UIT: NN #96 van 31 oktober 1991
De grote overwinning van het klein vuil
De zelfbevlekking van Nolympics
Het sukses van de 'Nolympics', de verzamelnaam van alle anti-initiatieven gericht tegen de komst van de Olympische Spelen naar Amsterdam, was gelegen in hun hinderlijke presentie bij iedere gelegenheid waarvan ook maar het vermoeden bestond dat er link was met Amsterdam en de Spelen. Het harnas van zakelijk optimisme werd langzaam aangetast door een verziekt sfeertje dat rond de Amsterdamse kandidatuur kwam te hangen.
In de loop van 1984 krijgt het Amsterdamse gemeentebestuur door dat het imago van de stad dusdanig verwoest is, dat de economische nadelen daarvan groter zijn geworden dan de toeristische voordelen. Amsterdam, dat zich begin jaren tachtig profileerde als plek waar de nieuwste sociale tegenstellingen met eigen ogen op straat konden worden aanschouwd, bleek ineens fysieke afschuw op te roepen.
Het afval langs de straten, de hondenpoep op de stoep, de opgebroken wegen, de roof van tasjes en autoradio's, de tienduizenden werklozen, het parkeerprobleem, de heroïnenaalden in de portieken, de trage ambtenarij, het gekanker van de Amsterdammer, het vervallen huizenbestand, de epidemische graffity, het blinde geweld van de relschoppers en andere "hardnekkige schaduwkanten" verloren hun folkloristische kantjes en maakten het verblijf in de hoofdstad "ondraaglijk".
Het "grootste reclameburo ter wereld" werd ingehuurd om een promotiekampagne te ontwerpen die de Amsterdammers hun gevoel van eigenwaarde moest teruggeven en bij de buitenwereld het idee moest wekken dat deze levendige stad alles in huis had. Het concept werd samengevat in de slogan: 'Amsterdam heeft 't', waarbij men ervoor waakte dat 'het' ook maar bij benadering in te vullen.
Op de posters en in de dagbladadvertenties werd bewust een gedeelte wit gelaten "om reacties uit te lokken van de burger, kalken mag dus." Men was uit op positieve bijdragen aan het Idee Amsterdam. Het hoofd van de vuilophaaldienst vatte het zo samen: "Door middel van pakkende slogans trachten wij de Amsterdammers ertoe te bewegen hun steentje bij te dragen aan de grote schoonmaak van de stad."
Men voorzag dat er een kampagne van vijf jaar nodig zou zijn voordat de bevolking weer zelf de "maatschappelijke normen" zou naleven en bewaken. Tegelijk trachtte de overheid spektakels met de omvang van een dikke rel te organiseren om de (inter)nationale allure van de plek wat op te krikken. Het begon met "Amsterdam modestad" en de vlootschouw "Sail", maar al snel kreeg men op het stadhuis grotere pretenties. Men meldde zich aan voor de kandidatuur voor de Olympische Spelen 1992.
Rondvaartboot in rook
Krakers hadden al eerder geëxperimenteerd met argumenten tegen de zogenaamde "cityvorming". Dat is de benaming voor de strategie van een maffiose coalitie van stadsbestuurders en grootkapitaal om de binnenstad te verbouwen tot één grote hotelketen annex vermaakcentrum met casino's, sexindustrieën, touristenshops en canalbikes.
Rond de zoveelste dreigende ontruiming van Singel 114 werd "een aanval met veel sensatiewaarde" gepleegd op het "toeristisch produkt Amsterdam": "14.23 uur zou de rondvaartboot op de plek zijn waar we hem wilden pakken. Even voor dat tijdstip stond iedereen klaar met verf, rookbommen, kamouflagenetten en autobanden, terwijl men probeerde niet al te zeer op te vallen, wat gezien het heftige karakter van de aktie niet echt lukte.
Een van tevoren bevestigde kabel over de gracht werd strak getrokken, zodat de boot niet achteruit kon en stijgerpijpen werden vertikaal aan de brug bevestigd zodat ook vooruit varen niet meer kon. Het moment dat de rondvaartboot stopte, was het teken voor de aanval: de verf spatte in het rond en, sneller dan verwacht, was er grote paniek bij de kapitein en de inzittenden. Enkele toeristen kropen onder de banken. Een Amerikaanse toeriste schreeuwde: 'So this is nice Amsterdam.' Het jachtseizoen op het toerisme is turbulent begonnen."
Het effekt van de rondvaartbotenaktie was verbijsterend. De foto van de bekladde boot in de rookwolken haalde de wereldpers. De bewoners van Singel 114 gaven dag in dag uit "internationale interviews" over het nieuwe fenomeen van het anti-toerisme. Het "beetje bewerken met verf en rook" van het stadsimage bleek oneindig harder aan te komen dan het aanpakken van gemeente- of spekulantenobjekten.
In deze lijn werden nog enkele stappen ondernomen, maar toch schrok men ondanks alle verbazing terug voor het konsekwent doorzetten van deze strategie. Enerzijds omdat men op zich niets tegen toeristen had, men was geregeld zelf "toerist in eigen stad" (en elders) en toeristen en toerisme waren zo moeilijk uit elkaar te houden. Anderzijds speelden deze mediamieke akties zich af op zo'n afstand van de lokale tijd-ruimte, dat de direkte band met de eigen plaats en ervaring al te zeer uit zicht verdween.
