Vrije Keyser Magazine (NN #91) van 22 augustus 1991
Hallo, hoe gaat het met dordrecht?
Terwijl Dordtse krakers twee reporters uit Amsterdam dronken voeren -en omgekeerd-, nemen communistische conservatieven de macht van Gorbatsjov over. hoe gaat het met Dordt, neemt de oude garde weer de leiding over of laten ze de jongeren hun gang gaan?
Een brief van een aantal Dordtse krakers in NN van twee weken geleden was voor ons aanleiding om eens een kijkje te nemen in deze oude stad, gelegen daar waar de Oude Maas over gaat in de Merwede en Noord. In de brief spuiden zij hun ongenoegen over de landelijke alarmlijst. Na, voor de ontruiming van Sorghvliet, tweemaal de gehele lijst te hebben afgebeld, kwamen er welgeteld vijf supporters uit Rotterdam.
Dordtse krakers hadden Vila Sorghvliet gekraakt maar werden de dag daarop door een knokploeg weer buitengezet. Op hoge poten gingen ze naar de politie, die ook vond dat zij de rechtmatige bewoners van de villa waren, niet wetende dat op dat moment een huurcontract afgesloten werd. Na de herkraak kwam de politie dan ook op de proppen met de nieuwe huurder. De landelijke alarmlijst werd ter hand genomen. Maar de Amsterdammers met hun grote bekken lieten het afweten. De teleurstelling bij de Dordtenaren was groot.
We maken een afspraak met Patrick. Hij is al zo'n vier jaar actief in het Dordtse en woont in de Grote KB, het voormalige rooms katholieke Ziekenhuis aan de Grotekerksbuurt. We schrijven 18 augustus, zondagmiddag drie uur: de zon staat hoog en in de nauwe straatjes van Dordrecht loopt de temperatuur op naar strandbruin. Voor de boekwinkel Zwartboek, gevestigd in de Grote KB, zitten wat mensen in de zon een sjekkie te roken. De deur van de boekwinkel staat open.
Tot een jaar geleden was het ijzig stil in Dordrecht. Althans voor de buitenwereld. Het kraakpand Merwedroom werd al vijf jaar bewoond door een twintigtal mensen, een woongemeenschap. Een hechte groep zonder veel bedreiging van buitenaf en waar ©zoals ze zelf zeggen© ook niemand last van had. Ze hadden dan ook geen behoefte aan hulp van 'over' de Zwijndrechtse brug.
Maar aan deze droom kwam vorig jaar een einde. Een projectontwikkelaar liet zijn oog vallen op het gebouw. Hij had een plan voor een aantal reclamebureaus onder één dak. De krakers moesten wijken. Daarop kraakte de groep een nieuw pand, de Grote KB. Dit complex bestaat uit een reeks van kleine pandjes aan de Grotekerksbuurt, met uitzicht op het oude stadhuis en een politiebureau.
Het merendeel van het ziekenhuis ligt al plat. De pandjes staan dan ook aan de afgrond van een gigantische bouwplaats. Ook hierop heeft een projectontwikkelaar zijn zinnen gezet. Patrick: "Ze willen er luxe appartementen neerzetten, maar de historische panden aan de straat moeten van de gemeente blijven staan. Die hebben we dus gekraakt. Over het pand waar we ons op dit moment bevinden is een soort 'deal' gemaakt met de projectontwikkelaar: wij gaan weg als hij gaat verbouwen. We denken dat het in december zover is."
Geen verzet tegen de ontruiming dus? "Jawel, voor de rest van de panden geldt deze regeling niet. We trekken ons terug in het pand hiernaast en daar gaan we niet vrijwillig uit." En de rest? "We zijn niet met genoeg mensen om alle panden te bezetten."
Dordrecht is zo'n twintig actieve krakers rijk. Daaromheen hangt een groep sympathisanten. De geschiedenis van tegendraadse Dordtenaren gaat terug tot in de 15-de eeuw: de familie De Witt. Pa, Jacob de Witt was burgemeester van Dordt. Hij maakte zich sterk voor zijn stad, en streek daarbij stevig tegen de haren van de Oranjes in. Zijn zoons, Johan en Cornelis, geboren in de Grotekerksbuurt, aardden naar hun vader. Hun anti-monarchistische ideeën hebben ze met de dood moeten bekopen. Ze werden in 1672 in Den Haag gevangen gezet en op slinkse wijze in handen gespeeld van de Oranjegezinden. Een standbeeld van de gebroeders de Witt staat vijftig meter van de Grote KB.
