met de doelstellingen wil ik personeel geweld goedkeuren. Is echter aan die voorwaarden voldaan, wijs ik noch een guerrillaoorlog noch liquidaties noch ontvoeringen noch gerichte bomaanslagen per definitie af. 

Benzine 

Politiek geweld is geen traditie in Nederland. Hier hoeft niet om getreurd te worden, maar zo nu en dan een kogel door de kerk zal de gehele samenleving ten goede komen. Misschien komt er dan eens een eind aan dat typisch Nederlandse om de hete brij heen gedraai, die gezapigheid, die lafheid, die consensussamenleving, die zeikerige beschaving die eigenlijk synoniem is aan kleinzerig- en kleinburgerlijkheid. Nederland: de mantel der liefde en de doofpot maakt dat er geen rimpeltje te bespeuren valt. Het is niet zomaar vlak, het is een volledige vlakheid in elk aspect van de samenleving en politiek landschap. Chargeren in plaats van nuanceren. Benzine in plaats van een bak zand. 

Is het nou niet gevaarlijk en debet aan welke vorm van democratie dan ook om te zeggen dat je een voorstander van geweld bent zolang het jou uitkomt? Wordt het op deze manier niet een beetje een Wilde Westen? Niemand mag geweld gebruiken behalve jij als je het ergens niet mee eens bent? Beetje flauw, niet? Om te zeggen dat iedereen het recht heeft om zich met geweld te verzetten tegen misstanden die dit misschien slechts zijn voor een hele kleine groep mensen en als dit in jou perceptie geen misstand is dan zijn ze fout bezig en verdienen een nekschot? Verlicht despotisme, is dat iets wat we serieus nastreven? 

Geweld beweegt zich in een gevaarlijke, geweld en repressie oproepende, neerwaartse spiraal. Het is als de soldaat die vecht voor de vrede. Geweld is niet leuk, dood is niet leuk, een samenleving in oorlog is niet leuk. Maar een ideale samenleving, is dat leuk? Leven in totale vrede is niet leuk, tegenslagen maken het leven leuk. Het is een prettig soort masochisme dat het leven de moeite waard maakt om te streven naar iets watje nooit zult bereiken. 

Martin 

Noten

1. Gebaseerd op: Schmid, A.P. & A,J. Jongman, Politieal Terrorism: A new guide to actors, authors, concepts, databases, theories and literature; Amsterdam, NorthHolland Publishing Company, 1988;

2. Woollacott, M., 'Tokyo is slechts een voorproefje van wat komen kan.' In de Volkskrant (22 maart 1995);

3. Hoewel ik dit presenteer als een feit ontken ik niet het dubieuze karakter ervan. Helaas is dit onderwerp bij mijn weten nog slechts zelden gedegen onderzocht. Wat wel duidelijk is is dat er een grotere repressie kan ontstaan zoals afgelopen tijd in Frankrijk naar aanleiding van de aanslagen van de GIA (politie kreeg in het kader van de antiterreurwetgeving een volmacht om bij aanhoudingen te selecteren op huidskleur). Aan de andere kant is ook duidelijk dat de .impact van geweldloze acties op handelingen en beleidsvoornemens ook bijna nihil is.

Naar boven
Naar overzicht dit nummer
Naar Jaargang 1996