Naar archief

UIT: Ravage #206 van 22 maart 1996  

Het weekboek van OCCII 

Bas en Erica werken in Onafhankelijk Cultureel Centrum Innit aan de Amstelveenseweg in Amsterdam. Bands, manifestaties, kindervoorstellingen, theater alles is mogelijk in deze 'sociaal-cultureel missiepost' die wordt gerund door een 'allegaartje van wereldverbeteraars'. Op een dag werd er gebeld... 

"Ravage?"

"Ja, het tijdschrift voor kritische, ontevreden, tegendraadse, linkse hippies." "Oh, de NN."

"Ja. Ik bel je met de vraag of jullie een dagboek kunnen bijhouden over de OCCII deze week, voor het volgende nummer. Het mag geen droog verslag worden van jullie activiteiten, maar uit de persoonlijke invalshoek moet het komen. Eerlijk en Openhartig."

Zondag 10 maart 1996

Bas: Het is zondag, dat weet ik omdat ik iedere zondag een kleffe kaascroissant eet van de Marokkaanse bakker bij mij om de hoek. Zoals gewoonlijk ben ik 's morgens uit mijn humeur. De nachtdienst zit nog in mijn kuiten en de vijf uren nachtrust hadden er minstens acht moeten zijn. Verdomme ik moet opschieten, ik ben al te laat.

De wind draait uit een andere hoek vandaag.... Vandaag wint niet de westenwind het van de oostenwind en omgekeerd. Vandaag geen slogans. Vandaag geen gebakken lucht.

Een informatiedag over Vluchtelingenwerk en het Nederlandse Asielbeleid. Een deprimerend onderwerp, waarvoor je liever in je nest blijft liggen rotten, je roes uitslapen.

Ik stik van de vooroordelen, maar ik spreek ze haast nooit uit. Goed ik geef er één: 'De jongeren van tegenwoordig zijn ongemotiveerd'. (Ik ben zelf al 33 jaar hoor). Maar de organisatie van vandaag is in handen van met name begin twintigers. En alleen al daarom kan mijn dag vandaag niet meer stuk. 

Het is stervens koud, omdat de grote buitendeur open moet blijven, het is namelijk een infodag voor Amsterdam Zuid. Er was huis aan huis geflyerd in de hele Schinkelbuurt. Tegen mijn verwachting in zijn er zelfs geïnteresseerden uit Zuid. Ik zou er bijna weer in gaan geloven... 

Tijdens lezingen slaat mijn gedachtegang op hol en kom altijd op het punt van de grote samenzwering tegen de verworvenheden van deze samenleving. Het verraad van de sociaal-democraten en de grote linksradicale beweging waarvan de voormannen (m/v) nu hun dagen slijten met geneuzel in de deelraad.

H. had twee grote pannen snert gemaakt. Die gaan schoon op. Twee krakers aan de bar likken de pannen uit. Ik zeg 'krakers' omdat ze een uniform dragen. En elke eenheid van vorm geeft in mijn ogen een tolerantiegrens aan. Zo kwetsbaar als individu en zo dreigend in gesloten gelederen. Het stuit me tegen de borst als men karakteristieke trekjes bij de positie of het uiterlijk aanmeet. Ik betrap me er vaak op dat ik geen geduld heb om de mens uit de uniformiteit te halen.

Het optreden van Drabina uit de Ukraïna is een gave afsluiting. Een soort mix van Russische rapsodie - Bulgaars overtoonzang en Neil Young. Maar ja, mijn muzikale kennis van Oost-Europa is schrijnend. Schoonmaken hoort erbij, effe doorbijten. Een negatief kasverschil,...shit.

Maandag 11 maart

Bas: Ik heb een vrije dag. Er is geen jota te beleven en ik rook al jaren geen stuff meer, zodat ik m'n soelaas zoek in wat achterstallig werk. Wat officiële brieven schrijven enzo. Het klinkt zo saai en dat is ook zo. Als je ieder weekend moet werken, loopt je sociale leven een deuk op. Want laten we eerlijk zijn, bijna iedereen stopt de leuke bezigheden in het weekend. Maandag: 'Wasdag'. 

Dinsdag 12 maart 

Bas: Iedere dinsdagmorgen komen OCCII medewerkers bijeen om chaos te bestuderen en plannen te smeden. Het is een ritueel geworden. Sommige zijn van nature vergaderschuw, terwijl J. het liefst nog zijn hormonale stofwisseling uitgebreid wil bespreken. Er zijn erbij die praten, er zijn erbij die zwijgen. Bijna vier jaar bestaat deze 'Ark van Noach', geplaagd door tegenslagen en kinderziekten. Een sociaal-culturele missiepost met een allegaartje van wereldverbeteraars. We zijn er nog steeds niet uit wat onze drijfkracht is en dat is misschien maar beter ook.

