UIT: Ravage #206 van 22 maart 1996
Het ethisch dilemma rond een executie
Een van de meest mensonterende aspecten in het Amerikaanse strafrecht is het veroordelen tot, en uitvoeren van, executies. In 43 van de vijftig staten in de Verenigde Staten wordt een executie nog daadwerkelijk voltrokken middels gas, dodelijke injectie, vuurpeloton of door middel van de elektrische stoel. Deze week gaat de Amerikaanse film Dead Man Walking van regisseur Tim Robbins in première. Een film die zowel voor- als tegenstanders van 'Capitol punishment', oftewel executie niet onberoerd kan laten.
Dead man walking behandelt op indringende en integere wijze de vele morele dilemma's die komen kijken bij het ten uitvoer brengen van een executie. De film is gebaseerd op het ware verhaal van de non Helen Prejean (zeer goed gespeeld door Susan Sarandon, bekend van o.a. de feministische road movie Thelma & Louise), die op een dag een brief krijgt van een ter dood veroordeelde.
Prejean is zo'n non die zich, met een rotsvast vertrouwen in de mensheid (en anders wel die timmermanszoon uit Nazareth), inzet voor kansarmen in de (veelal zwarte) sloppenwijken van New Orleans. De ter dood veroordeelde in kwestie heet Matthew Poncelet (briljant vertolkt door Sean Penn, die in het dagelijkse leven ook een stevige reputatie heeft als opvliegend heerschap. Penn speelt deze rol met een perfecte mengeling van woede en wanhoop.) en deze zit niet voor niets op 'Death Row'. Hij heeft twee tieners gruwelijk verkracht en daarna afgemaakt terwijl zij op een verlaten bosweggetje aan het vrijen waren.
In de film wordt de goedwillende en vooral goedgelovige non Helen Prejean meegesleurd in een maalstroom van gebeurtenissen die zij nooit had kunnen voorzien, toen zij uit pure medemenselijkheid en naastenliefde antwoord gaf op de brief van Poncelet en hem vervolgens opzoekt in de gevangenis. Zij gaat zelfs zo ver Poncelet een gratieverzoek te laten schrijven aan de gouverneur met het verzoek zijn executie niet uit te voeren.
Terwijl zij zich inzet voor deze ter dood veroordeelde en zich, op Poncelets verzoek, gaat inzetten als zijn 'geestelijk begeleider' raakt zij niet alleen meer en meer in de ban van deze tweevoudig moordenaar, maar krijgt zij ook te maken met veel onbegrip uit haar omgeving. Dit alles wordt nog veel erger, wanneer zij geconfronteerd wordt met de families van zijn slachtoffers.
Terwijl zij deelt in het Lange Lijden van Poncelet, in afwachting van de voltrekking van zijn executie (vooral het aspect van het lange wachten is een van de meest onmenselijke kanten na het uitspreken van het doodvonnis), moet zij ook leren leven met de intense haat die bij de familie van de slachtoffers leeft.
Dead man walking is een bijzonder aangrijpende film over dit zeer heikele onderwerp. Nog onlangs (10 januari 1996 om precies te zijn) deed zich in de V.S. de bizarre situatie voor dat een ter dood veroordeelde via een kort geding haar eigen executie probeerde af te dwingen. De vrouw in kwestie heette Guinevere Garcia (35) en zij was ter dood veroordeeld wegens moord op haar baby en haar man, terwijl zij stomdronken was. 'Manlief' sloeg haar te vaak.
Tegen mevrouw Garcia's uitdrukkelijke wens in startte Amnesty International een campagne om haar leven te redden. Zo zijn er tal van verhalen over ter dood veroordeelden die bijkans smeken om de voltrekking van hun vonnis, omdat zij niet opgewassen zijn tegen het onmenselijke wachten in de dodencel. Terwijl buiten de burger- en mensenrechten activisten strijden om juist dat te voorkomen.
In dit stuk vermijd ik consequent het woord 'doodstraf'. Dit heeft een zeer eenvoudige, en logische verklaring. 'Straf' dient mijns inziens altijd een maatregel te zijn, gericht op verbetering, om mensen te doen inzien waarom bepaald gedrag (verkrachting, potenrammen, moord etc.) in een beschaafde samenleving niet getolereerd kan worden. Na de 'dood' is er geen kans meer op 'verbetering\verandering' van dat gedrag, ergo de 'doodstraf' als woord is een 'contradictio in terminis'- de twee componenten van dat woord staan met elkaar in tegenspraak. Tot zover de filosofie, terug naar de film.
