UIT: NN #80 van 21 maart 1991
Vluchten voor britse heteroterreur
NN kwam in kontakt met één van de tienduizenden illegalen in Nederland. Het is een blanke man van tegen de veertig, en pedofiel. Hij is gevlucht uit Groot-Brittannië als gevolg van de jacht op mensen die niet fatsoenlijk heteroseksueel zijn. Homo's hebben het slecht in G.B., voor pedofielen is het al helemaal niet om te doen. Pedofilie (althans seks met minderjarigen) is in Nederland ook verboden. We hadden een gesprek met hem. Het nu volgende stuk is de weergave van het verhaal dat hij ons vertelde. Het ging over pedofilie, over zijn vluchtverhaal en over de seksuele repressie in Groot-Brittannië.
Steven, laten we hem zo noemen, is bij het eerste kontakt dat we met hem hebben tamelijk opgefokt. Hij is kwaad. Niet zozeer op ons maar op iedereen waar hij kontakt mee gehad heeft in Nederland en die hem, zegt hij, allemaal in de kou hebben laten staan. Bij alle organisaties waar hij is geweest is hij onbevredigend geholpen, van dwaze vaders tot Vluchtelingenwerk, COC of Act Up.
Omdat hij een pedofiel is en die zijn eng, zegt hij. Omdat hij illegaal is en in Groot-Brittannië gezocht wordt, of omdat hij een verstoring van de dagelijkse gang van zaken is, aandacht vereist, subsidies bedreigd enz. En nu is hij ook nog agressief. Dat is hij niet als je met hem praat en naar hem luistert maar er zijn maar weinig mensen die dat doen.
Onze eerste opmerking tijdens het gesprek voor dit stuk was dat pedofilie geen onomstreden onderwerp was. Dat begreep hij en hij begon te vertellen. De eerste zin die ik opschreef was: "Misschien ben ik er wel net zo bang voor als jullie". Hij praatte over zijn liefde voor jongens vlak voor de pubertijd (12-14 jaar). Zich zeer bewust van de verschillen tussen kinderen en volwassenen. Sommige kinderen zijn seksueel bewuster en die dagen uit, maar anderen niet.
Kinderen spelen, hebben een andere inslag dan volwassenen en zeker wat betreft seksualiteit. We denken geen van allen dat kinderen in staat zijn om in (seksuele) relaties zelf te kunnen kiezen waar hun grenzen liggen en kunnen oordelen over de konsekwenties van gedrag. Ook beaamden we alle drie dat er een groot machtsverschil is tussen volwassenen en kinderen.
Steven vertelt over het kontakt tussen hem en kinderen. En wat hij dus niet wil is misbruik maken van een kind. De relaties met jongens gaan meestal om gewone dingen die je met kinderen doet, zwemmen of voetballen of zo. Soms gaat de relatie verder maar dat gaat heel geleidelijk en, gebeurt lang niet altijd. Het wordt soms seksueel als tijdens een stoeipartij een jongen een erektie krijgt. Op zo'n moment voelt Steven zich schuldig. En alhoewel het hem opwindt dringt hij niet aan om verder te gaan.
Seksualiteit en zeker van kinderen is iets dat als 'onrein' gezien wordt en verborgen dient te blijven. De meeste ouders of volwassenen zouden kinderen bestraffen of een schuldgevoel bezorgen in zo'n situatie. De seksualiteit in de relaties die Steven beschrijft is meer gebaseerd op vertrouwen dat groeit, waardoor een jongen zich niet schaamt en er een seksueel getint spel ontstaat. In dat seksuele spel is opwinding voor het kind anders dan voor een volwassene. De volwassene zal willen klaar komen ("je wilt eigenlijk dat die jongen je aftrekt") en daar komt volgens Steven de macht in de relatie binnen.
Steven is zich bewust van dit verschil tussen volwassene en kind en het verschil in macht. Hij probeert die relatie gelijkwaardig te houden en doet dus niet wat hij als volwassene zou willen. Hij gebruikt een voorbeeld met zijn eigen zoon. Die vond het lekker om van boven tot onderaan zijn rug gestreeld te worden en voor Steven was dat genoeg en bevredigend. Op zo'n manier schaad je niemand.