Woensdag 13 maart

Erica: 11u30 - Sterretjes in m'n ogen; ik slof uit de grote bieb. Archaïsche namen dringen zich op als de zon tegen m'n hoofd knalt, op weg om drie vriendinnekindjes af te halen.  

Na een kwartier wachten in gezelschap van een oud mannetje dat op al m'n vragen "ja" antwoordt, blijk ik bij de verkeerde school beland. Nog net op tijd verenig ik me even later met de kids tussen de losse gebouwen van de Montessori en we lopen via de bakker en allerlei gekke details naar de OCCII, waar ik iedere woensdagmiddag vrijwillig assisteer bij de kindervoorstellingen.  

Gesprekken, wilde achtervolgingen, mime-spelletjes en kinderprobleempjes gemixed met zwarte koffie en een zwaar shaggie. Terwijl m'n agenda voor me vol getekend wordt, probeer ik een mannetje van verkeerszaken aan de telefoon te krijgen om een kinderstraatspeeldag voor te bereiden. Na eindeloze doorverbindingen en gesjor aan m'n vest weet ik me nog net te herinneren wat ik wilde zeggen. Ik draai me om en... de bar zit vol met een naschoolse opvang. Deze kids zijn de trouwste en heftigste bezoekertjes van ons wekelijkse kindergebeuren. Het komt er nu op neer ze van de tap af te houden door natuurkundige verschijnselen in en om de bar te verklaren en grapjes te maken. Weer merk ik dat ik m'n gelijke positie ten opzichte van enkele van hen moet inruilen voor die van een grens-trekkende volwassene.  

Na even de technicus geplaagd te hebben, blijkt een tweede groep niet op te komen dagen en met een vertraging mogen de poppenspeler en de licht-geluidsman van start. Ineens in het duisterschemer nemen de poppenkinderen van de rode moeder en de blauwe moeder onze beleefwereld over. Tussen en achter appelbomen en hoge bergen in een modern sprookjesbos vindt de queeste plaats om de opdringerige koude macht te verdelgen en via de rode zonnige bergmoeder het lekkere leven van appelsap-appeltaart-appelfriet-appelmoes-appeltroep-appel enz... weer te herkrijgen. Dit lukt slechts door een heel angstaanjagende ontmoeting waarbij we allemaal erg schrikken en ons hartje vasthouden; dit ervaar ikzelf tijdens het geluidloos limonade maken achter de bar.  

Even bijkomen als de lichten aangaan. De afwas doen, de spelers complimenteren, oh, het geld moet nog geteld, m'n drie vriendinnetjes lopen, zich half uitkledend, rondjes rond de geluidsinstallatie. 

16u15 - Ik mag weg, ze willen niet mee. Met het goede voorbeeld en gedoe krijg ik ze mee naar de tram. Ze zijn de mooiste meiden die ik ken, met de warmte, magie en vrije creativiteit die zo helemaal bij kinderen hoort. Toch ben ik moe en ze maken ruzie. 

18 uur - Hun vader komt thuis uit het ziekenhuis, waar onlangs een nieuwe telg is ontstaan. Aardig uitgeput besluit ik me toch te bezinnen eer er zelf aan te beginnen en ga op zoek naar m'n vriend.

Donderdag 14 maart

Bas: Ik betrap me er vanmorgen op dat ik loop te zingen. Dat is uitzonderlijk, want normaal gesproken werkt elke realiteit me op de zenuwen. Waarom worden mensen overspannen - gestoord. Misschien wel door een totaal verkeerde benadering van de tijd. 'Daar heb ik geen tijd voor', is een uitdrukking die ik opmerkelijk vaak gebruik. Ik las laatst in een artikel dat onderzoekers hadden vastgesteld dat volwassenen zo'n tachtig keer per dag lachen. Soms denk ik wel eens dat ik in therapie moet om de ochtenden toch wat aangenamer te maken. Maar vooralsnog ben ik een voorstander van afschaf van DE OCHTEND. 