Dead man walking is een integer gemaakte, beklemmende film over Moord op Staatsbevel. Als kijker wordt het je beslist niet makkelijk gemaakt. Dit is bij uitstek een acteursfilm, en Sean Penn geeft je geen moment de kans om ook maar enige sympathie voor hem op te vatten. Hij is een gewetenloze, racistische rotzak, die nauwelijks lijkt te zitten met de gevolgen van zijn daad. Hij begrijpt niks van de motieven van Prejean om zich in te zetten voor 'dumb niggers' in de sloppenwijken. Als na twee voltrokken executies op zwarten de gouverneur van Louisiana om 'politieke redenen' (this is U.S.A., man!) een blanke terecht MOET stellen, is Poncelet aan de beurt. Diens cynische commentaar: ,,Ik hoop dat ze de executiekamer goed schoongemaakt hebben na die dooie nikkers.''
De vergelijking dringt zich op met een andere beroemde film rond hetzelfde thema: Dekalog 7: A short film about killing, van de vorige week overleden Poolse regisseur Krysztof Kieslowski. Ook deze film vergt het uiterste van de toeschouwer, vooral de bijna twaalf(!) minuten durende scène, waarin de taxichauffeur wordt vermoord. Moord is geen poef, knal: dood, zoals Hollywood dat doorgaans gemakzuchtig laat zien. Moord = doodstrijd, en het beeld van die taxichauffeur, die wanhopig voor zijn leven vecht, terwijl hij wordt gewurgd, en halfdood nog eens de schedel wordt ingeslagen om het karwei 'af te maken', dat blijft nog lang op je netvlies nabranden. Wat volgt is de klinische voorbereiding op de executie van de jonge dader. Het smeren van het valluik, het met zandzak testen van het touw, en de onvermijdelijke bureaucratische procedures met stempels en handtekeningen in drie- of viervoud. In Oost-Europa hechten ze nog altijd aan degelijke formaliteiten.
Het gruwelijke verschil tussen beide films zit 'm vooral in de 'setting'. Zijn dat in Polen vooral vochtige, groezelige celblokken, waar je de kool- en urinedampen bijkans vanaf kunt ruiken, in Dead man walking zijn de Amerikaanse dodencellen cleane, steriele ziekenhuis-achtige ruimten. Ook in de V.S. dienen veel bureaucratische procedures te worden afgehandeld. Ronduit pervers is het feit dat de kuit geschoren, en de aderen ontsmet worden, in de voorbereiding tot de uiteindelijke executie.
Als de ter dood veroordeelde vanuit zijn cel naar de executiekamer wordt geleid, brult een bewaker: ,,All to the side, Dead man walking!'' En terwijl omstanders aan de kant gaan, loopt de 'dode', aan handen en voeten geboeid, zijn beul tegemoet. Alsof dit alles al niet gruwelijk genoeg is, bestaat in de V.S. de mogelijkheid om de executie bij te wonen. De nabestaanden van de slachtoffers kunnen dat aanvragen, de pers mag aanwezig zijn, en natuurlijk de advocaat en 'geestelijk begeleider' van de 'dode'. Voor de pers en andere 'beroepsmatig aanwezigen' is er koffie en broodjes.
Daarna neemt men in een belendend kamertje plaats, om te kunnen toekijken hoe de dodelijke injecties worden toegediend. Spuit 1 om de veroordeelde te 'verdoven' (de grimassen in doodstrijd is niet zo prettig voor het publiek), spuit 2 om de vitale organen uit te schakelen (de longen klappen in, de 'dode' begint te stikken), en spuit 3 om het karwei letterlijk af te maken, en die vitale organen bijkans 'op te lossen'.
Deze gruwelijke executiescène, met close-ups van de 'death-machine' die de stoffen injecteert (stand-by, start & finish, met bijbehorende lichtjes) wordt doorsneden met beelden van de verkrachting en koelbloedige moord op de twee onschuldige tieners. Zodat het je als kijker heel erg moeilijk wordt gemaakt om je een zuiver oordeel te vormen. Verdient deze gewetenloze, racistische schoft dit einde?
Regisseur Tim Robbins heeft gedegen onderzoek laten doen voor deze film. Zo is hij bijvoorbeeld de laatste woorden nagegaan van iedereen, die sinds 1976 in de V.S. ter dood is gebracht. De laatste woorden van Matthew Poncelet geven in dit geval hoogstwaarschijnlijk weer hoe Robbins, als progressieve Amerikaanse filmmaker, over dit onderwerp denkt. Hoe dan ook, Dead man walking is een film die diepe, fundamentele vragen stelt over het fenomeen 'Moord op Staatsbevel'. Een film die je niet gauw loslaat.
Simon van Leeuwen