Er werd, niet voor de eerste keer, een parallel getrokken tussen man-vrouw relaties. Daarin projekteren mannen (soms) hun fantasieën op de vrouwen scheppen hun eigen werkelijkheid. Een man haalt zich bij voorbeeld in zijn hoofd dat een vrouw 'wat wil' doordat ze hem in de ogen kijkt of een biertje aanneemt.
Steven zegt dat over fantasieën veel te weinig wordt gesproken. "Pedo fantasieën zie je weerspiegeld in die kinderporno die hier in Amsterdam op sommige plaatsen gewoon verkocht wordt. Die zijn echt walgelijk, ik denk dan wiens kinderen zijn dat. Maar ik heb wel dezelfde fantasieën als daar in voorkomen."
Over de projektie daarvan op kinderen zegt Steven dat fantasieën niets met de werkelijkheid te maken hebben. "Dat is iets heel intiems, persoonlijks wat van jezelf is. In de werkelijkheid heb je met mensen te maken. Pas nog; er lopen twee jongetjes, prachtige jongetjes, op straat. Mijn fantasie wordt onmiddellijk gekonfronteerd met die realiteit. Die jongens komen uit school of zo en willen spelen. Ik krijg dan alleen de onweerstaanbare neiging om iets tegen ze te zeggen, een groet, iets. Maar dat gebeurt nooit want onmiddellijk komt daar de angst."
Er zijn mannen die rondlopen of rondrijden op zoek naar jongens en seksuele bevrediging. Die geven pedofilie de slechte naam. Voor jongens vlak voor de pubertijd is seksualiteit een spel, iets wat ze ontdekken en op zichzelf en op mannen, vrouwen, jongens en meisjes projekteren. Steven komt soms op een punt dat de seksualiteit heel duidelijk wordt en hij voor het blok gezet wordt. Dat komt als het vertrouwen tussen hem en een jongen groeit. Het gebeurde een keer dat een jongen hem vroeg om hem af te trekken. Toen gingen alle alarmbellen rinkelen.
"Mijn god wat nu". Steven werd op dat moment voor het blok gezet. "Die jongen weet wat hij vraagt, weet dat ik pedo ben. Hij heeft op dat moment macht over mij." Een relatie tussen twee mensen moet gebaseerd zijn op iets gemeenschappelijks, iets wat je in elkaar aantrekt. En er is niets mis met een relatie tussen een man van tegen de 40 en een jongetje van zes. Zolang er maar sprake is van gelijkwaardigheid, het onderkennen van het verschil in macht, respect. Al ga je maar drie keer per week samen voetballen. "Sommige mannen maken dat ik me soms schaam om een man te zijn. In Amsterdam heb ik verschrikkelijke dingen gezien. Mannen overweldigen elkaar, vrouwen en zichzelf. En ik zeg zelfs pas op voor pedo's terwijl ik er zelf een ben."
Clause 28 en verder
Als gezegd, pedofilie is in Nederland ook verboden. Het klimaat in Nederland is erg negatief tegenover pedofilie. Als het onderwerp in de media in de aandacht komt is het negatief. Een voorbeeld is de Volkskrant (zat. 18 maart) met een stuk dat gaat over de Belgische televisie en begint over een gefilmde kinderverkrachting die op t.v. werd vertoond. De kop van het stuk is 'pedofiele praktijk voluit op Vlaamse tv'. Alsof kinderverkrachting de pedofiele praktijk is! In Groot-Brittannië echter zou een gesprek over pedofilie zoals hierboven werd beschreven al snel aanleiding zijn tot een inval, arrestatie en huiszoeking. Het kan alleen stiekem, thuis, met de deur op slot. Als ze iets vinden over een pedofiele relatie zit je al snel vast op een brief of foto o.i.d., zegt Steven.
Homoseksualiteit is tussen volwassenen en niet in het openbaar pas sinds eind jaren '70 legaal. Daarvoor was alles wat niet heteroseksueel was verboden. Daarbij is de leeftijdsgrens gesteld op 21 jaar. Voor heteroseksuelen is die leeftijdsgrens echter 15 jaar. Vanaf die leeftijd kunnen mensen in Groot-Brittannië trouwen, waarmee voor de Britse wet hetero's 6 jaar eerder als volwassen beschouwd worden dan homo's. Homo's die eerder een relatie hebben worden gestraft, als beiden onder de 21 zijn is de kans groot dat mensen in een tehuis terecht komen, zeker als er sprake is van een slechte relatie met de ouders.