Patrick en Renee leiden ons rond. Eerst krijgen we de bouwplaats te zien aan de achterkant van de Grote KB. Het lijkt alsof het ziekenhuis is platgebombardeerd. Alleen een historische kapel staat nog overeind. De min of meer bewoonbare pandjes rond de bouwplaats zijn gekraakt. We banen ons een weg door het puin en gaan op weg naar de Merwedroom.
Het hoofdgebouw van dit pand met uitzicht op de Oude Maas staat nog steeds leeg. Er staat een verlaten container voor de deur en de barricades van de herkraak zijn vanaf de straat nog steeds zichtbaar. De twee bijgebouwen die samen met het hoofdgebouw een binnenplaats omsluiten zijn inmiddels geverfd en zien er gebruikt uit. "Een aantal reclame bureaus zouden er moeten komen. Maar erg veel gebeurt er niet. Daarom hebben we het in januari van dit jaar herkraakt", legt Patrick uit.
Het mocht niet baten. De politie kwam met veel poeha en de krakers stonden weer op straat. Maar nog steeds wordt met weemoed teruggedacht aan de goede tijd in Merwedroom: "Als we denken aan de feesten in Merwedroom gaan we huilen" vertelt 's avonds degene die bij het afscheid van Merwedroom de lijkrede uitsprak.
Een groot aantal huizen in Dordrecht is dichtgespijkerd. Er wordt veel gesloopt en opgeknapt. Tussen rijen oudbouw wordt nieuwbouw gepropt en historische panden worden gerestaureerd. Het wordt er niet echt lelijker op. De gemeente is vast van plan er een aantrekkelijke stad van te maken. "Maar dat is dan alleen voor de toeristen. Wij hebben er niet veel aan", zegt Patrick.
Het wordt volgens hem steeds moeilijker om een pand te kraken in de binnenstad van Dordrecht. Als er een pand leeg komt worden snel kraakwachten gesignaleerd en volgens Patrick maakt de gemeente ook gebruik van kunstenaars die ateliers zoeken. "Ook gaat de politie steeds harder optreden. Laatst bij de herkraak van Villa Sorghvliet zijn ze behoorlijk tekeer gegaan. Tot voor kort waren wij dat hier niet zo gewend."
Als we later Anneke ontmoeten beaamt zij Patricks verhaal. Zij is kort na de ontruiming naar de hoofdcommissaris van politie geweest. "Hij zei dat hij geen opdracht had gegeven voor dat harde optreden. Dat betekent dat het een zelfstandige actie van de agenten ter plaatse is geweest."
Renee woont op de Singel. Hij maakt zich niet ongerust over zijn woongenot. Toen de Singel een jaar geleden gekraakt werd stond het al 15 jaar leeg. "De buurt was blij met ons. Ze waren toen met de gemeente in gevecht. De gemeente wilde het pandje namelijk slopen maar de buurt ziet het nut daar niet van in. Ze waren blij dat het weer bewoond werd. Ze moeten gedacht hebben; liever krakers dan een dicht getimmerd huis waar misschien wel junks intrekken."
Op het moment dat hij dit vertelt (vier uur zondagmiddag) luiden de kerkklokken en gaan de overburen voor de derde keer die dag naar de kerk. Dordrecht heeft een vrij streng gereformeerde gemeenschap. "We hebben niet echt veel contact met de buren", voegt Renee nog toe. "Maar wij hebben geen klachten. En in denk dat ze ook niet veel last hebben van ons."
Tijdens dit gesprek zitten we in een beneden ruimte van de Singel die dienst doet als kroeg: de Onkroeg. Het café is op woensdag, donderdag en vrijdag van 20.00 tot 1.00 uur open. De rest van de week kunnen de stamgasten naar de Grote KB, café Zwijnzicht (tegenover het stadhuis).
Renee is zanger van de band Bacilus Thuringiensis, speelt bas in een andere band, is bezig met leren spelen van gitaar en bouwt aan zijn eigen drumstel. De muziek klinkt ons in de oren als punk maar volgens Patrick (basgitarist van Bacilus Thuringiensis) is het toch iets anders. "Wat we precies voor muziek maken kan ik niet zeggen." De teksten zijn onverstaanbaar. "Mensen die de teksten willen weten kopen het bandje maar, daar zit een stencil met de tekst bij" vervolgt Renee. "We willen ook een toer gaan maken met de twee bands waar ik in speel." Maar dan krijgt Renee het toch wel erg druk: hij vervult in beide bands een belangrijke rol. "Maar hij drinkt en rookt niet, dus dat moet lukken", meent Patrick.
