Naar archief

UIT: NN #115 van 23 juli 1992† †

Drugsgebruikers en aids

Repressieve drugspolitiek staat HIV-preventie in de weg

In het algemeen wordt Nederland in het buiten- (en binnen)land gezien als het land dat een voorhoedepositie bezet wat betreft het beleid met betrekking tot drugs en AIDS. De redenen voor deze positie zijn een menselijke benadering van het probleem van drugs en AIDS zodat drugsgebruikers worden benaderd als patiŽnten i.p.v. als immorele kriminelen; uitgebreide en gevarieerde voorzieningen gericht op de sociale herintegratie van de gebruikers; laagdrempelige voorzieningen voor methadonverstrekking die zo veel mogelijk mensen proberen te bereiken; voorzieningen voor spuitenruil, 24 uur per dag beschikbaar, zodat gebruikers niet aangewezen zijn op gebruikte naalden. Het is echter niet zo dat het Nederlandse beleid perfect is of zelfs goed werkt. In feite verschilt het niet zo heel veel van de omringende landen.

Meer en meer wordt de kriminele poot van het beleid vormgegeven. Die repressieve aanpak is desastreus voor de menselijker behandeling van drugsgebruikers. Mensen betrokken bij AIDS(preventie) zien dan ook weinig in het huidige beleid. Het wordt omschreven als "te weinig en te laat". Het weinige dat er gedaan wordt werkt soms ook nog averechts.†

Ook in Nederland zitten de gevangenissen echter vol met mensen die veroordeeld zijn in verband met hun drugsgebruik. In 1987 was dat minstens 36% van de gevangenen. 60% van de groeiende behoefte voor gevangeniscapaciteit tot 1990 kan hieruit verklaard worden. Het is een bewijs van het repressieve deel van het Nederlandse beleid. De 'voorsprong' op het gebied van het drugsbeleid in Nederland wordt niet vastgehouden of vergroot, maar wordt teruggebracht. In Amsterdam is dat de afgelopen jaren bijvoorbeeld duidelijk te zien geweest. De MDHG (Medische Dienst HeroÔne Gebruikers) noemt deze tendens alarmerend. De kwaliteit van de laagdrempelige voorzieningen wordt aangetast en ondergeschikt gemaakt aan de beheersing van het drugsprobleem. †

Van de bovengenoemde benadering van methadonverstrekking komt in de praktijk dan ook weinig terecht: uitgebreide registratie, regelmatige urinekontrole, een verplichting om de methadon meteen in te nemen en uitsluiting van een aantal dagen van mensen die het mee naar huis nemen, bijvoorbeeld om het te injekteren. De GG&GD in Amsterdam ziet methadon als onderdeel van een pakket om de verslaving onder kontrole te krijgen. Methadon halen en daarmee af wil men niet meer. Je moet zelfstandig wonen en je tijd op een zinvolle manier besteden, anders wordt je van methadon uitgesloten.†

Een ander repressief deel van het (Amsterdamse) drugsbeleid is te zien in het zgn. 'straat junkies projekt'. Dit is ontworpen voor de zogenaamd 'extreem problematische drugsgebruikers', in Am*dam zo'n 400 mensen. Deze groep wordt bij geconstateerde overtredingen de keus gegeven tussen (gedwongen) afkicken of gevangenisstraf. Als de behandeling wordt aangegaan maar niet wordt beŽindigd volgt alsnog gevangenisstraf. Met het beleid moet hoe dan ook resultaat geboekt worden. In de ogen van de bestuurders is simpelweg laagdrempelige voorzieningen en een vrije keus van gebruikers om te stoppen met drugsgebruik niet meer voldoende. De nieuwe visie is te zien in het straat junkies projekt en de nieuwe methadonregels.†

