Ravage   ● Archief    ● Overzicht 1990    ● Overzicht #60


UIT: NN #60 van 28 juni 1990


WNC: GEDACHTEN BIJ EN IDEEňN OVER

Dit gaat over de 139 arrestantentes, waarmee ik de vergelijking maak tussen de ontruiming van het Wolters Noordhof Complex en die van de MariŽnburcht (gebouw van Shell in Nijmegen dat enkele jaren geleden met veel spektakel is ontruimd. Red.). Er zijn volgens mij nogal wat overeenkomsten. Bovendien kan er misschien een soort shit-situatie voorkomen worden wat betreft het reageren op en omgaan met arrestantentes die verklaringen hebben afgelegd.

Mijn interpretatie spreekt niet (bij voorbaat) voor die van anderen. De overeenkomsten die ik zie tussen de ontruiming van het WNC en die van de MariŽnburcht:

-       Beide keren gaat het om een relatief harde ontruiming. Ook de repressie staat bij beide ontruimingen in ongeveer eenzelfde verhouding.
-         Een diskussie achteraf spitst zich toe op het verband tussen het doel en de middelen.
-         Evenals toen zijn er ook nu uitgebreide getuigenverklaringen, en minder uitgebreide, afgelegd. Ten tijde van de MariŽnburcht-ontruiming werd een achttal mensen onvoorbereid op het mogelijke gebruik van art. 140 opgepakt.

Na de ontruiming van het WNC werden 139 mensen opgepakt die allen langere tijd worden vastgehouden, iets waar ook zij ten dele niet op voorbereid waren (ook een zekere samenhang dus). Als de arrestantentes er vanuit zijn gegaan, of als hen is voorgespiegeld dat ze op korte(re) termijn vrij komen dan is dit naÔef te noemen. Het afleggen van verklaringen met als doel eerder vrij te komen, of jezelf of anderen ergens uit redden is natuurlijk net zo goed naÔef.

Ongeveer een maand nadat de acht Nijmeegse arrestantentes waren opgepakt werd het een en ander duidelijk over de omstandigheden waaronder ze vast zaten. De vrij grote verhoordruk had voor justitie vrucht afgeworpen. Het weinige dat hierover naar buiten kwam, leidde in eerste instantie nauwelijks tot reakties of kritiek. Wel stond de halve beweging op haar kop over het toepassen van art. 140. Hoe de arrestantentes met 'hun zaak' omgingen werd schijnbaar niet gezien als probleem van de hele sien, maar voornamelijk als probleem van henzelf en hun steungroepje.

Een paar van de mensen die indertijd een verklaring aflegden, gebruikten hun verklaring om zich van de hele aktie te distantiŽren (anderen verklaarden slechts over zichzelf, nog weer anderen helemaal niets). Na een tijdje verscheen bovendien de zgn.

verradersbrochure Parels voor de zwijnen. Binnen het groepje van acht en hun steungroep werden de interne tegenstellingen zo groot dat de gezamenlijke proces voorbereiding op niets uitliep.

Je kan stellen dat de staat de beweging indertijd een flinke psychologische klap heeft weten toe te brengen, en dat de sien naar haar zelf toe hier nauwelijks een antwoord op heeft weten (en proberen) te vinden.

De brochure van het onderzoeksgroepje PVK brak de diskussie open. Of het nu haar verdienste is dat zij heeft geprobeerd een duidelijke verdeeldheid in de vaagheid van de beweging te zaaien en de manier waarop dit gebeurde, dat is nu niet de vraag. Wel is voor mij duidelijk dat haar kritiek op de zwaktes van de sien in grote lijnen juist was.

N.B. Ik wil even apart ingaan op hoe er over het algemeen (door de sien en individuen) op gegeven kritiek wordt ingegaan. Zeker als het om politieke verschillen van inzicht gaat, wordt er vaak alleen maar gekeken of die kritiek wel of niet op een solidaire manier gesteld is. Vaak wordt kritiek dan ook als bedreigend ervaren. Je gaat in het defensief en reageert daarmee agressief, of misschien wel helemaal niet meer (herkenbaar ook). Jezelf een ander inzicht geven, wordt zo vaak bij voorbaat onmogelijk.