In de Singel wonen ze met z'n drieën. Er kunnen nog een aantal bewoners bij maar dan moet het pand eerst behoorlijk opgeknapt worden. We krijgen een rondleiding: achter de eerste deur die opengaat ligt een berg hout die niet te overzien is. "Eerst woonde ik hier, tot het ging lekken. Precies boven m'n bed. Het probleem van dit huis is dat het in tweeën schuurt. Dwars door het pand loopt een stevige scheur. Toen ben ik naar de zolder verhuisd." Renee laat nog even de bakfiets zien die hij aan het restaureren is. "Volgend jaar willen we met tien bakfietsen door Nederland gaan trekken."
Na een bezoekje aan de koffieshop, de giromaat en de sociale dienst-brievenbus komen we terecht in de Lampion, een snackbar met Vlaams-Chinese gerechten: friet met kip-kerrie of foe jong hai.
Na een stevige maaltijd belanden we in Zwijnzicht. Tegen elf uur loopt de kroeg vol. Groepjes worden gevormd en het spel Risk en een set kaarten worden vanonder de toonbank getoverd. Steef, gitaris, staat achter de bar. Een rustige jongen. behalve dat hij in twee bandjes speelt, houdt hij zich verder niet zo met het kraakgebeuren bezig.
Is Dordt verdeeld in 2 kampen? "Nee, niet echt", zegt Marco. Hij is de technicus van het kraakpand. We zijn het niet op alle fronten met elkaar eens maar we wonen dicht op elkaar en zijn daardoor ook afhankelijk van elkaar. Zo raak je niet snel van elkaar vervreemd." Maar die brief over de herkraak van villa Sorghvliet in NN, hebben jullie die dan niet met z'n allen opgesteld? "Nee, ik heb de brief ook moeten lezen in NN. De mensen die de brief hebben geschreven zijn wel een beetje naïef." De tijden dat iedereen na één telefoontje gelijk komt opdraven zijn volgens Marco voorbij. "Ik heb bijvoorbeeld ook mijn eigen dingen te doen."
Marco heeft samen met Joost een timmerbedrijfje. Marco is bezig met het maken van een tuinmeubel. "Puur voor het geld. Ik wil er een zaagmachine van kopen. Normaal gesproken maak ik alleen eigen ontwerpen." Marco en Joost showen hun werkplaats en laten wat 'kunst'-werken zien. Waar Marco echt trots op is, is zijn zelfontworpen kinderspeelgoed. "We maken alles van tropisch hardhout maar wel van afvalhout. Je staat versteld van wat er allemaal op de brandstapel gaat. Dat is ook idealisme: het verwerken van weggooi-materiaal." Verder zijn de bewoners van de Grote BK blij met de werkplaats. Als er iets kapot is kloppen ze aan bij de techneuten.
Joost en Marco zijn samen het Dordtse dienstweigerkollektief. Ze zijn allebei al 8 jaar bij het wekelijkse spreekuur voor potentiële dienstweigeraars betrokken. Ze krijgen, via het JAC waar het spreekuur onderdak heeft, zelfs subsidie van de gemeente. Tenslotte is Joost nog de informele 'directeur' van boekhandel Zwartboek: hij doet de inkoop en regelt dat de winkel draait. De winkel bestaat al sinds de kraak van Merwedroom. Het begon met lnikse boeken en blaadjes, maar nu draait de winkel vooral op de verkoop van platen van alternatieve labels.
Terug in de kroeg ontmoeten we Sjakkelien. Zij heeft 'iets' met Marco. Hoe moet dat nu als jullie hier weg moeten? "Ik weet het niet. Het wordt steeds moeilijker iets met z'n allen te kraken. En wat mij betreft is dat het ideale." Sjakkelien staat eens in de week achter de bar in Zwijnzicht, verkoopt in de boekwinkel en doet aan de lopende band cursussen.
Annemiek, woont ook in de Grote KB, komt er bij staan. Ze heeft een naaikamer ingericht in het pand. Daar ontwerpt ze zelf kleding. Niet omdat ze zo modebewust is, zegt ze zelf. "Maar het komt meer door mijn moeder. Wij hadden niet zoveel geld en mijn moeder maakte zelf altijd haar kleding. Als er een feest is vindt ik het te gek om daar speciaal iets voor te maken."
Annemiek is ook vrijwilligster bij Vluchtelingenwerk Nederland. "Ik vind dat ik daar wel goed werk doe maar soms vraag ik me toch wel eens af of het nu wel de vluchtelingen betreft die ik zo graag zo willen helpen. Ik heb toch meer affiniteit met de mensen die in de vluchtelingenkampen zitten in de derde wereld. De vluchtelingen die hier komen, komen vaak uit de betere families."