De kentering in het beleid trad op gedurende de jaren '80. Was in het begin van de jaren '80 de raadsfraktie van de PvdA nog voor vrije verstrekking van heroÔne aan (dezelfde groep) extreem problematische gebruikers, nu is er nog slechts de harde hand. Omdat legalisering niet haalbaar bleek is men omgeswitched. De belangrijkste doelstelling van het beleid, 'normalisering' van het drugsprobleem, is tegengesteld aan repressief beleid. In Amsterdam kunnen gebruikers een verbod krijgen van twee weken om in de binnenstad te komen. Daar bevindt de 'scene' zich grotendeels, maar ook vrijwel alle voorzieningen. De repressieve maatregel van het verbod verhindert dus dat de gebruiker normaal voor zichzelf kan zorgen en heeft grote gevolgen op haar/zijn leven. †

Een ander gevolg van de nieuwe politiek is dat welzijnsinstellingen als de Jellinekkliniek meewerken aan gedwongen afkicken. Hierdoor zal het vertrouwen in deze instanties afnemen en zullen gebruikers zich vrijwillig minder snel tot deze organisaties wenden. De repressieve aanpak heeft het effect dat meer gebruikers zich van de hulpverlening afwenden en niet meer bereikbaar zijn voor sociale zorg en beleidsmakers. De grip op deze groep zal verminderen en gebruikers zullen meer in de marge gedrongen worden.†

Gebruikers lijken behandeld te worden als mensen die niet zelf na kunnen denken. Niet met hen wordt beslist maar over hen en zelfs een groep als de MDHG wordt niet altijd serieus genomen. Een voorbeeld is het nieuwe GG&GD methadonreglement waarover de MDHG een diskussie-avond organiseerde, met gebruikers en beleidsmakers. Deze avond leverde zinnige bijdragen op maar vervolgens werd het reglement ongewijzigd ingevoerd. Terwijl de MDHG n.b. om kommentaar was gevraagd. Organisaties van (ex-)gebruikers lijken zo slechts te dienen ter legitimatie van het beleid. Ze mogen inspraak hebben en hun zegje doen en vervolgens blijf je met lege handen achter omdat men zich er niets van aantrekt.†

Werkelijke vooruitgang in het drugsbeleid zou pas te boeken zijn als (ex-)gebruikers en hun organisaties een stem krijgen in het beleid. En eigenlijk biedt alleen legalisatie van alle drugs een echte oplossing, omdat dan 98% van de problemen van nu, die voortvloeien uit het feit dat gebruik illegaal en dus extreem duur is, dan zouden worden opgelost. Een ander argument hiervoor is dat met vrije verstrekking gebruikers optimaal bereikbaar zijn voor preventiewerkers. †

De huidige richting wordt echter steeds repressiever en gaat juist van legalisatie af. Wellicht ter voorbereiding op het EG debat over het drugsbeleid waarin Nederland waarschijnlijk te laf zal zijn haar nek uit te steken en het laatste restje progressiviteit zal worden geschrapt. Een repressievere aanpak, een (nog) marginalere en illegalere positie van gebruikers, kan in het huidige AIDS-tijdperk grote gevolgen hebben. Als gebruikers immers minder bereikt worden voor preventie is de kans groot dat het aantal mensen dat HIV + is snel zal blijven toenemen.†

Het aantal seropositieve drugsgebruikers in Amsterdam wordt geschat op duizend. Dat is 30% van de groep spuitende verslaafden (3000-3500), wat weer 30% is van het totale aantal verslaafden (ca. 10.000). Er komen zo'n honderd seropositieve gebruikers bij per jaar. Iedereen kan AIDS krijgen. Het is afhankelijk van je gedrag of je het HIV-virus oploopt. Dat je daarna AIDS krijgt en zoals het er nu uitziet er aan sterft lijkt redelijk zeker. Voor de meeste mensen speelt de dood in hun dagelijks leven nauwelijks een rol. †

AIDS is ook zo'n enorme schok omdat mensen gekonfronteerd worden met de mogelijkheid dat ze een virus oplopen die een dodelijke ziekte voortbrengt. Drugsgebruikers hebben een andere relatie tot de dood. Ze zijn zelf al tot de rand gegaan en hebben daarom de dood, als een van de weinigen in de samenleving, leren kennen. Daarom kom je onder drugsgebruikers een soms wat andere houding t.o.v. het virus tegen dan bij andere mensen.†

Als voorbeeld een citaat uit de voortreffelijke uitgave van de MDHG voor het AIDS-congres, bedoeld om de ideeŽn over het Nederlandse beleid dat in het buitenland heerst bij te stellen aan de praktijk: †

'Frits Haveman (47) was een van de eerste mensen in Nederland die hoorde dat hij was geÔnfecteerd met HIV. In 1984 ging hij naar een eerste hulppost in de buurt voor een proefproject voor een epidemologisch onderzoek. Hij wilde nagaan hoe de wetenschappers zouden omgaan met de gegevens die ze van hem en andere gebruikers hadden verkregen.