13.uur - Naar de boekhouder. Zaken als boekhouding zijn voor vele vrijwilligersorganisaties vooral in het beginstadium een ondergeschoven kindje. En na verloop van tijd zit je met een groot probleem. S. en ik komen gelijktijdig aan bij de boekhouder en de diagnose luidt: "Onmiddellijke opname is de enige overlevingskans."

Vrijdag 15 maart

Erica: 21 uur - M'n buik volgevreten in het Silo-kraakrestaurant en dus aan de late kant, na een prachtige dag met m'n broer op visite en de sprookjeswinkel en een jarige vriend en eentje die net uit de bak kwam. Het doorkruisen van het Vondelpark maakt vaak dat ik met een uitgelaten gevoel de OCCII binnenstap, waar ik ook op vrijdag vrijwillig barvrouw ben.

Deze avond is het de eer aan een groepje geelgeklede muziekkunstenaars die helaas door hun zelfbewuste uitstraling de eer al opgeëist hebben voordat ze er 'n mooie avond van gemaakt hebben. Ze willen een Rebirth of Music laten plaatsvinden. Twee vriendenvrijwilligers zijn er al en ook twee banenpoolers en een JWG-er, die gisteren nog 13 uur lang bij me op bezoek was.  

Zonder veel hoop kijk ik of we nog tampons in de verbanddoos hebben (ik heb ze nu ook heel hard nodig). Dan maar naar de avondwinkel en de snackbar, waar men me een te lelijke aansteker met voetballertjes erop wil verkopen. Twee van het gele clubje zitten er patat te eten. Ik mag nu graaien in een bakje met allemaal verschillende aanstekers. Ik kies 'n Bic met sigarettenmerk die later door m'n vriend zodanig bewerkt wordt dat er "Here comes the sun" en z.o.z. "Thing" staat. Met het spiegedeliese speeltje, vanmiddag gekocht ( een beweegbare kaart met veel optisch genot) ga ik nu wat mensen lastig vallen.  

We staan nog steeds met z'n vieren aan de bar lol te trappen, terwijl er geen bezoeker te bespeuren valt. De te gekke Indiase en andere wereldmuziek maakt ineens plaats voor dreunende house als de eerste gasten komen. (Ik houd nog steeds niet van house.) Onder het inschenken van een drankje zo af en toe, wordt gevraagd of ik iemands haar ga knippen en een kinderboek wil maken. Ik vraag me af wanneer de life muziek gaat beginnen.  

0u30 - Er wordt me verteld dat er intussen al met sambaballen tijdens de housemuziek gespeeld is. Helaas niks gemerkt. Ook het getrommel wat later hoor ik nauwelijks. Om 1 uur moet hier de Life-muziek afgelopen zijn. Deze keer ben ik er niet bang voor.  

Als het steeds meer op een privéfeestje van de DJ's begint te lijken lopen twee vrijwilligers en een JWG-er verveeld weg. Ik blijf om schoon te maken. Het enige avontuur tot nu toe was de dame die met 'n briefje van 100 wilde betalen. Wij konden het niet wisselen en ineens hadden we het druk met het bedenken van een oplossing. De vier wijn zijn uitgedeeld en ze doet geen poging haar geld zelf te wisselen, ze geeft me geen prettig gevoel. Haar vrienden hebben al verscheidene rondjes gepast betaald. Dus ik vraag haar of ze niet iets met hen kan regelen. Ze weigert. Dan besluit ik een geintje uit te halen. We geven haar het wisselgeld in rijksdaalders. Ze kijkt erg vies. 'n Uurtje later probeert ze het pakket weer bij me te wisselen voor briefgeld. Ik weiger met de mededeling dat we dan de andere klanten geen wisselgeld meer terug kunnen geven. Ze baalt. 

2u30 - De meeste mensen vertrekken. Ook de dame die scheef loopt van de rijksdaalders. Tot m'n grootste verbazing zegt ze me stralend gedag! Misschien is er iets tot haar doorgedrongen....  

Tussendoor hebben we besloten dit kunstclubje niet voor de derde keer binnen te halen. Ze passen niet in onze doelstelling. Na schoonmaak en geld-telling nog een slok met een praatje.  

Als ik dan afsluit met de coördinator van deze avond, loopt er een grote groep skinheads het Vondelpark in. Mij wordt aangeraden daar niet doorheen te fietsen. Ik rijd 'n stukje mee met hem en als we afscheid nemen, schiet me het moment te binnen dat hij onder het afbouwen cynisch uitriep: "Oh, wat ben ik gerebirthed!" 

Bas en Erica

Naar boven
Naar overzicht dit nummer
Naar Jaargang 1996