Ambachtelijk smijtwerk
Het ambachtelijk smijtwerk was zeker aantrekkelijk, maar bleek achteraf moeilijk om te beargumenteren. Hoe konkreet ook, de aktie bleef te theoretisch om binnen en buiten de scenes mensen op aan te spreken. Er was aan dit soort akties geen enkel perspektief te verbinden van een beweging die groter wordt doordat buitenstaanders meegezogen worden. Toeristenakties waren er juist op gericht vreemdelingen weg te houden. De paradox van een beweging die groeit doordat mensen afgeschrikt worden is onoplosbaar.
Zo bleef het voorbehouden aan een kleine groep van buiten de vroegere "beweging" om het koncept van akties die erop gericht zijn een gebeurtenis niet te laten plaatsvinden, verder uit te werken. De negatieve aktie is gebaseerd op een grote waardering van het bestaande. Ze zoekt haar begin niet in een kritiek op falende strukturen en fouten uit het verleden, maar in de afwijzing van een toekomst die wordt opgedrongen. In de negatieve aktie hoeft de ontmoeting tussen de participanten niet met alle geweld tot stand te worden gebracht. Men hoeft zich niet onder één politieke noemer te scharen; tegen-zijn is voldoende. Je hoeft alleen je eigen identiteit mee te nemen als teken waar je voor staat.
Dit maakte het voor de kleine groep outsiders mogelijk de overgebleven onbenoembare vago's, die op dat moment de beweging vormden, te respekteren om hun verworven levenshouding. Maar ook konden ze de bommenbrouwers, die van de reuzeklap droomden, waarderen als een duurzame verrijking van het demokratisch landschap. Juist het feit dat de kraakbeweging rond 1985 ten onder ging, maakte het aura van mislukking rond 'de krakers' zo sterk dat men er het imago van sukses mee kon pareren.
Het beste wapen tegen de peptalk dat het geweldig met je gaat, is schaamteloos exhibitionisme bedrijven met je gemodder. Dat is het koncept imagovervuiling. Rond de Olympische kandidatuur dook een groep van buiten de beweging op die de ogen opende voor de kracht van het falen. Daarbij ging het er niet om de managerskultuur in diskrediet te brengen, maar om de schoonheid van de non-esthetische levenskunst te propageren.
Gemeentekampagne
Toen de gemeente in de Olympische trein was gestapt, nam ze direkt "kommunicatiespecialisten" in dienst om zowel de bevolking als de leden van Internationaal Olympisch Comité (IOC) te bewerken. Onder het motto "met elkaar krijgen we het voor elkaar" moest elan gekweekt worden voor een megaprojekt waar niemand om gevraagd had of z'n mening over had kunnen ventileren.
Er werd mandaat gevraagd om het omkopen van IOC-leden niet te saboteren. In tijden waarin overal op bezuinigd werd, diende de bevolking kunstmatig te worden opgepept voor een grandioze verkwisting van gemeenschapsgelden. De promotiekampagne moest een vergrote versie worden van 'Amsterdam heeft 't', met dezelfde sanitaire doelstellingen. Terwijl op de Nederlandstalige affiches de leus "Amsterdam heeft het Olympisch vuur" het imago van de hoofdstad oppoetste, vermeldden de buitenlandse posters de vage kreet: "Holland wants the world to win".
Als aktiemiddelen werden ingezet: 3,5 miljoen bijsluiters bij bankpost, 3 miljoen huis-aan-huis bladen, 120.000 posters en folderbakjes in verschillende formaten, 1500 vlaggen met het aktiesymbool, 120.000 pondszakken Olympische dropjes ter waarde van fl. 510.000. Voorts waren verkrijgbaar: Olympische sporttassen, tafelvlaggetjes, papieren en plastic draagtassen, speelgoedbusjes met het OS-logo, 20.000 glazen, buttons, lucifers, stickers en speldjes en "36 verschillende textielprodukten met een Olympische uitstraling". De single met bijbehorende muziekclip, 'Amsterdam wants the world to win', werd gespeeld door de Hilversumse Muziek Pedagogische Academie. De totale kosten zouden 20 miljoen gulden bedragen.
Onderwijl werden de 88 IOC-leden gelijmd met de in deze kringen gebruikelijke middelen, variërend van gratis tripjes naar het gastland en een videoband met bijbehorende recorder tot galadiners, buffetten en andere bezoekjes aan het "gastronomische walhalla". Ook doken hardnekkige geruchten op over geschonken sieraden, bewerkt met Zuid-Afrikaanse diamanten. De vele voorronden van de promotieslag tussen de twaalf kandidaten voor '92 boden niet alleen volop gelegenheid tot omkoping, maar ook tot gerichte akties.
Verwoestende stadsplanning
Direkt na de presentatie van de kandidatuur tijdens de spelen in Los Angeles in juli '84 bleken beleidsmakers in Amsterdam zich reeds te hebben gestort op de verwoestende stadsplanning die spelen, spelers en pers moesten onderbrengen. Ogenblikkelijk dook de eerste anti-groep op vanuit de wijken die het zwaarst te lijden zouden krijgen van sportstadions, parkeervoorzieningen, autowegen, tijdelijke onderkomens en veiligheidsmaatregelen.
Dit werd het officiële 'Comité Olympische Spelen Nee', die voortkwam uit het buurtwerk. Het organiseerde het protest van de bewoners en stelde een 'anti-Olympisch handvest' op dat naar alle nationale Olympische comité's ter wereld werd verstuurd. "Tegelijk zijn een aantal mensen bezig met een wat meer radikale actiegroep, die zich onder de naam 'Geen Brood Geen Spelen' wil presenteren", wordt elders nog gemeld. Deze twee groep zou het onverantwoorde werk op zich nemen.