Sinds de Clause 28 wetgeving is de repressie van homo's toegenomen. Volgens Steven is een van de redenen en gevolgen van deze wet dat er een 'niet-hetero' vijandig klimaat is ontstaan. Het ontstane klimaat maakt de invoering van verdere beperkingen mogelijk. Een voorbeeld van de Britse aanpak; In 1987 werden nabij Hyde Park in Londen twee Italiaanse mannen gearresteerd. Hyde Park is door de eeuwen heen ontmoetingsplaats geweest voor homo's. De twee mannen werden gearresteerd omdat ze handtassen droegen en elkaars hand vasthielden.
Nu is het in Italië gewoon dat mannen handtassen dragen, de twee mannen waren hetero. Zij vroegen hun regering om maatregelen te nemen tegen de Britse regering. Italië wilde vervolgens juridische maatregelen tegen Groot-Brittannië en dacht aan een veto op het Britse lidmaatschap van de EEG. Daarom werden de mannen ineens vrijgelaten maar om dit soort redenen worden mensen dus opgepakt. De Britse politie probeert mensen te pakken die elkaar op pikken, zoals ze van beide Italianen dachten. Ook strafbaar is 'schending van de publieke eerbaarheid'. In openbare toiletten is vaak verlichting en de politie werkt met videocamera's die in een van de lampen geplaatst worden.
Ook in '87 ging een man zo'n wc in. Terwijl hij op die pot zat voelde hij aan zijn penis, maar meer ook niet. Hij was niet aan het masturberen. Toen hij het toilet verliet botste hij op 3 agenten die hem tegen de grond sloegen en arresteerden. Hij werd wegens schending van de publieke eerbaarheid veroordeeld tot 2 jaar celstraf.
Het resultaat van Clause 28 is druk op het gedrag van homo's/pedo's e.a. Een deel wordt (nog) getolereerd maar de organisaties die opkomen voor homo e.a. rechten en die mensen nodig hebben worden gesloten. Ze sluiten dus geen bars maar sluiten de organisaties waardoor mensen geen steun en hulp meer kunnen krijgen, vertelt Steven. De regering had een tijdje nodig om deze wet door te laten werken.
Het heeft vooral ook effect op het denken van het publiek over (andere) seksualiteit. Mensen gaan denken dat homoseksualiteit (om maar te zwijgen over pedofilie) verschrikkelijk is en gaan het haten. Daardoor is nu het moment gekomen om Clause 25 te lanceren waarmee de homo' e.a. die nog doorgaan kunnen worden aangepakt en opgesloten. Mensen met Aids worden opgesloten in aparte huizen. Het is ze verboden om bijv. in homobars te komen met risico van arrestatie en opsluiting in een psychiatrisch ziekenhuis.
Vluchtverhaal
Steven was als 'sociaal raadsman' (hij bezocht o.a. de man die twee jaar kreeg na dat incident in de wc in de gevangenis) en omdat hij zich roerde en organiseerde bekend bij de politie. De politie kende hem ook door het afluisteren van zijn telefoon, het openmaken van brieven etc.
Steven zegt dat hij in huis woonde met een jongen van 17 die een kamer huurde. Ze hadden geen relatie anders dan huisbaas of kamerhuurder. Begin '88 werd er op een avond aangebeld bij steven. "Voor de deur stond een jongen van een jaar of 12. Hij vertelde dat hij van de krantenwinkel op de hoek was en dat hij geld voor kranten kwam halen die Steven nog moest afrekenen. Steven vroeg hem binnen te komen terwijl hij geld zocht. De jongen maakte een nerveuze indruk en eenmaal binnen zei de jongen dat hij niet wist wat hij eigenlijk bij Steven deed omdat zijn moeder hem had gestuurd.
Steven rook nattigheid en toen hij naar buiten keek zag hij de moeder van de jongen met een aantal politieagenten aankomen. Dat was Stevens einde. Hij werd gearresteerd, er werd huiszoeking gedaan en 20 dozen papier werd in beslag genomen. Na twee weken cel kon Steven op borgtocht naar een 'hostel', speciaal bedoeld voor mensen in afwachting van hun proces. Hij was aangeklaagd op 5 punten en mocht niet meer in de buurt van zijn huis komen. "Daar was inmiddels niet veel meer van over omdat mensen uit de buurt de inventaris van mijn huis met bijlen en messen hadden gesloopt en mijn spullen hadden gestolen." Steven was immers kinderverkrachter in hun ogen.