Toen hem verteld werd dat hij seropositief was, stortte hij van de shock bijna in. Als de meeste mensen in die tijd, wist hij zeer weinig over AIDS en geloofde hij dat hij de doodstraf had gekregen. 'De eerste drie maanden waren een hel', zegt hij. 'Ik wilde zo comfortabel mogelijk zijn, wat stoned betekent in verslaafdentaal - in die laatste weken. Langzaamaan kreeg ik mezelf weer onder controle. Je krijgt meer en meer informatie en op een gegeven moment denk je, wat ben ik eigenlijk aan het doen? In die tijd zeiden mensen nog steeds; dertig procent van de virusdragers zal AIDS krijgen, zeventig procent niet. Ik zei tegen mezelf: de kans om AIDS te krijgen is net zo groot als om onder een tram te lopen. op dat moment nam ik mijn leven weer in eigen hand."

Ik spreek nu en dan op bijeenkomsten op middelbare scholen. Leerlingen vragen soms: zou je iets anders doen als je de kans kreeg om je leven opnieuw te beginnen? Uiteraard zou ik als ik de voorkennis had gehad er voor gezorgd hebben dat ik niet besmet werd, maar buiten dit ben ik geneigd te zeggen dat AIDS gewoon deel is van de scene. Het is een deel geworden van mijn leven, net als mijn drugsverslaving. Reken maar dat ik nog steeds van plan ben om negentig te worden - en in goede gezondheid!'

Deze houding kan Frans slechts vasthouden zolang hij gezond is. Als de schrijvers van het geciteerde artikel hem een tijd later treffen is het optimisme verdwenen. Er voor in de plaats is onmacht en woede gekomen. Een woede die je in de gehele brochure tegenkomt, bijvoorbeeld bij Michel. "Bij mij begon het op mijn veertiende: ik begon te vechten, te stelen, met te verzetten. Ik jatte wat ik wilde. wiens schuld is dat? Mijn broers en zus zijn niet zoals ik... Als ik niet verslaafd was geweest, had ik geen AIDS gehad. Godverdomme! Ik kan hier zo kwaad over worden." †

Er zijn vele onderzoekingen gewijd aan HIV en drugsgebruikers. Niet zozeer vanwege de snelle verspreiding van het virus onder gebruikers maar vooral vanwege de kans op overdracht van het virus vanuit drugsgebruikers naar de 'normale' hetero's in Nederland. Dus zijn er video's en informatiepakketten, is er spuitenruil en worden gebruikers opgezocht voor gesprekken over hun drugsgebruik en sexualiteit. Er is een speciale ziekenhuisunit in Amsterdam voor drugsgebruikers en een buddy-projekt van Stichting Regenboog. Deze organisatie wilde in 1988 een huis openen voor drugsgebruikers met AIDS die te ziek waren om op straat te blijven. De buurtbewoners in de Jordaan verhinderden met CP argumenten en dreiging met geweld dit projekt. Inmiddels is dit toch tot stand gebracht, in een andere plaats, door het Leger des Heils.†

Zo op het eerste gezicht lijkt er veel aardig geregeld. Maar ook hier is onder de oppervlakte veel te vinden wat mis zit. Bijvoorbeeld het projekt bij het Leger des Heils wordt niet gesubsidieerd. De zieken in het huis zouden op straat verblijven als het huis er niet was, maar dat is blijkbaar geen probleem waar de overheid iets mee moet doen.†