Tot 17 oktober 1986, de dag dat het IOC de beslissende stemming hield, zou ruim twee jaar lang een minimale groep aktievoerders maximale media-effekten weten te bereiken. Het feit dat de bestuurders de kandidatuur van begin af aan aanwendden in het kader van de imagoverbetering, die per definitie deel is van de mediasfeer, maakte het mogelijk ze te verslaan met louter mediale aanwezigheid.
Had de gemeente alle kaarten gezet op bijvoorbeeld de stimulering van de sport in Nederland, dan was een dergelijke exklusieve mediastrategie onmogelijk geweest. Overigens waren de Olympische Spelen allang een optelsom van geld + media geworden, zodat de vraag naar het sportelement alleen opdook in de vorm van gewetenswroeging bij bepaalde managers met een sportverleden.
Alle aandacht kon dus gericht worden op de vervuiling van het imago. Het verzet tegen de Amsterdamse Spelen '92 begon weliswaar in de getroffen buurten, maar kwam op het hoogtepunt op zo'n metaniveau terecht, dat alleen mediageschoolden echt in de gaten hadden waar het volgende effekt kon worden losgemaakt.
Nolympics
Het sukses van de 'Nolympics', de verzamelnaam van alle anti-initiatieven, was gelegen in hun hinderlijke presentie bij iedere gelegenheid waarvan ook maar het vermoeden bestond dat er link was met Amsterdam en de Spelen... altijd weer die mensen die rondhingen met hun spandoekjes bij de hotels en kongrescentra waar de Amsterdamse overwinning stukje bij beetje gestalte moest krijgen - dat bedierf de uitstraling van sukses bij menig official. Hun harnas van zakelijk optimisme werd langzaam aangetast door een verziekt sfeertje dat rond de Amsterdamse kandidatuur kwam te hangen.
Wie z'n tegenstander bevecht in de mediaring, bereikt de knock-out alleen door zich van een totaalpakket aan media te bedienen. Het woord 'media' drukt dat al uit: men bewerkt de lokale pers met lokale argumenten, schrijft in eigen bladen wat heftiger taal, gebruikt op de radio bezwaren van nationaal belang en laat voortdurend post met diverse briefhoofden bezorgen bij IOC-leden in de hele wereld. Een van die brieven kwam van een advokatenkollektief dat wijst op de schending van de mensenrechten in Amsterdam naar aanleiding van de dood van Hans Kok. Natuurlijk ontbreekt men ook niet op de afgedwongen hoorzitting en op de ingezonden brievenpagina's in de dagbladen.
Men kopieert rücksichtslos alle methoden en technieken van de vijandelijke stichting: het persoonlijke cadeau aan de IOC'ers van de organisatoren wordt gepareerd met een zakje marihuana dat deze per post ontvangen, met een brief ondertekend door burgemeester Ed van Thijn waarin deze schrijft: "Na de Zuid-Afrikaanse diamanten sturen we u nu iets waarmee u uw geest kunt verhelderen. Het Nederlands Olympisch Comité wil u graag kennis laten maken met één van de produkten van Amsterdam. Hierdoor hopen we een positieve invloed uit te oefenen op de beslissing van u. Ons nationale produkt kan worden verkregen in 500 legale verkooppunten. Trek u vooral niets aan van het groeiend verzet in Amsterdam."
Toen door een verspreking van een wethouder bekend werd dat alle IOC-leden een videorecorder hadden gekregen, verzocht het comité een strafrechtelijk onderzoek in te stellen tegen Van Thijn wegens een poging tot omkoping. Tegelijk bracht het comité zelf een goedgemaakte videofilm uit. Daarin loopt een olympische fakkeldrager door Amsterdam en stuit daar op de lokale problemen. Na over de files geklauterd te zijn, valt hij in een weg-opbreking, komt in een krakersrel terecht, geeft een vuurtje aan een bivakmuts met een bom, belandt in de rosse buurt en wordt bestolen door een hasjroker, nadat hij is uitgegleden over de hondenpoep.
Het officiële 'bidbook' waarin de gemeente Amsterdam z'n plannen presenteerde werd nog voor publikatie beantwoord met een 'people's bidbook' waarin het 'Amsterdam Never' werd onderbouwd. Een persmap met de complete verzameling knipsels over de anti-akties werd met Engelse ondertiteling aangeboden aan de IOC'ers. Daarin valt o.a. te lezen dat het stadsbestuur wel subsidie toekende aan de organiserende stichting, maar niet aan het anti-OS comité, dat om de regenten te pesten een aanvraag had ingediend.
Zelfs over het copyright van de vijf Olympische ringen, die door de Nolympics te pas en te onpas werden gebruikt, ontstond een relletje met veel persbelangstelling. De tekens werden door het comité dusdanig uitgehold dat ze, ook als ze fris en vrolijk bedoeld waren, geen enthousiasme meer vermochten op te wekken.
Tuinieren
Een voorbeeld: de gemeentelijke groenvoorziening dacht een bijdrage te leveren aan de Olympische stemming door langs een toegangsweg naar Amsterdam een bloemenperk aan te leggen in de vorm van de vijf ringen, het wapen van Amsterdam en het jaartal 1992. Harry, die in geen enkel comité zat, meldt: "We kwamen op een avond met een busje de stad ingereden toen we plotseling dat bloemperk zagen. We zijn meteen langs de weg gestopt om het zaakje overhoop te schoppen."
Deze toevallige voorbijgangers stuurden daarop een berichtje naar de eigen pers met de mededeling: "Wederom zullen het toerisme en andere politiek-ekonomische doelen aangepakt worden." De aktie bracht anderen op een lumineus idee. Een week later was het "propagandistische bloemperkje" met viooltjes hersteld en keerden "autonomen", ditmaal met scheppen en fotograaf, 's nachts terug om het werk grondig over te doen.
