Naar archief

UIT: NN #82 van 18 april 1991   

MILIEUOORLOG 

Deze week brengt de Vereniging Milieudefensie het rapport 'Olie op de Golven; de Golfoorlog als hulpbronnenkonflikt' uit. Het gaat over de gevolgen van de Golfoorlog voor het milieu en de politieke consequenties voor de milieubeweging. Een gesprek met Han van de Wiel. Eén van de schrijvers van het rapport en stafmedewerker Milieu en Derde Wereld van Milieudefensie. 

De milieubeweging in Nederland heeft nauwelijks deelgenomen aan de anti oorlogsbeweging, terwijl dat in het buitenland wél het geval was. Bij de eerste anti-oorlogsaxies in Amerika werd al gewezen op overmatig autogebruik. 

Han: "We waren wat huiverig om in de antigolfoorlogbeweging de milieuargumenten in te brengen als extra reden tegen de oorlog. We vonden het bijna pervers. De oorlog op zich is al erg genoeg, er vallen duizenden slachtoffers en daar hoef je niet met het milieu bij te komen. We moesten er ook met enige terughoudendheid over praten. In andere oorlogen kon je de 'goeden' van de 'slechten' onderscheiden, dat was bij deze oorlog niet. Saddam Hoessein is een diktator en van Bush en de coalitie hoeven we ook niet alle zegen te verwachten. Voor ons hier bij het centraal buro van Milieu Defensie was het misschien wel duidelijk maar voor onze achterban, zo'n 27.000 leden, is het moeilijk. Zo zagen we dat in het begin." 

"Op een gegeven moment dachten we, dit is gewoon een hulpbronnenkonflikt; het gaat om de olie, misschien niet direkt maar dan wel indirekt. De VS willen invloed in de regio omdat ze steeds afhankelijker worden van olie uit dat gebied, het heeft dus alles te maken met de manier waarop wij onze economie inrichten, hoe verspillend we met energie omgaan. We kunnen er dus wel degelijk zelf iets aan doen."  

En daar is het rapport uit voortgekomen. Op een van de laatste dagen van de oorlog kreeg Han van de Wiel de opdracht een rapport te schrijven over de Golfoorlog en het milieu. De helft moest gaan over de ekologiese gevolgen en de andere helft over de politiek en strategiese consequenties die een klup, als Milieu Defensie daaruit zou moeten halen. 

Censuur  

Omdat nog steeds alle informatie geheim is, gaat het grootste deel van het rapport over de politieke consequenties van de Golfoorlog. Het deel dat gaat over de ekologiese gevolgen, behandelt vooral de olievlek en de oliebranden. 

"Wij hebben gemerkt dat er over de milieugevolgen nog veel onzekerheid heerst. Over de meeste dingen weten we helemaal niets, want het zijn gewoon militaire geheimen, bijvoorbeeld de rommel die de Amerikanen en bondgenoten daar achterlaten aan verfresten, dieselolie, smeerolie, PCB's enz. Dat kun je alleen op basis van berichten in de pers vergelijken en schatten. En omdat de meeste aandacht naar de olievlek en de oliebranden uit is gegaan, hebben we ons vooral daarop gericht." 

Olieramp 

"Ervaringen met olierampen hebben geleerd dat de natuur en de zee zich toch redelijk snel kon herstellen, al betekent het vaak wél dat het hele ecosysteem [1] verandert. Biologen vinden dat een ramp, maar er is niets van te zien. Wat betreft de olievlek, denken we dat op korte termijn vooral de lokale vissers er last van zullen hebben, omdat allerlei voedingsgebieden voor vissen op de bodem onder de olie liggen. Een ander probleem is ook dat al het leven wat in de buurt is en niet op tijd weg is kunnen komen, het gevaar loopt te sterven. Omdat de Perziese Golf zouter is dan andere zeeën zal de olie langzamer zinken dan normaal. Maar als hij is gezonken dan wordt hij afgebroken door bacteriën. Er zitten in dit gebied relatief veel van deze bacteriën, maar het kost enorm veel zuurstof om de olie af te breken. Op de langere termijn, met de nodige voorzichtigheid, kan het echt desastreus zijn." 

Greenpeace-woordvoerder Steve Elsmworth: "Het enige waar ik zeker van ben is dat de rook nu mensen doodt. Stilaan komen we tot de conclusie dat de rook een katastrofale weerslag zal hebben op regionaal nivo in een cirkel tot op 1500 kilometer van Koeweit. De samenstelling van de rook is zeer korrosief, irritant en dodelijk voor bijvoorbeeld astmapatiënten. We verwachten dat er in de Arabiese regio duizenden mensen kunnen sterven als gevolg van de rook. En binnen de eerst komende 30 jaar zullen wellicht duizenden mensen fataal vergiftigd worden." (De Morgen 07-03-91) 

Europa 

Na het bekijken van satelietbeelden bij het KNMI is Milieu Defensie van mening dat er niet, zoals op de toppen van de Hymalaya, roet terecht zal komen in de rest van de wereld. 