August de Loor startte in 1970 als straatwerker onder drugsgebruikers. In 1986 startte hij zijn eigen adviesbureau. Hij is allesbehalve tevreden over de manier waarop geprobeerd wordt de AIDS-epidemie te stoppen. Te weinig en te laat en daarbij is het weinige dat wordt gedaan soms contraproduktief. Er gingen jaren voorbij voordat spuiteninruil, wat de MDHG al in 1980 startte tegen hepatitis, bij de beleidsmakers en welzijnsinstellingen ingang vond. Er waren vele tegenwerpingen die uiteindelijk academisch bleken maar met dat 'debat' gingen jaren heen en werden velen wellicht onnodig besmet. †

De Loor onderzocht preventiemogelijkheden en ondervroeg 94 verslaafden in 7 steden. Hij ging uit van het feit dat het virus verspreid wordt via gebruikte naalden en spuiten, en keek in welke vormen dit gedrag voorkwam en met welke redenen. Toen hij hierover sprak op een congres leek er weinig interesse te bestaan voor zijn betoog. De aandacht ging uit naar een te gekke nieuwe video "Rick the Shooter and Rock the Rat", een tekenfilmpje, waarin ook, voor de eerste keer in een preventiefilmpje, gedeeld spuitengebruik naar voren kwam. Maar, zegt De Loor: "De stompzinnigheid is dat een vorm van gedeeld spuitengebruik wordt getoond die al vrijwel verdwenen is: het delen van een spuit. Gebruikers begrijpen heel goed dat ze niet door kunnen gaan met het delen van spuiten. Alhoewel er altijd een enkeling is die Frankenstein speelt" †

Vormen van gedeeld gebruik die wel voorkomen kregen geen enkele aandacht. Zoals het lenen van een naald. "Een naald kan verstopt raken door allerlei redenen. De dope is te vaak versneden, bloed stroomt niet zo goed 's ochtends, of de naald mist de ader. Als dope te lang in de spuit blijft kan je het weggooien. Wat betekent dat een nieuwe naald snel beschikbaar moet zijn. En, uiteraard, als je geen nieuwe naald hebt en je ben al een paar uur bezig geweest om de dope te krijgen, dan leen je een naald. Zo nodig, een gebruikte naald." †

De Loor ziet veel projekten stranden door onwetendheid. "Het verlangen om een goed preventieprojekt te ontwikkelen is er. Maar teveel komt van boven. Gebruikers herkennen zichzelf niet in de projekten. Het zou nuttig zijn als wetenschappers en welzijnswerkers bij gelegenheid eens luisteren naar drugsgebruikers als het over AIDS gaat. We kunnen ons gewoon niet de luxe veroorloven om fouten te maken." †

En fouten worden gemaakt. Bijvoorbeeld door drugsgebruikers die stervende zijn en in coma raken geen methadon te geven. Het lijkt immers dat de patiŽnt het niet merkt maar ondertussen is hij/zij wel aan het afkicken, met alle pijn e.d. die daar mee gepaard gaat. In Amsterdam gebeuren dit soort dingen waarschijnlijk niet meer, maar wat gebeurt er in plattelandsziekenhuizen, waar mensen minder ervaringen hebben met gebruikers?†

Over de gevangenissen is al opgemerkt dat veel van de mensen die daar zitten veroordeeld zijn wegens drugsgerelateerde misdrijven. Je zou zeggen dat een overheid die "vooruitloopt" wat haar beleid betreft, dan ook voorzieningen zou treffen in de gevangenissen die voorkomt dat mensen in de gevangenis besmet worden. Buiten de gevangenissen blijkt echter een totaal ander beleid gevoerd te worden t.o.v. drugsgebruikers en AIDS-preventie als binnen. Terwijl de gevangenis een microgemeenschap is waar het gevaar van besmetting zelfs met dezelfde maatregelen als buiten waarschijnlijk al groter is.†