De foto van de vernieling toont een tuinier met bivakmuts in volle aktie - de klonten aarde vliegen in het rond. Bij de dagbladen werd naast de foto een brief afgeleverd: "Dit is het begin van een lange strijd, als het aan ons ligt desnoods een zevenjarige oorlog. De initiatiefnemers van de geldverslindende promotiekampagne zullen doelwit worden om zo een onveilig klimaat te scheppen in Amsterdam."
Vervolgens vervaardigde No Bread No Games een ansichtkaart waarop twee autonomen een Nolympics vlag in het verwoeste perk uitspreiden. Deze werden in grote oplage voorzien van de adressen van de IOC-leden en konden met een persoonlijk anti-argument worden verzonden. De postzegel was ook al voorgedrukt. Na dit gekloot moest het perkje onder toezicht worden gesteld van Beuker bewaking.
Mevrouw Boerlage
Hoe anoniem en bizar de Nolympische akties ook waren, tegelijk had het Nee Comité altijd een fatsoenlijk gezicht beschikbaar waar pers en andere autoriteiten razend op konden worden. Dat was ene Saar Boerlage, een vriendelijke dame van middelbare leeftijd die bekend was in politieke kringen als gedreven voorvechtster en vakkundig universitair docente. Zij was een van de oprichters van het 'Comité Olympische Spelen Nee' en bleef door een onbekendheid met de aktietradities van begin tot einde woordvoerster. Het was een schokkend feit dat een kader waarbinnen heftige akties plaatsvonden een voorvrouw had met een achternaam en een gezicht dat heel Nederland weldra kende.
Zodoende kon zij de container worden waar alle journalisten, managers en bestuurders hun frustratie en tevens fascinatie in kwijt konden. Zij belichaamde de zelfbevlekking van een natie. Want wie neemt de ondankbare taak op zich om de voorgangers van het "We are the champions"-gevoel konsekwent het gestuntel in de N.V. Nederland voor te houden en je niet van de wijs te laten brengen door al het gehets, dat zich in de loop van de aktie steeds meer op jouw persoon begint te richten? Voor mediale akties is een centrale presentatrice . onmisbaar. En wat is geraffineerder dan een moedertype, die alle briesende journalisten de hoek in lult?
De akties koncentreerden zich op twee zwaartepunten waar serieuze zakenmensen op hun zwakst zijn: humor en rotzooi. De imagobouwers wisten ook wel dat ze windhandel dreven en voelden zich al bij voorbaat licht belachelijk als ze bij het bedrijfsleven om geld moesten gaan bedelen. In zo'n situatie komt ieder geintje aan als een mokerslag. Bovendien is één spetter op een driedelig pak effektiever dan 100 goede argumenten.
Zo was op een keer de Internationale Sportfederatie uitgenodigd haar kongres in Amsterdam te houden, om zo een goede indruk te krijgen van deze sportstad. De genodigden begaven zich op weg naar het diner met burgemeester Van Thijn in het Scheepvaartmuseum en liepen van het hotel naar de gereed liggende rondvaartboot. Daar werden ze vanaf een brug met verf, eieren en rotte tomaten bekogeld door zo'n 100 demonstranten.
De politie voerde langs de gracht een charge uit, eerst om de gooiers te verdrijven en vervolgens om de wit hete sportlieden in toom te houden. De president van de federatie: "Als de overgrote meerderheid van het Nederlandse volk achter de Spelen staat, dan hebben wij vanavond die kleine minderheid blijkbaar ook al ontmoet."
Sportevenementen
Ook andere sportevenementen kregen visite. De avond voor het 67ste internationale Open Golfkampioenschap in Noordwijk werden drie holes volledig omgespit. De deelnemers van de wereldkampioenschappen honkbal kregen de eer onder een "Nolympische ereboog" door te mogen lopen op weg naar hun receptie in het Historisch Museum en de stencils met de tegenargumenten mee te mogen nemen.
En in de nacht voor het wereldkampioenschap hockey voor vrouwen in het extra-bewaakte Wagenerstadion te Amstelveen werd de kunstgrasmat aldaar met verf voorzien van de Nolympische ringen. Toen men bijna klaar was werden drie van de vijf schilders opgepakt. Hiermee was het argument van Nolympics bevestigd dat Nederland z'n sportevenementen niet afdoende kon bewaken tegen aanslagen.
Een woordvoerder van het Comité Olympische Spelen Nee zegt de aktie 'spectaculair' en 'ludiek' te vinden. "Ze vragen er gewoon om. Men heeft de tegenstanders nooit serieus willen nemen. Nu probeert Van Thijn de tegenstand de kop in te drukken met de zogenaamde harde aanpak. Het is natuurlijk rot voor de mensen die vastzitten, maar wat er nu gebeurt laat wel het ware gezicht van de Olympische Spelen zien."
Piet is één van de arrestanten en dient na twee dagen politiecel direkt twee klachten in. Een wegens 'wederrechtelijke vrijheidsberoving' (voor vernieling had hij niet langer dan zes uur mogen worden vastgehouden) en een wegens 'mishandeling door zeven politieagenten'. Hij wenst een schadevergoeding van f.50.000,-.