Zowel Annemiek als Sjakkelien kennen de brief uit NN. Maar wie heeft de brief dan opgesteld? Na wat een en weer gepraat blijkt de Dordtse kraakbeweging, net las in veel andere plaatsen, in twee categorieën te verdelen. De mensen die hun woning en/of een werkruimte hebben gekraakt en daar invulling aan hun leven geven en de mensen die van het kraken hun leven maken.
's Avonds in de kroeg komen de geruchten binnen dat er in Amsterdam dinsdag drie panden ontruimt gaan worden. De laatstgenoemde groep bespreekt direct de reis naar Amsterdam. Patrick: "Als wij naar Amsterdam gaan verwachten we van anderen dat ze naar ons komen als dat nodig is. Waar blijft anders de solidariteit?" De eerstgenoemde groep maakt geen aanstalten om naar Amsterdam te gaan. "Ach ja, ik ben niet zo'n reller." merkt Steef, de barkeeper op.
Louis en Marc
< Kaders >
Toren
Van welke kant je Dordrecht ook binnenkomt, de toren van de Grote kerk is altijd te zien. Een paar eeuwen hebben de Dordtenaren aan deze toren gebouwd. Na de laatste her-verherbouwing in de jaren zestig is de toren één van Dordts toeristische attracties geworden. Bovenop de toren, die je voor twee gulden mag beklimmen, heb je een prachtig uitzicht over de oude stad. Je kaartje koop je bij een aardige oude man die zeer bereid is om het een en ander over de toren te vertellen. Zijn toren is 12 miljoen kilo zwaar en staat 2,25 meter uit het lood. Hij is 72 meter hoog en onderweg naar boven loop je over 275 treden. Vermoeiend, maar de moeite waard.
Commissaris versus commissaris
Een recente rel waardoor Dordrecht zelfs de landelijke pers haalde gaat over....een pand. Een mooi pand: aan het water met uitzicht op Zwijndrecht. De politie te water die in dit pand gevestigd was, zou gaan verhuizen en toen dacht de commissaris van de gemeentepolitie bij zichzelf: 'hier wil ik wel wonen'. Via zijn, uiteraard goede, connecties bij de gemeente regelde hij onderhands de aankoop van het pand. Hiertegen ontstonden flinke protesten, want meer mensen hadden hun zinnen op het pand gezet: de commissaris van de politie te water. Toch blijkt vriendjespolitiek sterker dan publieke verontwaardiging: het koopcontract tussen de gemeente en de commissaris van de gemeentepolitie is niet ontbonden.
Vluchtelingenwerk
Ook in Dordrecht is een groep mensen actief die solidair zijn met vluchtelingen. Tot voor kort was deze groep in het gelukkige bezit van een mooi centraal gelegen pand, maar een half jaar geleden is dit uitgebrand. Voor die tijd was er al twee keer ingebroken waarbij de kas werd ontvreemd. Naar aanleiding hiervan besloten de medewerkers van Vluchtelingenwerk om de kas in het vervolg te verstoppen, maar bij de eerstvolgende inbraak werd het pand in brand gestoken. In de nacht die hieraan vooraf ging was ook al ingebroken bij een Dordtse advocaat die zich met vluchtelingenzaken bezighoudt. Hier werd een poging tot brandstichting gedaan. Een nacht later was dus het pand van vluchtelingenwerk aan de beurt. Dit brandde volledig uit. Wie of wat hier achter zit is nog altijd onduidelijk.
Schommelrecord
Zonder dat hij het zelf in de gaten had brak Jaco Boer op zaterdagavond 17 augustus het wereldrecord schommelen. In vierentwintig uur tijd liet de twintigjarige schommelaar zijn schommel 26.720 keer uitslaan. Het oude record stond op slechts twintig uitslagen minder (!!!). De titelverdediger, Adrie Romijn, staakte na tien uur schommelen de strijd: hij tuimelde achterover van zijn schommel af het water in. De zes-en-vijftigjarige Opa van Wijk was de oudste deelnemer. Het slechte weer deerde hem niet, integendeel: "Ik ben een rauw«weer schommelaar" zo verklaarde Opa "van een stevige bui wordt je tenminste weer wakker". De schommelkampioenschappen werden dit jaar voor de achtste keer georganiseerd door speeltuinvereniging De Schommel uit Molenaarsgraaf, een plaatsje in de buurt van Dordrecht.