In de gevangenis wordt niet standaard methadon verstrekt. Condooms zijn er ook niet echt vrijelijk te krijgen, om van schone naalden maar te zwijgen. De methadonverstrekking vindt plaats op initiatief van de gevangenisarts. Die kan daar autonoom over beslissen. "Een man die 26 jaar heroÔne gebruikte, hij zat een straf uit van zes maanden en 10 dagen, kreeg net als zijn medegevangenen geen methadon. Maar hij werd wel regelmatig met dope betrapt en bestraft met gedwongen afkicken in een isoleercel. Ondanks verzoeken werd hem herhaaldelijk een AIDS-test geweigerd. Uiteindelijk slaagde hij er toch in zich te laten testen. Tijdens een verlof hoorde hij dat de test positief was; een aantal weken later werd hij gediagnostiseerd als AIDS-patient. Op dat moment kreeg hij amnestie. Het is nu niet meer mogelijk om te onderzoeken in hoeverre de talloze keren dat hij 'cold turkey' in de gevangenis zat van invloed is geweest in de ontwikkeling van zijn HIV + tot de opgetreden aktieve AIDS." †

Condooms zijn in de gevangenis wel te krijgen maar slechts in de kantines van sommige gevangenissen en via de medische dienst. In de praktijk hebben weinig mensen de beschikking over condooms. De overheid gaat er vanuit dat de formele situatie, namelijk dat sexueel kontakt tussen gevangenen onderling en tussen gevangenen en personeel verboden zijn, in de praktijk ook zo is. Maar de praktijk is natuurlijk heel anders. Met het feit dat 30% van de gevangenen verslaafd en 30 procent van de verslaafden seropositief is, is wel duidelijk dat er een gevaarlijke situatie is.†

Met schone spuiten is het net zo. Drugs zijn sowieso verboden en in de gevangenis natuurlijk ook. Ook omdat het door de overheid ongetwijfeld als een blamage wordt gezien dat toegegeven moet worden dat er in gevangenissen illegale drugs binnenkomen en gebruikt worden, is een schone spuitenvoorziening uit den boze. Het gevolg is dat spuiten ook de bajesen binnengesmokkeld worden en soms wel door 15 mensen wordt gebruikt; Spanje is het enige land ter wereld dat schone spuiten en condoom vrijelijk in. gevangenissen verstrekt en waar dus wordt erkend dat er in gevangenissen drugs worden gebruikt en wordt geneukt. In Zwitserland krijgen gevangenen een tupperware doosje met een rood kruis erop waarin zich desinfekteermiddel en een instruktiehandleiding voor het reinigen van spuiten bevindt. Da's een mooie manier om het imago van het gevangenissysteem hoog te houden.†

De politiek ten aanzien van HIV/AIDS in de bajesen lijkt erg op een situatie die in Edinburgh (Schotland) ontstond toen de smeris een tijd fanatiek op spuiten ging jagen. In een jaar tijd steeg toen het aantal besmette (spuitende) gebruikers van enkele procenten tot ruim 50 procent. De Nederlandse situatie is vergeleken met vele buitenlanden een stuk beter. Echter ook in de Nederlandse gevangenissen zorgt de politiek ervoor dat mensen het HIV-virus oplopen waar ze aan zullen streven. Repressief-tolerante doodstraf.†

Rik

"Drug and AIDS in the Netherlands - the interests of drug users" Renť Mol, Eelco Otter, Angelique van der Meer e.a.†

Medisch-sociale Dienst HeroÔne Gebruikers (MDHG) Juli 1992, vertaling: Alan Reeve Te bestellen door fl.22,50 over te maken op giro 4862525 o.v.v. 'Drugs en AIDS', MDHG Amsterdam.†

De brochure (76 pagina's) is speciaal vervaardigd voor het Internationale AIDS-Congres. Buiten het in dit artikel behandelde bevat het een artikel dat de ervaringen met spuitenverstrekking en ruil en het overheidsbeleid daaromtrent behandeld. Ook een schets van de MDHG en een verklaring van de Europese belangengroep van drugsgebruikers, die door 26 groepen werd onderschreven sieren de uitgave.†

Adressen:

MDHG Binnenkant 46 1011 BP Amsterdam tel. (020) 6244775/6251353†

European interest group of drugs users Secretariaat c/o Jeannine van Woerkom Legmeerplein 7 1058 NJ Amsterdam †

Naar boven
Naar overzicht dit nummer
Naar Jaargang 1992