Over de grens
Naast al dit gespit en geklad blijft het officiële Nee-comité doorgaan met zijn hinderlijke aanwezigheid bij IOC-meetings. Bij de 90ste sessie in Oost-Berlijn, met als erespreker Erich Honecker, waren de tegenstanders ook weer op komen dagen. Saar Boerlage, die als enige Hollander de grens wist over te komen, deelde pamfletten uit en sprak met de promotieteams van Parijs en Brisbane, "die zeer geïnteresseerd waren in mijn argumenten." Op haar affiches stond het logo van de Olympische Spelen afgebeeld, alleen was één van de vijf ringen vervangen door een bom, die moest attenderen op het gevaar van aanslagen tijdens de Amsterdamse Spelen.
Toen ze een internationale perskonferentie uitschreef bij de fontein onder de Fernsehturm, werd ze gearresteerd door de Kriminal Polizei en na zes uur verhoor het land uitgezet. Een ingezonden brievenschrijver haakt hierop in: "Toen de DDR het Saar onmogelijk maakte, had Van Thijn zijn aktiviteiten moeten staken. Nu is hij onder dekking van een totalitaire staat doorgegaan met zijn wereldvreemde aktiviteiten, die toch geen sukses zullen hebben." Een andere briefschrijver reageert onder de kop 'Afgang in Berlijn is zegen voor Amsterdam': "Zeer veel Amsterdammers zullen met instemming kennis hebben genomen van de knullige presentatie in Oost-Berlijn."
De groep bezoekt meerdere malen Lausanne waar het IOC zetelt. In december 1985 is er een eerste ronde waar alle kandidaat-steden bijeen komen in het Palace Hotel. "Twee demonstranten drongen het tophotel binnen, ontrukten zich aan de wanhopige greep van de Olympische persvertegenwoordigster en ontrolden voor de ogen van het verbaasde gezelschap hun spandoek 'Nolympics in Amsterdam'. Op teken van de president van het IOC greep het hotelpersoneel in en werden de demonstranten de straat op gewerkt. Het onheil was echter al geschied en in de uren nadien raasde het nieuws over de Amsterdamse demonstratie de wereld rond."
Daarnaast maakte het groepje van de gelegenheid gebruik om de foto's te maken die later overal zouden opduiken. Altijd weer met dat ene, nette spandoekje dat door twee mensen wordt opgehouden: voor het Palais de Beaulieu, bij een stoer standbeeld en voor Lausanne-Palace. De laatste foto vat de strategie samen: getoond is een gehurkte fotograaf die drie naar de camera lachende officials vastlegt, terwijl rechts achter, voor de zuilen van de hotelentree, het duo met spandoek het beeld opeist.
Gunnar Ericsson bezoekt als 'hoge inspecteur van het IOC' Amsterdam en wordt 's ochtends vroeg door 30 mensen vergast op het spandoek en een muziekstukje. "Dat deden we om de drie IOC-inspecteurs wakker te maken." Ericsson heeft een gesprek met Saar en vindt het wel een "vermakelijk ontbijt". Eind februari 1986 is men weer in Lausanne, waar Amsterdam zijn bidbook aanbiedt. "Welgeteld twee verkleumde demonstranten stonden bij het IOC-hoofdkwartier, het Chateau de Vidy, de hoofdstedelijke delegatie op te wachten. Het tweetal mocht zelfs even bij de IOC-voorzitter binnenkomen om hem 'the people's bid book' te overhandigen."
Irritatie onder politici
Naarmate de deadline naderde en de spandoekfrequentie toenam, begonnen de organisatoren steeds geïrriteerder te reageren. In ieder interview moesten ze kommentaar geven op de Nolympics-akties. Ed van Thijn: "We zijn natuurlijk zo chantabel als de pest. Iedere burger van Amsterdam waarmee wij in de clinch raken, kan dreigen dat hij het IOC zal benaderen."
Voortbordurend op de redenatie 'Spanje heeft zijn Basken en zo heeft iedereen wel wat' voerde Van Thijn z'n tegenstanders telkens weer op als bewijs voor 'de kracht van de Nederlandse demokratie'. Ook Vonhoff, die in het presidium van de voorstanders zitting had, probeerde zich nog even in te houden: "Nederland zonder aktiegroepen? Dat is net zoiets als Nederland zonder tulpen, klompen en molens."
Maar terwijl de kopstukken deden alsof er niks aan de hand was, begonnen onderin de organisatie de promotiemedewerkers gestresst te raken en een allergie ten opzichte van de pers te ontwikkelen. In Seoel, dat buiten de reikwijdte van de Nolympics lag, was een laatste presentatie van de plannen.
De Amsterdamse act stelde niets voor: men was vergeten de maquettes van de Olympische stad mee te nemen en probeerde het publiek te vermaken met een "verbluffende goochelshow van wereldkampioen Ger Kappers." Van Thijn werd daarop betiteld als "puinruimer die het mager Olympisch vuur weer wat probeert op te porren." De kritische pers walgde alleen maar van de bergen exklusieve etenswaar. "Wat er zoal op die tafels staat, moet zelfs de meest verwende smulpaap langzamerhand de neusgaten uitkomen."
Terug in Amsterdam besloot men tot het doodzwijgen van de anti-olympische akties en de kranten deden daar volgzaam aan mee. Nolympics meldde: "Wanneer we 's ochtends vroeg het hele Amstelhotel wakker maken, omdat daar IOC-lid Jao Havelange logeert, staat de politie er bijna lachend bij. Vooral alles rustig houden, is het huidige beleid. Ieder relletje is in het voordeel van de No Olympics beweging, heeft men bedacht. Als door krakers de Olympische tram met verfbommen wordt bekogeld, komt daar niets van in de publiciteit. Wel iets anders dan de hysterische reactie, toen een rondvaartboot het doelwit was."