Het 'paniekerige' reageren zal misschien ook een rol hebben gespeeld bij de (niet)reaktie van de arrestantentes en steungroepje van de MariŽnburcht. Dit was m.i. ook het geval bij de toestanden rondom de PVK [1], de Eerste Hulp en Slagerzicht (en de rest). De ideeŽn van de PVK zijn toen nauwelijks ter sprake geweest. Als er indertijd meer op de deels inhoudelijke kritiek was in gegaan, dan was daarmee de agressieve reaktie op de agressieve aktie van de PVK veel duidelijker te verantwoorden geweest (en had er daarna boven gestaan kunnen worden).

De brochure van het onderzoeksgroepje veroorzaakte de nodige beroering. De cynische en woedende manier waarop de kritiek op het omgaan met verraad was gesteld bracht slechts in een paar steden ook werkelijk diskussie op gang. De gevolgen waren verder dat de Nijmeegse arrestantentes en steungroep besloten zich niet meer met de diskussie te bemoeien, en daarmee ook om niets meer over hun interne stand van zaken naar buiten te brengen. (Behalve dit flipten ze er behoorlijk op dat de onderzoeksgroep hun dossiers bij de advokaten had gejat. Ze zagen ook van verdere publiciteit af omdat dit hun proces nadelig kon beÔnvloeden. Iets, wat mij betreft, wat al te zeer van repressiedenken uitgaat).

De reden om dit allemaal op te schrijven, is dat ik het gebeuren van drie jaar geleden wil koppelen aan de situatie van de arrestantentes nu. Van wat mij bekend is, zijn er een stuk of 20 van de 139 die een onvolledige of volledige verklaring hebben afgelegd. Sommigen hebben heel uitgebreid over zichzelf, over anderen en de algemene situatie zitten vertellen. Wat dit betreft is een deel van de bewijsvoering van justitie dan ook rond. (Dat zij misschien niet meer in staat is om art.140 toe te passen, is dan nog mazzel te noemen. Je kan echter niet weten wat ze nog uit hun hoed toveren.)

Toch wil ik de mensen die zo uitgebreid verklaard hebben niet op voorhand op geen enkele manier veroordelen. Ik kan het ze niet kwalijk nemen als ze kompleet tegen de muren zijn opgegaan en daardoor onder de verhoordruk van alles hebben verklaard. Wat voor mij ook zou schelen is als ze hun verklaring (formeel) weer zouden willen intrekken. (Hoe groter de verhoordruk hoe slechter de kwaliteit van de verklaringen lijkt me.) Mochten diegenen dat niet zien zitten dan kan er wat mij betreft vrijuit over hun omstandigheden en redenen gepubliceerd worden.

Ik zou een politieke samenwerking met hen op de korte termijn niet meer zien zitten. Dat geldt ook voor een eventuele kollektieve voorbereiding van het proces. Op het persoonlijke vlak zou ik ze het liefst wel zo veel mogelijk willen blijven steunen.

Wat de arrestantentes en steungroepmensen van de MariŽnburcht betreft: 't gaat me er niet om om zonodig wat oud zeer op te halen. Van ervaringen (en gemaakte fouten) in het verleden, valt volgens mij wat te leren. Het 'reageren op' repressie kan volgens mij ook veranderen in 'zelf het initiatief nemen', maar ik verwacht geen pasklare antwoorden.

Ervaringen met bijv. de startbaanbeweging (akties rond '80 en later tegen de aanleg van een extra landingsbaan bij het vliegveld van Frankfurt. Red.) leren dat ook een schijnbaar sterke beweging zo op haar gat kan gaan. Zolang we echter steeds opnieuw het wiel moeten uitvinden houdt de diskussie wat mij betreft inderdaad niet meer in dan 'parels voor de zwijnen'.


Voetnoot:

1.     'Politieke Vleugel van de Kraakbeweging', zoals ze zichzelf noemde. Groepje dat zich in '88 vooral in Amsterdam zo zakkig gedroeg -o.a. mensen uit de aksiesien bedreigen en mishandelen- dat het zich totaal onmogelijk maakte. Vanwege haar fixatie op 'Het Verraad' beter bekend als 'De Verradersgroep'. Wordt ook wel 'De Onderzoeksgroep' genoemd. De Eerste Hulp is een Amsterdams politiek kafť dat het zich wilde toeŽigenen, Slagerzicht is een linkse Amsterdamse boekhandel die het kort en klein heeft geslagen.

 

 

.Terug naar boven