Na dag één van zijn proces ontsnapte Steven op 8 februari 1988 uit het hostel door uit een raam te klimmen en naar het station te rennen. Daar vertrok op dat moment een trein die hem naar Dover bracht. Vandaar ging hij, zonder papieren wat makkelijk schijnt te gaan, naar het Belgische Zeebrugge en vandaar naar Nederland. Inmiddels is de aanklacht tegen hem uitgebreid met nog twee punten. De belangrijkste aanklachten zijn:
-bezit van materiaal dat onder Clause 28 de publieke eerbaarheid schendt
-bezit van materiaal dat een bedreiging is van de openbare orde
-het binnenlokken van een jongen voor seksuele doeleinden (dat 'krantenjongetje' dus)
-bezit van cannabis
-lidmaatschap van een onwettige organisatie die mannen in kontakt moet brengen met minderjarige jongens
-het doorgeven van onwettige informatie aan anderen.
Nederland
Steven loopt nog steeds op straat rond in Nederland. Hij probeerde tweemaal politiek asiel aan te vragen. De eerste keer had hij met een advocaat een gesprek met de vreemdelingenpolitie en zat daarna een week in het vluchtelingen-opvangkamp in Alkmaar. Zijn zaak was moeilijk zeiden ze daar maar toch werd hij al snel afgewezen. Er werd toen niet verteld dat hij meer kans maakte op humanitair asiel.
Hij wist weer uit Alkmaar weg te komen. Eind vorig jaar probeerde hij een humanitaire asielpoging met een zelfde resultaat als de eerste keer. Alleen zat hij in een ander opvangkamp. Hij had die keer de steun van een rapport van Amnesty International waarin die organisatie zich had uitgesproken over Clause 28 en de situatie in de gevangenissen voor homo's en pedo's. Voor Steven was deze afwijzing zo'n beetje het einde. Op juridisch gebied en omdat geen van de organisaties waar hij in Nederland kontakt mee had gehad hem kon helpen.
Voor het asiel geldt volgens Steven dat Nederland geen rel wil met. Groot-Brittannië over homo's en pedo's omdat er teveel belangen aan de relatie tussen die landen kleven. Stevens grootste angst is nu opgepakt te worden en in de Britse gevangenis terecht te komen. Hij is bang dat niet te overleven. Homo's en zeker pedo's zijn volgens hem vogelvrij in de bajesen. Zij krijgen een speciale veiligheidscatagorie waardoor de rest van de gevangenen gelijk weten waarvoor iemand zit. Vier vrienden van Steven zijn op deze manier al in de gevangenis vermoord. Steven is bang, paranoia zegt hij zelf. Als je hem vraagt of hij over zijn zenuwen is zegt hij geen zenuwen meer te hebben.
Er is alleen nog angst, angst om opgepakt te worden, om een pand te kraken om in te slapen, voor ruzie op straat, voor agenten die hem aankijken. Steven zegt teleurgesteld te zijn in de organisaties op gebied van seksualiteit. Ze laten hem in de kou staan. Of ze willen niet met hem praten omdat dat een te grote belasting of verstoring van de dagelijkse gang van zaken is. Of ze willen na een half uur praten niks meer met hem te maken hebben gezien de aard van zijn problemen. Er heerst een houding van rot jij maar op, ik zit lekker vindt hij.
Ondertussen zwerft hij al drie jaar rond, de langste tijd op één plek was zes weken. Bij navraag bij het COC blijkt dat ze daar geprobeerd hebben Steven te helpen. Ze zochten een advokaat en (in ieder geval) tijdelijke opvang voor hem waar Steven niet op in ging. Wellicht kreeg hij niet de hulp en steun die hij wilde. Door dit soort ervaringen is het COC wel wantrouwig geworden ten opzichte van hem en zullen hem niet meer met open armen ontvangen.
Als deze NN gedrukt wordt loopt Steven nog steeds op straat. Hoewel een deel van de problemen ook aan Steven zelf liggen heeft hij toch hulp nodig. Reakties/suggesties gaarne naar NN.