Explosieve lading
Maar toen gebeurde er iets dat niet verzwegen kon worden. In de nacht van 21 augustus 1986 ontploften twee bommen. Vernield werden de voordeur van het gebouw van de Stichting Olympische Spelen en de enige schotelantenne voor telefonisch satellietverkeer in Amsterdam. De aanslagen werden opgeëist door de 'Revolutionaire Cellen commando ins Blaue hinein'. Bij de "belangrijke schakel in de propaganda ten bate van de Olympische Spelen" werd in het hart van de schotelantenne een bom geplaatst, maar de meeste schade werd veroorzaakt door een chemische vloeistof die in de kabelgoot werd gespoten en er inwendige bedrading vernielde. Op beide lokaties werden borden aangetroffen met de mededeling: "Pas op - explosieven - niet naderen".
In de persverklaring, die in een vuilnisbak van het gekraakte komplex De Binnenpret werd gevonden, stond: "Met deze aanslagen hebben wij direkte schade willen toebrengen aan het opgepoetste imago van de stad Amsterdam." Ook was een poster bijgevoegd waarop Ed van Thijn met fanatieke kop eigenhandig het explosievenkistje indrukt waarmee de schotel wordt opgeblazen, met de tekst "Olympisch vuur in Amsterdam".
Prompt belden hordes journalisten Saar Boerlage om haar distantiëring op te tekenen. Tot hun verbazing heerste bij het officiële Nee Comité een "hoera stemming". Saar in de media:
"Zelf zouden we nooit zoiets bedacht hebben, maar zoals het nu is gegaan zijn we er blij mee. Dit geval haalt de internationale pers en dat is onvoordelig voor Amsterdam. Wij zouden wel gek zijn om aanslagen te plegen: als voor de rechtbank zou blijken dat wij erachter zitten, zouden wij veroordeeld worden tot het betalen van de schade. Dit is de zoveelste klap voor de organisatoren. Ze proberen op hufterige wijze de Spelen naar Amsterdam te halen en geven tegenstanders geen kans om hun bezwaren uit te dragen. Op die manier lokken de autoriteiten geweld uit."
Uit deze reaktie blijkt de superioriteit van de gevolgde mediastrategie. Het multiplier effect werkt: het bommenleggen van anderen wordt geen rem, maar versterkt slechts de taktiek om het eigen imago omlaag te halen. Daardoor kon het comité zich· verwonderd afvragen waarom "men zelf niet op het idee was gekomen" en kon men de aanslagen als extra argument gebruiken tegen de Spelen. Deze waterdichte redenering moest wel worden overgenomen door de zeikerige journalisten.
Het nieuwe argument werd nu: "Bij komst Spelen naar hoofdstad meer aanslagen verwacht". Saar Boerlage merkte nog op: "Die jongens en meisjes hebben het niet gemunt op andermans leven of bezit. De autoriteiten moeten dit uiteraard veroordelen. Maar niet met termen van zware kriminaliteit, zoals Van Thijn heeft gedaan."
Bloemencorso verstiert
Twee weken later vond een laatste incident plaats voordat de karavanen richting Lausanne vertrokken om de IOC-stemming mee te maken. Het jaarlijkse bloemencorso stond in het teken van de Olympics. Daarom waren er door de politie extra manschappen, zoals aanhoudingseenheden, op de been gebracht. Toen de praalwagens ter hoogte van De Binnenpret reden, probeerden aktievoerders met sandwichborden in de stoet mee te gaan lopen. De teksten luidden o.a. "Mexico 1968: honderden doden", "München 1972: gijzelaars verbrand", "Montreal 1976: de bevolking betaalt nog steeds", "Amsterdam 1992: ins Blaue hinein?". De politie joeg de demonstranten de stoet uit, waarna ze op de fiets stapten om onder politiebegeleiding op de Dam stencils te gaan uitdelen.
De spanning zat er na de bomaanslagen weer helemaal in. De bedoeling was om deze in Lausanne tot een hoogtepunt te voeren. Eerst zouden Saar en haar comité aankomen met de bekende spandoekjes. Voor later in de week werd een geheim wapen achter de hand gehouden: de woeste horden die het slechte imago van Amsterdam zouden komen bevestigen. "Er wordt vanuit A'dam een busreis georganiseerd waar Neckermann niet aan kan tippen. De trip neemt zo'n 4 dagen in beslag en gaat ongeveer 90 piekies kosten. Slaapplaatsen zijn geregeld."
Omdat het Nee Comité geen ledenbestand of brede basis nodig had bij hun werk in de media, werden nu bepaalde kringen warm gemaakt voor een leuk uitje. De doelgroep voelde zich aangesproken en begreep wat er van hen verlangd werd. Twee punkgroepen gingen ook mee om te zorgen voor de muzikale omlijsting. De last-minute tickets voor deze "prima verzorgde demonstratie/vakantiereis" werden op de bekende adressen verspreid.
Al eerder was de speciale Olympische trein met de officials vertrokken. Ook diende zich een privé-initiatief aan van de voorstanders, gesponsord door de firma Sorbo, die in busjes naar Zwitserland afreisden. In Lausanne kwamen de aktie-touringcar (behangen met kreten als "No way Edje!") en de Sorbobusjes elkaar al op de eerste avond tegen. Flip: "Toen die busjes wel erg dicht langs ons reden zijn er wat deuken ingeschopt."
Barbaren in Lausanne
De groep aktietoeristen werd opgevangen in het Martin Luther King centrum, "de enige bouwval van Lausanne". Het lag langs een riviertje dat naar het meer van Genève voerde. In het groen werden naast het gebouw grote tenten opgezet. De aanwezigheid van "het huisvuil van Van Thijn" op de plaats waar deze er het minste behoefte aan had, was genoeg om een komplete kultuurshock te veroorzaken bij de verzamelde wereldpers, de Zwitserse politie en de officials.
