UIT: NN #84 EXTRA – Inval Radio 100, 19 mei 1991
OVERVALTHEORIEËN
De wijze waarop Radio 100 is aangepakt is buiten proporties en de vraag is wat de werkelijke reden hier achter is. Volgens sommigen is de oorzaak dat het na 1992 makkelijker wordt een radiostation te hebben. In bijvoorbeeld Italië, België, Frankrijk, Spanje heb je het recht een eigen zender te beginnen. Voor Nederland onder druk komt te staan om ook de ether te liberaliseren zou de radio kontroledienst nog even een grootse daad willen stellen. Deze en andere theorieën doen de ronde.
Al jaren zou er in deze hoek onvrede zijn over het feit dat de kommerciële piraten wel aangepakt, maar radio 100 ongemoeid wordt gelaten. Dit komt enigszins overeen met de verklaring van de politie die zegt dat er rechtsongelijkheid was ontstaan ten opzichte van de andere piraten. De grootscheepse aanpak zou dan voortkomen uit de angst dat er onbekende hoeveelheden sympathisanten zou den kunnen komen en de doorzoekingen zijn nodig vanwege artikel 140 (lidmaatschap van een criminele organisatie). 't Zou kunnen.
Volgens de politie was Radio 100 gewoon de volgende op de lijst. Anderzijds geeft politiewoordvoerder Wilting aan dat het bij de inval bij Radio 100 ook om "andere aktiviteiten" ging. Dat blijkt ook wel uit het doorzoeken van de drukkerij en het meenemen van het klantenbestand en de boekhouding daar. Tijdens de huiszoeking was er volgens de processtukken speciaal verlof tot "inbeslagname van brieven en andere geschriften die niet het voorwerp van een strafbaar feit uitmaken of het begaan ervan hebben gediend".
Een andere theorie is dan ook dat het invallen bij Radio 100 en het gebruiken van artikel 140 slechts bedoeld is geweest om beweging en aktiviteiten in kaart te brengen. Het is natuurlijk ook mogelijk dat men van politiezijde meerdere vliegen in één klap heeft willen slaan (belasting, radio, informatie over de drukkerij en doorzoekingen bij verschillende personen).
Feit is in ieder geval dat artikel 140 een prima excuus verschaft om vergaand overal te snuffelen. Artikel 140 is zo oud als het wetboek van strafrecht en heeft heel vaak een politieke toepassing gehad. In de jaren '70 is het weer opgedoken en werd eerst gebruikt om fraudeurs aan te pakken. Daarna is het gebruikt voor de rellen rond de Nijmeegse Mariënburcht en vervolgens is het steeds vaker toegepast op aktiegroepen en bewegingen. De werkelijke veroordelingen op art. 140 zijn echter schaars.
Het echte gevaar, naast natuurlijk een algemene paranoia in de diverse georganiseerde verbanden, is eerder dat het de politie gelegenheid geeft om overal haar neus in te steken. Om toestemming te krijgen voor binnenvallen, telefoontaps, inbeslagnemingen van boekhouding, doorzoeken van omliggende ruimtes en arrestaties van allerlei mensen moeten gewoonlijk toch nog steeds goede argumenten aangevoerd kunnen worden.
Behalve als artikel 140 wordt aangevoerd, want dan kan alle informatie relevant genoemd worden. Dat blijkt ook uit de wijze waarop bij drugszaken gebruik van dit artikel wordt gemaakt. Daar wordt vaak 140 aangevoerd (op grond van vermoeden van een organisatie of horen zeggen), om bijvoorbeeld toestemming voor een telefoontap te verkrijgen zonder dat er een konkrete verdenking is. Later wordt de informatie van de tap dan gebruikt als bewijs terwijl artikel 140 dan niet meer in de aanklacht voorkomt.
Er waait al een tijdje een recht-en-orde wind door autoriteitenland. Symptomen zijn de aanvallen op WAO-ers, de nieuw-flinks diskussie, etc. Je merkt het ook aan een merkwaardige detail als het loszagen en meenemen van bij het Centraal Station geparkeerde fietsen. Mogelijk is deze mentaliteitsverandering een achtergrond van de overval.
Bert Holvast van de Groen Links-fraktie acht het niet waarschijnlijk dat de politiek rechtstreeks bij het besluit tot vervolging is betrokken - hij gaat het wel uitzoeken en er eventueel vragen over stellen. Maar het is natuurlijk best mogelijk dat Justitie zelf bevangen is door het Nieuwe Denken. In beide gevallen is er reden om vrijheden offensiever te verdedigen en uit te breiden. Ook in de ether moet er vrijheid van meningsuiting zijn.