Han: "Naar alle waarschijnlijkheid zal er geen roet in Europa terecht komen. Soms als het heeft geregend zie je wel eens dat er een laagje zand op autoos ligt. Dat komt van de Sahara, maar daarvoor moet het heel erg hoog komen, het moet namelijk in de stratosfeer komen dan wordt het opgenomen in de straalstroom en kan het over de hele aarde verspreid worden. En dat is dus niet het geval. Veel mensen denken dus dat het een regionaal probleem is. Maar die 'regio' is wel een gebied zo groot als: West en Midden Europa met een straal van 1500 kilometer." 

Ook Greenpeace denkt dat er geen gevaar voor roet in Europa is. De klimatoloog Paul Crutzen zegt echter dat er gevaar is dat zich een zwarte wolk vormt boven de helft van het Noordelijk Halfrond, waardoor de temperatuur onder de wolk met zo'n 5 à 210 graden zal dalen. (De Morgen 07-03-91) 

Olieprijs 

Sommige mensen pleiten voor een stabiele lage olieprijs. Hierdoor zouden konflikten als de Golfoorlog kunnen worden voorkomen en het zou de exporterende landen ten goede komen.  

"Als er een stabiele olieprijs is dan is de druk om te zoeken naar alternatieven en over te schakelen op alternatieve energiebronnen kleiner. Want mensen zijn heel oppertunisties. Als je kijkt naar de derde wereld, kan een olieprijs van 20 $ per vat al desastreus zijn. Sommige derde wereld landen varen er wel bij, die exporteren zelf, andere landen zijn alleen gebaat bij een lage olieprijs. Een voorbeeld. Oeganda werd direkt getroffen door de Golfoorlog omdat de hele transportsector en het openbaar vervoer in elkaar stortte. Mensen moesten te voet naar hun werk. Eén $ per vat meer of minder merk je daar meteen omdat er geen buffer is in de vorm van subsidies e.d. Het hangt dus af vanuit welk perspectief je het bekijkt. Als je vanuit westers milieu perspektief kijkt dan is een hogere olieprijs goed. Maar kijk je vanuit derde wereld perspektief, wat wij natuurlijk ook willen, dan is een hogere olieprijs niet in alle omstandigheden goed." 

Milieubeweging 

"Eén van de dingen die goed bij de milieubeweging passen, in de axiekultuur van de milieubeweging, is om een bepaald produkt of bepaalde produktgroep te boykotten of voor vermindering van gebruik te pleiten. Kijk naar de CFK's die de ozonlaag aantasten. We hebben gewoon gezegd dat er geen spuitbussen meer gebruikt moeten worden. We hebben bereikt dat PVC's uit de verpakkingen zijn verdwenen. Het ene produkt leent zich beter voor zo'n boykot dan het andere.  

"Maar je kunt bijvoorbeeld zeggen: chroom is zó konfliktgevoelig, een groot deel daarvan halen we uit Zuid-Afrika. Als we verder gaan met chroom daarvandaan te halen dragen we bij aan de instandhouding van het konflikt dat daar is. Het is een puur hypoteties voorbeeld, maar we zouden kunnen zeggen: we gaan ons minder afhankelijk maken van chroom, dus gaan we minder chroomprodukten gebruiken, gaan we zoeken naar vervanging zodat we niet meer bij Zuid-Afrika aan hoeven te kloppen.  

"Dat soort dingen zouden we kunnen doen, en dat je kunt stellen dat de westerse economie en Japan een niet duurzame ekonomie is. We souperen de boel maar op en zien wel wat voor rotzooi we over 30 jaar aantreffen. Grondstoffen worden eenmalig gebruikt en komen dan op de afvalhoop terecht, er is geen hergebruik. Zo'n economie leidt tot oorlogen want sommige van die grondstoffen zoals olie, chroom en platina zijn erg belangrijk. En de westerse economie wil gewoon toegang tot die grondstoffen. Als een land hogere prijzen verlangt of een embargo instelt, grijpen ze desnoods naar wapens om zich toegang tot de grondstoffen te verschaffen." 

Taak milieubeweging  

"Als je het zo bekijkt is er ook een taak voor de milieubeweging. De westerse economieën moeten veel energiezuiniger gaan leven, pleiten voor hergebruik en, hoewel dat wat ingewikkelder is, pleiten voor goede grondstof overeenkomsten. Alle grondstofovereenkomsten van de VN en de UNCTAD uit het verleden zijn, op één na, een dode letter gebleven. Dat komt omdat de vraag hiervoor altijd van de grondstofexporterende landen kwam die om hogere prijzen vroegen en de westerse landen hebben daar geen belang bij. 

"Het westen moet inzien dat de derde wereld haar hulpbronnen mag beschermen en dat ze geen uitverkoop hoeft te houden omdat de wereldbank en de IMF dat vragen. Wij vinden dat de milieubeweging op internationaal nivo zich sterker moet maken voor het recht van landen om zijn natuurlijke hulpbronnen, zijn natuurlijke rijkdom te beschermen. En zolang dat niet geregeld is, zul je altijd kleine maar ook konflikten op wereldschaal krijgen om toegang tot die grondstoffen te verkrijgen."   

Grrrrbina 

Naar boven
Naar overzicht dit nummer
Naar Jaargang 1991