De "vettige trawanten van Saar Boerlage" hadden niet alleen hun leren jassen, legerkisten en vale t-shirts met Nolympics opdruk aan, maar lieten ook overal waar ze kwamen bergen afval achter. Ze schreeuwden voortdurend, stonden te springen, aan hekken te sjorren en met staven tussen de spijlen te slaan zodat er een pokke herrie weerklonk. Ook voerden ze dansjes uit in de bloembakken. Ze droegen leuzen mee die ook naar eigen maatstaven volledig over de schreef gingen: 'Amsterdam supports apartheid', 'No games No bombs', 'München '72 = Amsterdam '92' en 'München can be repeated Amsterdam fights!'. Ook verschenen op een gegeven moment twee tegenstanders van de Spelen uit Barcelona in Lausanne met een eigen spandoek, die door de Spaanse tv gefilmd werden en verbaasd mee mochten doen met de Amsterdamse troep.
In de cleane, steriele omgeving van Lausanne leek het alsof de barbaren waren binnengevallen in de beschaving. De aktievorm was gebaseerd op de Spassguerrilla-logica die uitgaat van wat de tegenstander het allerergst vindt om over zichzelf te horen of te zien om daar nog een schepje bovenop te doen. Maar tegelijk gebeurde nog iets anders: tot de Amsterdamse kraakervaring drong ineens door hoe extreem schoon en ordentelijk de wereld wel niet is. Uit de lacherigheid die opkwam flitste het inzicht op hoe prachtig de eigen vuiligheid was. De onbenoembaren hadden tot dan geen belangstelling gehad voor de afwijzing door anderen van hun uiterlijk. Nu begreep men dat nette mensen zoveel smurrie domweg niet aankonden.
Flip: "De kabaal-demo's voor de poort verlopen elke keer volgens hetzelfde patroon: uit de bus springen, uurtje herrieschoppen met fluitjes, ratels en toeters, pamfletten uitdelen, met spandoeken zwaaien en dan de bus weer in, terug naar ons honk." De reisorganisatie volgde een spartaans regime om vooral geen enkele gelegenheid te missen om acte de presence te geven. De groep werd al om 06.00 uur gewekt om rond 7.30 het ontbijt in het Calgary Palace Hotel te kunnen verzieken. De uitstapjes waren geheel gericht op de wereldpers, die zich ook liep te vervelen aangezien de IOC-leden volkomen onbereikbaar waren. Zij flitsten alleen in bussen en luxe wagens langs. De politie bleef vriendelijk om onder het toeziend cameraoog van de reporters Lausanne geen slechte naam te bezorgen.
'Capitalist bastard'
Op de avond voor de stemming ging men weer op pad, ditmaal naar het hotel waar de heren sliepen. Flip: "Weer springt een enthousiaste horde uit de bussen, rent de straat over waar om de effektiviteit van de aktie te verhogen de bus met IOC-leden net aankomt. Om in het hotel te komen moeten ze wel voor de joelende groep langs." Dit was de enige keer dat de deftige heren lichamelijk kontakt maakten met het gajes.
"Met name deze demo deed het hem. Enkele hysterische aktievoerders begonnen de mercedessen aan te klampen. Een of andere idioot met een knalrood hoofd van opwinding hield niet op met 'fuck you capitalist bastard' te krijsen en met zijn middelvinger in het gezicht van de IOC'ers te prikken, en passant nog even ruzie makend met andere aktievoerders die dat niet zo zagen zitten. Het leuke idee kwam op om stickertjes op de ruggen van IOC-leden te plakken. Een fossiele IOC'er kreeg bijna een hartverlamming en moest door zijn chauffeur ondersteund worden. Steeds meer mensen schenen uitzinnig van woede te kunnen worden bij de aanblik van een IOC'er alleen al."
Joop: "Het verhaal dat er met flessen bier is gegooid is onzin. Er liet iemand een tas met een aantal flessen per ongeluk vallen. Dat is alles. Er is hoogstens een klap tegen een bus gegeven." Flip: "De prins van Monaco kreeg een rochel in z'n facie, dat was grappig. Deze aktie werd helemaal succesvol toen de ME op ons afgestuurd werd. Over de hele straat kwamen ze aangerend, ze maakten een wat beter georganiseerde indruk dan 'onze' ME. Afijn, snel opgebroken, een chaotische aftocht in overwinningsroes. Ook de pers had nu zijn zin."
Betsy: "We werden nog tegengehouden door de ME omdat er zoveel troep op de straat lag, ik geloof dat mensen die toen nog zijn gaan oprapen." Joop: "Het was een typische Amsterdamse demonstratie bij het hotel in Lausanne. Maar voor de IOC-leden zal het bij het diner wel het gesprek van de avond zijn geweest." 's Avonds vermaakte het gezelschap zich tijdens een benefietconcert dat in een cultureel jongerencentrum plaatsvond.
D-Day
Op D-day werd na de eerste demonstratie van 08.00 uur voor het Palais de Beaulieu, waar de beslissing zou worden genomen, een "grasveldvergadering" gehouden. De vraag was wat men zou doen wanneer de uitslag bekend werd gemaakt. Ineens bleek men in een strategiedebat te zijn beland. Een kleine groep rond Piet en Hein, "die zich verder wat afzijdig gehouden had van de grote groep", vond dit een mooie gelegenheid om Van Thijn ten val te brengen.
Sandra: "Zij wilden daar voor leider gaan spelen. De voorstellen die zij deden vonden anderen te heftig gezien het optreden van de Zwitserse ME die avond daarvoor. De ME was daar op een Brazil-achtige manier, met bussen die leken op die van de insectenverdelgingseenheid, op ons afgekomen. Hun cleane aanpak en hun gemarcheer maakte het onduidelijk wat zij van plan waren. Wilden ze ons alleen wegjagen of echt aanpakken?"
De fraktie van Piet en Hein had nog niet door dat ze in een mediale aktie waren beland en dat de strategie van het zo non-politiek mogelijk zijn aanstevende op een eclatant succes. De kwestie spitste zich toe rond de vraag waar en hoeveel rookbommen moesten worden afgestoken. Het compromis was een "Nolympische rookfakkel" die door het levende kunstwerk Fabiola zou worden gedragen. Bij de toegangshekken werd de "uitdovende fakkel met het Amsterdamse Olympische vuur" aangestoken, precies op het moment dat de verzamelde IOC-leden gefotografeerd zouden worden op het bordes. De rook dreef prachtig door het groepsportret.
Even later werd bekend dat Barcelona had gewonnen en dat Amsterdam al in de eerste verkiezingsronde met het minste aantal stemmen van alle steden had verloren (5 van de 130). Hierop stapte de groep juichend in de bussen, terug naar huis. "Het leukste was misschien wel het gevoel van hilariteit over hoe al die opgeblazen Nederlandse delegatieleden gedegradeerd werden tot bijna niks. 'Vijf stemmen!' riep iedereen de hele dag. Voor de elite was het even de omgekeerde wereld. De mensen van Nolympics zijn wereldnieuws geworden. Dit in tegenstelling tot de officiële delegatie, die tot figuranten werden gedegradeerd en zeer weinig internationale pers kregen."
Afscheidsfluim
De strategie van het altijd-aanwezig-zijn werd hierop tot zijn uiterste gevoerd. De Nolympicsbussen waren snel genoeg terug in Amsterdam om gelijk aan te komen met de terugkerende, diep verslagen delegatieleden. Deze zouden in het World Trade Centre een afsluitende perskonferentie geven. Weliswaar had een deel van het Nolympics-reisgenootschap meer zin om direkt naar huis te gaan, maar ongevraagd was men afgezet voor het kantorenkomplex. Er was nog een spandoek gemaakt: 'Mooi Nee haha hihi!' en '4 miljoen gulden per stem'.
Toen de delegatie vanaf Schiphol met de laatste rit van de Olympische trein bij het handelscentrum aankwam, moesten de regenten vanuit het station over de openbare weg naar de ingang van het gebouw wandelen. Op straat stootten ze op dezelfde groep Nolympics die hen in Lausanne het bloed onder de nagels vandaan had getreiterd.
Dit werd de meeste officials te veel. Nu was het aan hun de beurt voor een lichamelijke benadering van de tegenstander. Ze duwden de aktievoerders opzij en wilden erop losslaan, maar deze reageerden alert en luidruchtig. De dikke Vonhoff werd in zijn gezicht gespuwd. Razend sleurde Vonhoff hierop de aktievoerder naar de aanwezige politieagenten om hem te laten arresteren, maar daar werd hij door z'n kameraden ontzet.
Eenmaal binnen eiste Vonhoff van burgemeester Van Thijn dat de jongen alsnog gearresteerd zou worden. Toen een nieuwe lading politie was gearriveerd, gebeurde dat ook. Hij kwam 's avonds weer vrij. De opwinding in de pers over dit incidentje had toen al ongekende hoogten bereikt. In een klap kreeg "Saar Boerlage en haar trawanten" alle schuld van de formidabele afgang voor het oog van de wereld. Een aktievoerder stelde achteraf de vraag: "Wat is er trouwens zo erg aan spuuw? Wat is er zoveel radikaler aan dan een taart? Spuuw is zo erg omdat het van het menselijk lichaam komt. En dat is iets wat de elite nu juist niet wil zijn. Zij zijn geen lichamen, zij zijn de Orde."
Temidden van het enige weken aanhoudende gehets wordt in een dagblad een interview gepubliceerd met Saar en haar Comité Olympische Spelen Nee. Saar: "Ons laatste bericht aan de leden van het IOC was dat wij vinden dat Amsterdam een mooie stad is. We hebben gezegd dat we dat ook zo zouden willen houden." Vraag: "Burgemeester van Thijn heeft in het weekeinde gezegd dat No Olympics verantwoordelijk is voor het verlies van zeven tot twaalf stemmen in Lausanne. Wat vinden jullie daarvan?" Antwoord: "Het is te hopen dat het inderdaad zo is. Dat is dan een grote eer voor ons."
BILWET
Stichting ter bevordering van de illegale wetenschap i.o.
Naschrift NN, 'De grote overwinning van het kleine vuil' van Bilwet is overgenomen uit ARCADE, Jaarboek voor de ambulante wetenschappen nr.3. In dit 200 pagina's bevattende gestencilde (!) boek, onder meer verhalen van Bart Droog 'Amerika bestaat echt', Peter Callas 'Het post-warenhuis in post-cultureel Japan', Geert Lovink 'Een Duitse vrede' en Lex Wouterloot 'Wollt ihr die totale Okologie?'. Arcade nr.3 verscheen bij uitgeverij Ravijn in een genummerde oplage van 225 exemplaren. Het verhaal over No-Olympics is eveneens verschenen als extra toegevoegd hoofdstuk in de onlangs verschenen Duitse versie van Bewegingsleer van Bilwet.